Wonder,
Stevie, eigenlijk: Steveland Judkins (Saginaw, Mich., 13 mei 1950),
Amerikaans popzanger en -musicus, bekwaamde zich reeds op jeugdige leeftijd in
het bespelen van een grote hoeveelheid instrumenten en componeerde al op
twaalfjarige leeftijd. De blindgeboren Stevie had in 1963 een hit met de rhythm
and blues-instrumental Fingertips, die hij toen nog maakte onder de naam
‘Little’ Stevie Wonder. Hierna werd hij lid van het rondreizend soulcircus van
de platenmaatschappij Motown. Een nieuwe periode in zijn carrière volgde met het
door hemzelf geproduceerde album Signed, sealed, delivered (1970), gevolgd door
een voor het eerst volledig zelfgeschreven album, Where I'm coming from (1971).
Met het aansluitende Music of my mind (1972) raakte hij voor het eerst aan zijn
later kenmerkende amalgaam van broeierige, funky synthesizersoul en meeslepende,
zeer emotionele ballads, gekleurd door zijn buitelende stemgeluid en dito
monharmonikaspel. Met het vervolmaken van deze ‘sound’ ontwikkelde Wonder zich
tot de meest vernieuwende zwarte popartiest van de jaren zeventig, met het
dubbelalbum Songs in the key of life (1976) als indrukwekkend hoogtepunt. Deze
plaat wordt algemeen beschouwd als een der beste uit de popgeschiedenis. Vanaf
midden jaren tachtig ging zowel zijn artistieke belang als zijn populariteit
sterk achteruit, een enkele opleving daargelaten.
WERK: (behalve de genoemde): Hitsingles: Blowin' in the wind (1966);
Yesterme, yesteryou, yesterday (1969); Superstition (1973); I wish (1979);
Master blaster (1980); Happy birthday (1981); Ebony and ivory (1982; met Paul
McCartney); I just called to say I love you (1984); Part time lover (1985); Get
it (1988, met Michael Jackson); How come how long (1997; met Babyface). –
Albums: Recorded live/the 12 year old genius (1963); Talking book (1972);
Innervisions (1973); Secret life of plants (1979); Hotter than July (1980);
Music from the movie Jungle fever (1991); Conversation peace (1995). |
|
|
|