|
Caruso,
Enrico (Napels 25 febr. 1873 – bij Napels 2 aug. 1921), Italiaans zanger
(tenor), studeerde bij Vergine en Lombardi en werd na zijn opvallende vertolking
van Loris bij de premiëre van Giordano's Fedora (1898) door de Scala te
Milaan geëngageerd. In 1902 debuteerde hij te Londen, in 1903 te New York waar
hij tot zijn dood als eerste tenor aan de Metropolitan Opera verbonden was.
Caruso was door zijn unieke stem en zijn acteertalent de grootste tenor van de
eerste helft van de 20ste eeuw. Aanvankelijk trad hij alleen op als lyrisch
tenor, later ook als heldentenor. Hij had 37 rollen op zijn repertoire en muntte
vooral uit in het veristisch genre. Zijn beroemdste creaties zijn Canio in
Leoncavallo's I Pagliacci en Rodolfo in
Puccini's La Bohème.
Als een der eerste zangers maakte hij opnamen voor de
grammofoonplaat. |
|
|
|