Alfred
Dreyfus werd op 19 oktober 1859 te Mulhouse geboren als negende en jongste kind
van een welgestelde Joodse familie.
Na de smadelijke nederlaag
van Frankrijk tegen Pruisen in 1871 en de daarop volgende annexatie van de Elzas
kiest de familie Dreyfus uitdrukkelijk voor Frankrijk. Al vroeg staat vast dat
Alfred het vaderland wil dienen door militair te worden. Hij wordt officier bij
de artillerie en een glanzende loopbaan ligt voor hem in het verschiet. Joods
officier, Frans officier!
Hij trouwt in 1890 met Lucie Hadamard, dochter van een welgestelde diamantair.
Het burgerlijk huwelijk wordt door rabbi Zadoc Kahn in de synagoge van Parijs
bevestigd. Na twee jaar hogere Krijgsschool loopt hij bij verschillende
legeronderdelen stage. In 1892 wordt hij stagiair bij de Generale Staf. Sommige
collegae zijn jaloers. Zowel door zijn inkomen (van de textielfabriek van de
familie en van zijn vrouw Lucie) als door zijn opleiding (o.a. Ecole
Polytechnique) onderscheidt hij zich van zijn collega's bij de Generale Staf met
dezelfde rang van kapitein. Deel uitmakend van de Parijse hogere burgerij lijkt
Alfred zijn dagen te slijten als een getalenteerd en welgesteld officier. Maar
zijn leven neemt op 15 oktober 1894 een geheel andere wending, wanneer hij wordt
gearresteerd op beschuldiging van hoogverraad. Vanaf dat moment wordt hij tegen
wil en dank de hoofdrolspeler in een drama dat Frankrijk voor jaren verdeeld zal
houden. Dreyfus is onschuldig, maar wie gelooft hem.
Op 22 december 1894 wordt Alfred Dreyfus, kapitein der artillerie, amper
vijfendertig jaar oud, unaniem door de Krijgsraad wegens hoogverraad
veroordeeld. Slechts één ter zake kundige artillerist maakt van de Krijgsraad
deel uit. Dreyfus wordt veroordeeld tot degradatie en levenslange ballingschap
op het Ile du Diable (Duivelseiland). Duivelseiland of "de droge guillotine",
zoals Victor Hugo het noemde, ligt vlak voor de kust van Frans Guyana. De
degradatieceremonie ontaardt in een volksoploop, waarin de antisemitische kreten
niet van de lucht zijn.
Tijdens het proces achter gesloten deuren was er buiten zijn familie bijna
niemand die geloofde in de onschuld van Dreyfus. Op Duivelseiland verblijft
Dreyfus in eenzame opsluiting. Het is te danken aan de Gideonsbende rond zijn
broer Mathieu Dreyfus dat de zaak Dreyfus niet in de vergetelheid raakt. Dreyfus
weet niets van het optreden van mensen als Henry, overste Picquart, Zola,
Clemenceau, Bernard Lazare of Barrés. In een juridisch en politiek gevecht lukte
het in 1899 om het proces te heropenen. Niet de verwachte en volstrekt
gerechtvaardigde vrijspraak en rehabilitatie, maar een bevestiging van het
eerdere vonnis volgt. De Krijgsraad is slechts bereid tot mildering van het
vonnis tot tien jaar vestingstraf met strafvermindering wegens verzachtende
omstandigheden. Immers, hoe kan je Dreyfus vrijspreken zonder het leger in staat
van beschuldiging te stellen ?
Maar de politieke verhoudingen hebben zich inmiddels zodanig gewijzigd, dat de
president van de republiek Dreyfus - vroegtijdig oud geworden - gratie verleent.
Sommige dreyfusards vinden het accepteren van gratie door Alfred verraad aan de
goede zaak,maar hij is fysiek en geestelijk niet in staat deze martelaarsrol nog
langer te spelen. Alfred krijgt pas in 1906 als zijn zaak geen Affaire meer is
die Frankrijk kan verdelen en verscheuren, genoegdoening, volledige
rehabilitatie en eerherstel. Inmiddels heeft hij het leger verlaten en trekt hij
zich zoveel mogelijk terug uit het openbare leven. Tijdens de Grande Guerre van
'14-'18 dient hij bij de verdediging van Parijs.
Uiteindelijk sterft hij in 1935 op vijfenzeventigjarige leeftijd. |
|
|
|