De
Italiaanse schilder Paolo Veronese (echte naam Paolo Caliari) werd
geboren in Verona in het jaar 1528 en overleed in Venetië op 19 april
1588.
Veronese wordt aanzien als één van de grootsten uit de Venetiaanse
School van de 16de eeuw. Hij verhuisde na zijn leerjaren bij
Antonio Badile te Verona waarschijnlijk in 1551 naar Venetië. Zijn
vroegste werken dragen sporen van een vooral door Parmigianino
geïnspireerde 'maniera', maar al spoedig kreeg zijn naturalistische
visie de overhand. De grote Madonna van de familie Pesaro van Titiaan is
kennelijk het voorbeeld geweest voor Veroneses Pala Giustiniani (ca.
1552; S. Francesco della Vigna, Venetië). Met dit eerste belangrijke
schilderij dat hij in Venetië vervaardigde bewees Veronese zijn voorkeur
voor een stijl waarin de realiteit monumentaal en weelderig wordt
weergegeven.
Weldra kreeg hij ook de kans om zijn bijzondere gaven te tonen op het
gebied van de plafonddecoratie. Zijn in onderaanzicht uitgevoerde
allegorische taferelen in de Sala del Consiglio dei Dieci en de Sala dei
tre Capi van het Dogenpaleis (1553) bezitten een illusionistische (zie
illusionisme) en plastische kracht, die herinnert aan de kunst van
Giulio Romano in Mantua, maar in de lichtbehandeling van een feestelijk
kleurengamma laten zien hoe Veronese het voorbeeld van Titiaan
vertolkte. Beide invloeden kwamen nogmaals op grandioze wijze tezamen in
de drie taferelen uit de geschiedenis van Ester op het plafond van de S.
Sebastiano (1556) met hun in sterk perspectivische (zie perspectief)
verkorting geconstrueerde composities en suggestieve contrasten van
licht en donker.

De doop van Jezus
|
![Pietà [detail: 1]](Veronese_Pieta_detail1.jpg)
Pieta |

De vondst van Moses |
Gaandeweg verliet hij deze decoratieve en retorische benadering voor een
elegantere en harmonischere stijl. In zijn coloriet nam Veronese slechts
bij uitzondering de warmbloedige en dramatische kwaliteiten over die hij
bij Titiaan kon vinden; het is eerder Lombardisch dan Venetiaans te
noemen, zilverig en soms koel van toon, maar uitermate fijngevoelig. Ook
in de natuurgetrouwe uitbeelding van kostbare weefsels bereikte hij een
ongeëvenaard meesterschap. Zijn grote talent om majestueuze en toch zeer
harmonische taferelen op te bouwen, maakte Veronese tot een geniaal
schepper van feestelijke en imposante decoraties. De in de jaren zestig
tot stand gekomen fresco's van de door Andrea Palladio gebouwde Villa
Barbaro te Maser, ten noordwesten van Treviso, getuigen hiervan.
Omstreeks dezelfde tijd maakte hij zijn Bruiloft te Kana (Musée du
Louvre, Parijs), de eerste van een reeks soortgelijke
'maaltijdvoorstellingen' van zeer grote afmetingen. Hierop zijn in zalen
of zuilenhallen talrijke figuren bijeengebracht: de bijbelse
hoofdpersonen verdwijnen bijna in de menigte van modieus geklede
toeschouwers.
In het zeer omvangrijke oeuvre van Veronese nemen naast de talrijke
altaarstukken en de plafonddecoraties in het Palazzo Ducale (behalve de
reeds genoemde nog die in de Sala del Collegio, 1575-1577, en de Sala
del Maggior Consiglio, 1583), de aparte portretten een betrekkelijk
kleine plaats in. Er zijn echter bijzonder fraaie beeltenissen van zijn
hand bewaard gebleven, verscheidene ten voeten uit. Zonder veel
psychologische diepgang te bezitten, brengen ze op de beschouwer het
savoir-vivre van de Venetiaanse patriciërs over. Na 1570 vertoont zijn
werk nogmaals veranderingen: coloriet en lichtbehandeling worden warmer
en poëtischer, terwijl sommige onderwerpen een geheel nieuwe dramatische
interpretatie krijgen, mede dankzij het suggestieve clair-obscur. De
invloed van Tintoretto is onmiskenbaar in Veroneses late religieuze
werken (bijv. de tragische Kruisiging van ca. 1580; Musée du Louvre,
Parijs), terwijl Veroneses mythologische composities, zoals Venus en
Adonis (ca. 1580; Prado, Madrid), de volle rijkdom van Titiaans palet
bezitten.
|