header componisten

 


 Worldwidebase start met een
eigen startpagina site ! Klik hier <<<<

 maak van deze website uw startpagina !

WorldwideBase
Alle wwbase pagina's

 

Hugo Wolf
 

 
   



 

 

Wolf, Hugo (Philipp Jakob)

(Windischgrätz [thans Slovenj Gradec, Slovenië] 1860 - Wenen 1903)

Oostenrijks componist. Wolf kreeg zijn eerste piano- en vioollessen van zijn vader, Philipp Wolf, en ging in 1875 naar het conservatorium van Wenen, waar hij piano en harmonie studeerde. Hij was een schuw mens, die weinig vrienden had en die die weinige vrienden door kwetsende woorden of gedrag vaak nog van zich vervreemdde. Hij raakte dan ook niet opgenomen in de leef- en werksfeer van het conservatorium, dat hij na anderhalf jaar weer verliet. Als pianoleraar voorzag hij in zijn karige levensonderhoud.

Zijn vriend en studiegenoot Gustav Mahler ontfermde zich over hem. Van 1884 tot 1887 mocht hij recensies schrijven in het Wiener Salonblatt. Maar zijn felle kritieken, pro-Wagner en anti-Brahms, bezorgden hem nog meer vijanden. Componeren deed hij in die tijd weinig, en wat hij schreef, kwam slechts moeizaam tot stand. Na de dood van zijn vader, in 1887, ontwaakte echter zeer plotseling een niet te stuiten scheppingskracht. Omvangrijke liederencycli ontstonden nu de een na de ander: 20 Eichendorff-Lieder , 53 Mörike-Lieder , 51 Goethe-Lieder , het Spanisches Liederbuch , met 44 liederen, 6 Keller-Lieder en het eerste deel van het Italienisches Liederbuch , met 22 liederen. Het was toen voorjaar 1891.

Plotseling doofde de inspiratie weer. Gelukkig begonnen de inkomsten van zijn liederen hem nu op bescheiden schaal onafhankelijk te maken. De langgekoesterde wens om een opera te schrijven, begon Wolf in 1895 te realiseren; in 1896 ging Der Corregidor in Mannheim in première, maar werd geen succes. Andere theaters wezen het werk af, en ook zijn vroegere vriend Mahler, inmiddels directeur van de Wiener Staatsoper, zag geen kans het werk op het repertoire te nemen. Wolf raakte daardoor geheel van streek en een wellicht al lang latente krankzinnigheid werd in de vorm van grootheidswaan manifest. Hij achtte zich het grootste operagenie aller tijden.

Wel ontstond in 1896 het tweede deel van het Italienisches Liederbuch , met 24 liederen, terwijl onmiddellijk daarna nog liederen volgden op teksten van Heine, Byron en Michelangelo. Deze tweede golf van productiviteit was echter van kortere duur. Zijn ziekte verergerde snel. Na een korte psychiatrische opname volgde een kortstondige verbetering, maar na een mislukte poging tot zelfmoord werd hij definitief opgenomen. Van het succes van zijn liederen heeft hij niet kunnen profiteren. Hij overleed op 42-jarige leeftijd.

Behalve een schat aan liederen met pianobegeleiding, componeerde Wolf o.a. een strijkkwartet (1878-1884), een Italienische Serenade (1892), het symfonisch gedicht Penthesilea (1883-1885, naar Kleist), zes a capella-koren en wat toneelmuziek. Maar zijn grote belang ligt in zijn liederen. Met Schubert, Schumann en Brahms behoort Wolf ongetwijfeld tot de grootste liedcomponisten van de 19e eeuw. Hij vond een volledige synthese tussen de vocale melodie en de begeleiding, die een aanvullende en illustrerende rol heeft en tot grote zelfstandigheid uitgroeit. In het bijzonder boeit de wijze waarop Wolf de psychologische inhoud van de teksten wist te verklanken.

 
   

footer componisten

 

 

 
 

uw eigen startpagina
© copyright Wisetogo 2006
Privacy Statement