header componisten

 


 Worldwidebase start met een
eigen startpagina site ! Klik hier <<<<

 maak van deze website uw startpagina !

WorldwideBase
Alle wwbase pagina's

 

César Franck

 

 
   


 

 

 

Franck, César (Auguste Jean Guillaume Hubert)

(Luik 1822 - Parijs 1890)


Belgisch-Frans componist, organist en pianist. Franck kreeg van zijn uit Duitsland afkomstige ouders, die hoopten op een wonderkindcarrière, een gedegen muzikale opleiding. In 1831 werd hij ingeschreven aan het conservatorium van Luik. In 1835 vestigde de familie zich tijdelijk in Parijs, waar Franck - nog te jong voor het Parijse conservatorium - les kreeg van Anton Reicha. Deze leermeester van o.a. Liszt, Berlioz en Gounod is voor zijn muzikale ontwikkeling van groot belang geweest.

In 1837 werd Franck leerling piano, orgel en compositie aan het conservatorium van Parijs, waar hij vele prijzen verwierf, o.a. de Grand Prix d'Honneur, de enige die ooit werd uitgereikt. In 1842 verliet hij vrijwillig het conservatorium, ging terug naar Luik en maakte nog hetzelfde jaar een concertreis door België met zijn broer, de violist Joseph Franck (1825-1891). In 1844 vestigde hij zich voorgoed in Parijs; het jaar daarop trad hij in het huwelijk met zijn leerlinge Félicité Desmousseaux.

Tot 1860 schreef Franck geen werken van grote betekenis; in 1845 ontstond het oratorium Ruth , dat hij, tot het in 1872 in druk verscheen, nog regelmatig herzag; de opera Le valet de ferme (1851-53) werd nimmer uitgegeven. Franck leidde een teruggetrokken bestaan als leraar en als organist - hij was een geniaal improvisator - eerst aan de Notre-Dame-de-Lorette, later aan de St.-Jean-St.-François. In deze laatste kerk had hij de beschikking over een nieuw orgel, gebouwd door Aristide Cavaillé-Coll. Ook de Sainte-Clotilde, waar hij van 1858 tot aan zijn dood organist is geweest, had een Cavaillé-Coll-orgel. `Mon nouvel orgue, c'est mon orchestre' moet Franck uitgeroepen hebben. Tussen 1860 en 1862 ontstonden zijn Six pièces pour grand orgue , in 1878 de Trois pièces en in 1890 de Trois chorals.

In 1872 werd Franck benoemd tot orgelleraar aan het conservatorium; hierna ontstonden vrijwel al zijn belangrijke werken: de oratoria Rédemption (1872), Les béatitudes (1879) en Rebecca (1881), de symfonische gedichten Les éolides (1876), Le chasseur maudit (1882), Les Djinns (1884) en Psyché (1888), de Variations symphoniques voor piano en orkest (1885), de symfonie in d (1888), het pianokwintet (1879), de vioolsonate (1886) en het strijkkwartet (1889). Voor piano schreef hij Prélude, choral et fugue (1884) en Prélude, aria et final (1886). Ook de titels van deze klavierwerken geven aan hoezeer zijn componeren wortelde in de orgelcultuur, maar dan de cultuur van de orgels van Cavaillé-Coll, die gebaseerd waren op een nabootsing van de orkestklank.

Een hele generatie Franse componisten is door Franck beïnvloed. Tot zijn leerlingen behoorden o.a. Vincent d'Indy, Henri Duparc, Ernest Chausson, Gabriel Pierné en Louis Vierne. Karakteristiek voor Francks componeren is het werken vanuit enkele melodische of ritmische cellen (d'Indy, die ook de eerste biografie van Franck schreef (1906), noemde ze `cellules génératrices'), bestaande uit kleine intervallen: secunden of tertsen. Zijn harmoniek is een zeer persoonlijke vertaling van Liszts en Wagners chromatiek; door voortdurende modulaties ontstaat een bijna `zwevende tonaliteit'. Deze aantasting van de traditionele harmonische logica is een belangrijke stap geweest in de richting van het impressionisme van Debussy.

 
   

footer componisten

 

 

 
 

uw eigen startpagina
© copyright Wisetogo 2006
Privacy Statement