Op
14 mei 1686 werd de uitvinder van de thermometer, Gabriel Daniel
Fahrenheit, geboren in Danzig.
Hij overleed in Den Haag op 16 september 1736.
Deze Duitse natuurkundige en maker van o.a. meteorologische
instrumenten, vestigde zich in 1717 te Amsterdam, waar hij, hoewel geen
academicus, thuis college gaf in de statica en de optica. Als eerste maakte
Fahrenheit een gemakkelijk afleesbare thermometer, eerst met alcohol, daarna met
kwik gevuld (1714). Hij voerde een temperatuurschaal in waarbij hij als nulpunt
de laagste temperatuur koos, die toen bereikbaar was (met een mengsel van ijs,
water en keukenzout) en waarbij hij als tweede vaste punt de lichaamstemperatuur
koos, die hij aanvankelijk op 12° stelde (ca. 1710), later op 96° (1717), zodat
het vriespunt van water bij 32° kwam en het kookpunt 180° hoger bij 212°. Zijn
schaal is lange tijd gangbaar geweest. In 1724 werd Fahrenheit lid van de Royal
Society te Londen. |
|
|
|