|
Bowie,
David, eigenlijk: David Robert Jones (Brixton 8 jan. 1947), Brits
popzanger en filmacteur, maakte al op zeer jonge leeftijd muziek, maar werd pas
in 1969 bekend door de single Space oddity (naar aanleiding van de film
2001: A space odyssey van Stanley
Kubrick). In de jaren zeventig en tachtig bereikte zijn populariteit grote
hoogten, doordat hij als geen ander de kunst verstond om ontluikende trends in
de popmuziek (glamrock, funk, ambient, new wave etc.) te absorberen en
toegankelijk te maken voor een een groot publiek. Bovendien wist hij de aandacht
van de media op zich gericht te houden door zich in extravagante kleding te
hullen. Belangrijke hits uit die tijd zijn o.a. The Jean Genie (1973),
Fame (1975), China girl (1983), Dancing in the street (1985,
samen met Mick Jagger), en een reeks
indrukwekkende LP's: o.a. Hunky Dory (1972), The rise and fall of
Ziggy Stardust and The Spiders from Mars (1972), Young Americans
(1975), Station to station (1976), Low (1977), Heroes
(1977), Let's dance (1983)). Tegen het eind van de jaren tachtig leek
David Bowie het artistieke spoor bijster te raken toen hij zijn solocarrière
verruilde voor de onsuccesvolle doorsneerockgroep Tin Machine. Vanaf 1995 vond
Bowie echter weer nieuwe bronnen in contemporaine cultstromingen als industrial
en jungle en hernam hij zijn plaats aan de top met albums als Outside
(1996) en Earthling (1997) en hits als Hello spaceboy (1996) en
Little wonder (1997). Als acteur is Bowie te zien in films als The man
who fell to earth (1975) van regisseur Nicolas Roeg, Merry Christmas, Mr.
Lawrence (1982) van Nagisa Oshima en als Andy Warhol in Basquiat
(1996) van Julian Schnabel. |
|
|
|