De
Britse chirurg Joseph Lister (1827-1912) wordt gezien als de grondlegger van de
antiseptie.
Joseph Lister werd geboren in Upton, Essex en maakte in 1865 kennis met de
bacterietheorie van Pasteur. Toen deed hij reeds pogingen om tijdens operaties
wonden schoon te houden van bacteriën. Hij gebruikt de vloeistof fenol om wonden
te reinigen. Deze methode wordt nu niet meer toegepast, maar Listers principe
–je moet besmetting van een wond voorkomen door schoon te werken– is nog steeds
één van de belangrijkste basisregels in de huidige chirurgie.Hij ontsmette niet
alleen de letsels en de wonden (antisepsie) maar ook alles wat de wonde ging
raken tijdens de operatie (asepsie). Hij gebruikte een spray om de omringende
lucht te zuiveren. Veel mensen stierven inderdaad van een infectie na een
operatie. Ondanks duidelijk betere resultaten won het 'Listeren'
maar zeer langzaam terrein. In de oorlog van 1870/71 gebruikten de Pruisen de
spray wel vrij vaak, maar de Franse chirurgen bijna niet. De overgang van
antisepsis naar asepsis vol trok zich ongemerkt in het nieuwe Duitse Rijk. Een
definitieve doorbraak werd bereikt toen Gustav Adolf Neuber in Kiel (1886) een
nieuwe aseptische wondbehandeling in zijn privé-kliniek invoerde. De uitbreiding
van de nieuwe methode op alle chirurgische toepassingsgebieden dankt men aan de
gelijktijdig werkzame Ernst von Bergmann in Berlijn, die in 1887 samen met zijn
assistenten de stoomsterilisatie en de schimmeltrommel invoerde. Joseph Lister
overleed in het jaar 1912. |
|
|
|