|
LAND VAN HERKOMST : Engeland
GESCHIEDENIS
Honden die goed konden apporteren hebben eeuwenlang bestaan in Engeland. De honden konden zowel over land als uit
het water, wild en gevallen vogels terugvinden. Ze konden die, zonder ze te beschadigen, naar de jager brengen. In
het midden en het laatste deel van de 19de eeuw werd ook de Golden Retriever gefokt om die rol te vervullen. Het
ras werd bedacht door Lord Tweedmouth. Hij combineerde de oude Tweed Waterspaniel, de niet meer bestaande Lesser
Newfoundlands, Ierse Setters,
Bloedhonden en andere
Waterspaniels. De nadruk viel op talent
als waterhond en een robuust uiterlijk. Zo ontstonden de geelgetinte honden die het talent, het instinct en de
lichaamsbouw hadden om talentvolle 'apporteurs' te worden. Eerst heetten ze Yellow Retriever, later werd de
rasnaam Golden Retriever. Nadat ze als ras waren erkend en ook tijdens veldwedstrijden enorm succes hadden, werden
Golden Retrievers al snel zeer populair in Engeland. In het begin van de 20ste eeuw werden ze naar Amerika
gebracht, waar ze meer werden gebruikt en gefokt voor de jacht dan om hun aantrekkelijk uiterlijk. Ook werden ze
vrij snel populaire showhonden. In het begin van de jaren dertig kwamen de eerste 'Goldens' naar onze contreien,
waar ze alom werden gewaardeerd. Golden Retrievers zijn enorm populair. Het zijn niet alleen veelzijdige
jachthonden; als gezelschapshond zijn ze bijna onverslaanbaar. Ze hebben succes in veld- en
gehoorzaamheidswedstrijden. Ze werken ook als geen ander ras als therapie-, sociale, geleide- en speurhond. Ze
hebben namelijk een aantrekkelijke persoonlijkheid, een fijne neus en ze zijn gehoorzaam, trouw, aanhankelijk en
spontaan. Het zijn honden voor het hele gezin.
IDEALE RASKENMERKEN
Schofthoogte: reuen 56 tot 61 cm, teven 51 tot 56 cm. Het gewicht varieert van 27 tot 34 kg. Uiterlijk:
evenwichtig, krachtig lichaam; krachtig, stuwend gangwerk. Vacht : lang, dicht, waterafstotende ondervacht, vlak
of golvend, met goede
bevedering. Kleur : iedere tint roomkleur tot goud, geen rood of mahonie. Enkele kleine
witte aftekeningen op de borst zijn
toegestaan. Hoofd: gewelfde, brede schedel met stevige, rechte snuit; donkerbruine ogen; niet te grote,
langs de wangen hangende oren. Staart: lang, iets gebogen, reikt tot de hak.
VACHT : kort golvend haar met een dikke ondervacht; m.a.w. de dekharen zijn licht golvend. Er komen veel
wolharen voor. Het haar kan recht vallen, maar ook een duidelijke golf vertonen. VERHARING :
blokverharing. DAGELIJKSE BEHANDELING : kammen en verluchten met een grove kam. Opgepast : ondervacht
laten zitten ! GROTE BEHANDELING : in de ruiperiode de losgekomen ondervacht en de losse dekharen met
een herdersharkje verwijderen. Oren reinigen, kijken of er vuil in de ogen zit en reinigen. Het teveel aan haar
tussen de voetzolen wegknippen. Indien nodig nagels knippen. VOOR- EN NADELEN VAN DE VACHT : het
borstel- en kamonderhoud valt mee. De hond kan niet getrimd worden en dat betekent vrij veel haaroverlast in de
ruitijd.
AARD : deze hond is aanhankelijk en ongewoon goed gehumeurd. Zijn kwaliteiten als retriever en
hoogland jachthond, gecombineerd met zijn foutloze aard en inspirerende schoonheid duiden op een ongeėvenaarde
populariteit. Ondanks de benijdenswaardige prestaties van de hond in gehoorzaamheidswedstrijden, hebben veel
Golden Retrievers de neiging nogal 'warrig' te zijn en moeten dus van een monotoon en vervelend bestaan
gevrijwaard worden. Deze hond moet dus effectief iets te doen hebben, want verveling kan omslaan in
destructief gedrag. De Golden Retriever heeft nood aan een actief bestaan ! Hij is intelligent, zacht,
vriendelijk, gewillig en lief voor kinderen.
ACTIVITEIT : omdat deze hond effectief activiteit nodig heeft, is een uur per dag flink rennen dan ook
noodzakelijk. Lichaamsbeweging is een vereiste bij dit ras en gezien hij goed af te richten is, zijn
gehoorzaamheids- of jachtproeven aan te raden. Let op dat de Golden niet te dik wordt en hou er tevens
rekening mee dat hij gek is op water !
OPVOEDING : de Golden Retriever leert vrij snel en blijft datgene wat hij geleerd heeft zijn hele leven
onthouden. Pak deze Retriever nooit met te harde hand aan, want daarmee doet u zijn gevoelige en meegaande aard
geweld aan. Het is verstandig de training zoveel mogelijk af te wisselen, en een gehoorzaamheidscursus wordt ten
zeerste aanbevolen. |