|
Franklin,
Benjamin (Boston, Mass., 17 jan. 1706 – Philadelphia 17 april 1790),
Amerikaans staatsman, schrijver en natuurkundige, kreeg een opleiding
voor drukker, ging in 1723 naar Philadelphia, waar hij in 1729 de eigenaar werd
van de Pennsylvania Gazette en waar hij zijn faam vestigde door het
uitgeven van Poor Richard's Almanack (jaarlijks, 1732–1757), een
verzameling van populaire informaties en wijsheden. Hij stichtte een American
Philosophical Society (1743), een bibliotheek (1731), een brandweer (1736) en
een academie (1751), waaruit de Universiteit van Pennsylvania zou groeien. Hij
was in zijn dagen een vooraanstaand natuurkundige. Hij ontwikkelde een theorie
van de elektrische verschijnselen, die tot de terminologie van positieve
en negatieve elektriciteit geleid heeft. Zeer bekend is Franklin geworden
door zijn vliegerproef (1752), waarmee hij aantoonde dat bliksem
een elektrisch verschijnsel is. Als vervolg hierop vond hij de bliksemafleider
uit. Hij organiseerde het Amerikaanse postwezen, was de eerste die een
gezamenlijke organisatie der koloniën voorstelde (Albany, 1754) en reisde als
vertegenwoordiger van Pennsylvania naar Londen, waar hij meewerkte aan het
herroepen van de Zegelwet (1766). In 1775/1776 was hij lid van het tweede
continentale congres en met Jefferson lid van de commissie die de
onafhankelijkheidsverklaring moest voorbereiden. Daarna ging hij als gezant naar
Frankrijk, waar hij verheerlijkt werd als de belichaming van de eenvoud en
waarachtigheid van de nieuwe wereld en erin slaagde de regering over te halen
steun te geven aan de Amerikaanse Vrijheidsoorlog .
In 1783 was hij de voornaamste Amerikaanse onderhandelaar en slaagde erin een
zeer gunstige vrede te sluiten. In 1785 keerde hij terug naar Amerika, waar hij
in 1787 een werkzaam aandeel had aan de totstandkoming van de grondwet, omdat
hij het compromis tussen de belangen van de grote en de kleine staten bedacht,
waardoor zij in de Senaat gelijk en in het Huis van Afgevaardigden evenredig
zouden zijn vertegenwoordigd.
Op hoge leeftijd schreef hij zijn beroemde Autobiography (1791), die
talloze malen herdrukt is. Zijn letterkundig werk bestaat vnl. uit korte
stukken: spreekwoorden, fabels, essays, satiren; kenmerkend is de heldere,
bondige stijl. In zijn directheid doet hij aan
Defoe, in zijn ironie aan Swift denken.
De grootheid van Benjamin Franklin is dat hij zo veelzijdig en tevens harmonisch
was, een voorbeeld van de gelukkige en optimistische mens van de Verlichting.
Vaak is hij gezien als de verpersoonlijking van het Amerikaanse leven, vooral
van de zakelijke en alledaagse nuchterheid daarvan. Door verschillende
kunstenaars is hij daarom ook vaak platvloers genoemd, zonder diepgang of
oorspronkelijkheid. Daarentegen is hij verdedigd door vooraanstaande
cultuurhistorici als Carl Becker en Carl Van Doren. |
|
|
|