header componisten


 maak van deze website uw startpagina !

WorldwideBase
Alle wwbase pagina's

 

De stem

 

 
   


 


 

 


 

 

 

 


 

 

De stem - Het orgaan, het mechanisme
Om te spreken en te zingen maken we geluid. Dat doen we met onze stem. Het geluid ontstaat in het strottenhoofd (strot of larynx); een orgaan waarin een subtiel bouwwerk van spieren, pezen, botten, kraakbeen en zenuwen samenwerkt om gebruik te maken van onze ademstroom. De ademstroom breng de stembanden in trilling. In ons lichaam resoneert de trilling voort; onze stem klinkt. Stem, zoals aanwezig in spreken en zingen noemt men ook wel de secundaire functie van de larynx. De primaire (primitieve) functie van de larynx is het vermogen om de stembanden te sluiten om zo te kunnen persen (bij het baren van en kind, bij het ontlasten en bij tillen). Andere primaire functies zijn: hoesten en gapen.
Wilt u de menselijke stembanden in actie zien, klik dan
(bron : www.med.vu.nl )

De stem - geschiedenis en ontwikkeling
De stem is er altijd geweest; tijdens onze ontwikkeling van baby tot volwassene, maar ook tijdens de evolutie van de mens. In beide gevallen is er sprake van een specialisatie van de functie van de stem. Eerst zijn er alleen geluiden en klanken; een primitief spel van expressie en waarneming. Daarna leren we de stem controleren en hanteren als middel waarop de articulatie kan worden 'gemonteerd'. Deze toenemende controle van de stem vindt auditief, (dat wil zeggen; op het gehoor) plaats. Ons geluid past zich aan aan de geluiden in onze omgeving. Tegelijkertijd vindt met deze specialisatie tot specifieke functies als spreken en zingen een verlies van stemmateriaal plaats. Zelden krijgt de stem dan nog de kans om vrij aan ons lichaam te ontsnappen. De beoordeling van het geluid via de controle van de oren / het gehoor is zeer sterk en vindt onbewust en onwillekeurig plaats. Geluiden die afwijken van het bekende worden onmiddellijk gecorrigeerd of afgebroken (door te stoppen, te kuchen, te lachen etc.). Op deze manier is het mogelijk de stem tijdens onze geschiedenis en ons leven te laten evolueren tot wat zij nu is: een beschaafd en doelmatig gecontroleerd geluid, dat aan de algemeen geldende normen voldoet.

De stem - plaatselijke/geografische-, sociaal/culturele-, en tijdsinvloeden
De ontwikkeling van de heersende stemkwaliteit is gebonden aan criteria die plaats-, sociaal-cultureel- en tijdgebonden zijn. Net zoals lichaamsbouw, omgangs- en uitingsvormen en dynamiek van leven samenhangen met het heersende klimaat, de streek het landschap en het klimaat waarin men woont, en de tijd waarin men leeft. Europese stemmen verschillen van Afrikaanse stemmen. Een groot cultuurverschil, bijvoorbeeld, is het onderscheid tussen mannen- en vrouwenstemmen, dat in de ene cultuur groot kan zijn (Europa, Amerika) en in de andere klein, of bijna niet aanwezig (Azi).
Het temperament en de aard van een volk of bevolkingsgroep manifesteren zich in het geluid en de hantering van de stem. Zo zijn er de meer expressieve, emotionele en extraverte culturen (Mediterraan gebied) en de meer vlakke, rustige en introverte culturen (Siberisch, Germaans).
Iedere cultuur drukt op een andere manier de waarde uit die wordt gehecht aan specifieke stem-kenmerken, en iedere cultuur doet een beroep op andere stem-vaardigheden. De verhouding en samenhang tussen al deze factoren bepalen uiteindelijk voor een groot deel hoe een stem gaat klinken.

De stem - persoonlijke invloeden
Mensen onderscheiden zich van elkaar door hun persoonlijke geluid. Voor ieder mens persoonlijk gelden er factoren, zoals hierboven beschreven, die de kleur en dynamiek van de stem bepalen. Tijdens onze groei wordt onze stem bepaald door de ontwikkeling van ons strottenhoofd. De belangrijkste ontwikkelingen daarin zijn de ontwikkeling van kinderstem naar volwassen stem, met als markant punt de puberteit (bij de stem: de mutatie) en, bij ouderdom de ouderdomsmutatie. Daarnaast zijn er de persoonlijke factoren die hun bijdrage aan de stem leveren: lichaamsbouw, beweeglijkheid, karakter en opvoeding, de invloed van de directe omgeving.

De stem - gebruik, dynamiek, melodie
De melodie, dynamiek en aanwezigheid van stem in een bepaalde spreek- of zangstijl verschilt enorm. In sommige talen is er weinig stem aanwezig in de spraak, omdat er een bepaalde verhouding bestaat tussen de verdeling van klinkers ('sonanten' = stem) en medeklinkers (consonanten = geen stem). In het Russisch is het niet ongebruikelijk dat meerdere medeklinkers elkaar opvolgen (Dnjepr). In het Italiaans is de verdeling meer in verhouding; in deze taal eindigen veel woorden echter op een klinker, waardoor een de woorden een klankrijk einde hebben. De verhouding stem / lucht tijdens is van invloed op de helderheid van het stemgeluid; hoe meer lucht, hoe meer 'geruis' de stem laat horen. De plaats in het lichaam waar de stem meer of minder meetrilt (resoneert) benvloedt de klankkleur; zo kan een stem bijv. meer nasaal (in de neus), kelig (in de keel) en rond, vol (in de borst) klinken.
Gesproken talen zijn vaak al van elkaar te onderscheiden door de mate waarin de melodie een meer of mindere mate aanwezig is (vergelijk, bijvoorbeeld, Nederlands en Frans; de laatste taal heeft een meer beweeglijke melodie). In sommige talen is de melodie van de stem z belangrijk, dat deze zelfs een betekenis onderscheid aanbrengt (klanktalen zoals Thai en Chinees). Een woord of klankenreeks verschilt dan in geen enkel kenmerk van een ander dan in de melodie, en verschilt daardoor in betekenis. Ook binnen n taal zijn soms duidelijke verschillen waar te nemen tussen meer melodieuze (Limburgs, Rotterdam) en minder melodieuze (Veluws, Achterhoeks), plaatsgebonden dialecten.
Bij bepaalde volken, stammen of bevolkingsgroepen was (of is) het van belang om een groot stemvolume te kunnen hanteren. Praktisch, voor het overbruggen van afstanden of, in andere gevallen, statusverlenend of bepalend. In spreekberoepen is een zekere dynamiek van de stem van belang. In beroepen als zanger en acteur speelt ook de vaardigheid om dynamiek, melodie, bereik (hoogte en laagte) en persoonlijke/emotionele stemkenmerken te beheersen een belangrijke rol.

De stem - primitief geluid en sociaal geluid
De stem heeft niet alleen een functie bij spreken en zingen, maar begeleidt in feite vele handelingen en bewegingen. Deze stem heeft niet direct een communicatieve functie. Een van de meest bekende functies is de signaal-functie: uitroepen bij schrik, pijn, verrassing. Een andere rol heeft de stem bij het vertolken of begeleiden van onze emoties zoals huilen, schreeuwen of lachen. Ook deze stemmen zijn per cultuur verschillend en gaan gepaard aan verschillende emoties. Tenslotte zijn er nog de zogenaamde oerschreeuwen of -geluiden bij het baren van een kind, tijdens vrijen en orgasme en de geluiden bij het sterven. De stem is dus niet moeilijk in verband te brengen met het lichaam, primitieve drijfveren en behoeften van de mens. Hoe essentieel deze geluiden ook zijn; de mens bedient zich van een zeer fijn ontwikkelde manier van communiceren, waarbij de stem ondergeschikt is en de het verstand, de hersenen de hoofdrol spelen. De mens spreekt. Tegelijkertijd zouden we echter kunnen stellen dat de mens zwijgt.

De stem - spreken en zingen
Bij spreken speelt de stem dus een grote rol. Alle klinkers in de spraak bestaan uit stemklanken (in het Nederlands bijv. de [e] [ee] [u] [uu] [i] [ie] [ij] en [eu]). De medeklinkers uit geluiden die door lippen en tong worden geproduceerd waarin de stem geen, of een bescheiden rol speelt (in het Nederlands zijn dat bijv. de stemhebbende [z] en [v] en de stemloze [s] en [t]). Per taal of dialect kunnen de klanken erg verschillen. Sommige talen hebben klanken die in andere talen niet voorkomen, of maken gebruik van meerdere verfijningen waar in een andere taal slechts n klank bestaat. Een opvallend fenomeen daarbij is, dat degene die een dergelijke taal niet beheerst, die klanken ook niet van elkaar kan onderscheiden, laat staan een manier vindt om ze te produceren. Een mooi voorbeeld van 'voorgeprogrammeerde' (cultuurbepaalde) werking van onze oren!

Technisch gezien is klankvorming een vorm van stembeheersing op het niveau van het zogenaamde 'aanzetstuk': keel, neus en mondholte. Het stemgeluid dat als basis- of grondtoon door deze ruimte wordt gestuurd, krijgt zijn uiteindelijke vorm (de klank) door de positie van de kaak, tong, lippen en wangen te variren. Uit de grondtoon ontstaan op deze manier boventonen 'boven' de grondtoon, waardoor de uiteindelijke klank of klinker vorm krijgt. Zo ontstaat het verschil tussen bijv. een [oo] of een [aa]. De klankkleur wordt verder bepaald door de kleur van ons eigenlijke stemgeluid, onze stem.

Een staaltje van stembeheersing en kleuren van klanken in verschillende culturen wordt toegepast in zingen. Tijdens zingen gebruikt men voornamelijk de klinkers uit de spraak. Deze worden langer aangehouden, in toonhoogte gevarieerd, maar ook in volume en klankkleur. In sommige culturen of zangstijlen speelt de rol van grondtonen een dominante rol en worden de boventonen gebruikt voor helderheid en kleuring, in andere culturen of stijlen wordt extra aandacht besteed aan het cultiveren van boventonen, die daarbij een geheel eigen rol krijgen. Tenslotte moet de stem een bepaald bereik in hoogte en diepte te omvatten en zich over grotere afstanden te kunnen verplaatsen.

Ook tijdens acteren is beheersing van de stem noodzakelijk. een acteur vertolkt met de stem emoties en karakters en projecteert een spreekstem in grote ruimtes. Verder is het nodig toegang te hebben tot een groot arsenaal aan geluiden om de (gewone) stem niet te hoeven forceren, beschadigen of zelfs verliezen. Dit alles moet worden gerealiseerd tijdens het acteren of spelen.

 
 
   

Nieuwe pagina 1



uw eigen startpagina

copyright WorldwideBase 2005-2009