|
John
Davison Rockefeller werd geboren in Richford, New York, op 8 juli 1839.
Deze Amerikaanse industrieel en miljardair kwam uit een eenvoudig gezin en begon
als kantoorbediende in Cleveland, maar associeerde zich na de eerste ontdekking
van aardolie in 1859 met een zekere Samuel Andrews. Die had een manier
uitgevonden om ruwe aardolie te zuiveren. Met zijn broer William stichtte
Rockefeller de Standard Oil Works (1865) en in 1870 werd hij president van de
Standard Oil Company of Ohio.
Rockefeller was het type van de niets ontziende zakenman. Hij slaagde erin
binnen tien jaar al zijn concurrenten te elimineren, dikwijls op gewetenloze
wijze, zodat zijn concern, sinds 1881 de Standard Oil Trust geheten, praktisch
een oliemonopolie kreeg in de Verenigde Staten. Wel werd er van overheidswege
tegen deze machtsconcentratie opgetreden (1892, verbod van zijn trust door het
hooggerechtshof van de staat Ohio), maar door verplaatsing naar New Jersey en
handige manipulaties wist hij zijn onderneming in stand te houden, zelfs nadat
in 1911 het Hooggerechtshof in Washington de ontbinding van zijn onderneming
beval. In datzelfde jaar trok Rockefeller zich terug uit de zaken met een
fortuin dat wordt geschat op één miljard dollar.
Rockefeller bekostigde de stichting van de universiteit van Chicago (1892), The
Rockefeller Institute for Medical Research te New York City (1901; sinds 1965
Rockefeller University geheten) en de Rockefeller Foundation (1910), welke
laatste zich aanvankelijk toelegde op zuiver filantropische hulpverlening, maar
zich later meer richtte op het wetenschappelijk onderzoek inzake acute en
actuele problemen van mensheid en samenleving. Rockefellers betekenis als
industrieel leider is zeer groot geweest, hij was de eerste van de robber barons
(een scheldnaam voor grote zakenlieden die aan het eind van de negentiende eeuw
de Amerikaanse industrie opbouwden, maar tevens monopoliseerden). John D.
Rockefeller overleed in Ormond Beach op 23 mei 1937.
Zijn zoon John Davison Rockefeller jr. (1874-1960), die in 1911 de zaken van
zijn vader had overgenomen, schonk in 1947 in New York de grond voor de bouw van
het hoofdkantoor van de Verenigde Naties. |
|
|
|