|
LAND VAN HERKOMST : Spanje
GESCHIEDENIS
De Gos d'Atura Catala ( of
Catalaanse Herdershond, Spaanse Herdershond, Perro de Pastor Catalan ) behoort
tot de groep van de Herdershonden en is, historisch gezien, een veelzijdige hond die een bijzonder groot aantal
taken kan uitvoeren. Hij is afkomstig uit Spanje, maar wordt gebruikt in een gebied dat door Fransen, en
niet door Spanjaarden bewoond wordt. Hij is onder andere herder van schapen en vee, politiehond, waakhond,
gezelschapshond en hij werd in oorlogstijd ook gebruikt als boodschappenhond. Het is een dappere hond die
uitstekend zelfstandig kan werken, en die zowel tegen de warmte, de koude en ruw weer bestand is. Deze
honden kunnen in hun ééntje een hele kudde aan, doordat ze beschikken over natuurlijke waakinstincten en
herderskwaliteiten. De ongeveer 51 cm grote Gos kan, wanneer hij met een mogelijke vijand geconfronteerd
wordt, wel twee keer zo groot lijken. Deze hond is herkenbaar aan zijn 'vierkante staart' en staat bekend
om zijn weelderige baard en snor. Algemeen gezien oogt de hond wat sober, maar hij is levendig en
intelligent. Wel lijkt hij soms wat eenzelvig.
IDEALE RASKENMERKEN
Hij is goed gespierd en straalt een indruk uit van kracht en behendigheid. Rechte rug. Brede en
goed ontwikkelde borst. Ribben goed gewelfd. Licht opgetrokken buik. Sterke en middellange
benen. Krachtige
en gespierde hals. Kleur : de hond lijkt egaal van kleur, maar de kleur bestaat eigenlijk uit een mengsel
van tinten zoals rood en nuances daarvan, licht en middelbruin, zandgeel ( bestaand uit de kleuren grijs, blond
en zwart ), grijs ( bestaand uit blond, grijs en zwart ). Zwarte of witte vlekken zijn niet toegestaan.
Hoofd en schedel : het hoofd is sterk, enigszins afgerond en breed aan de basis. Schedel en snuit verhouden zich
als 4:3. De schedel is iets langer dan breed, met een zichtbare voorhoofdsgroef. Goed ontwikkeld
voorhoofd. Goede stop. Rechte en korte snuit. Dikke en aaneengesloten lippen, niet hangend.
Open ogen met sprekende uitdrukking. Rond en donker amberkleurig. Hoog aangezette oren, driehoekig
en uitlopend in een punt. Schaargebit. Staart : laag aangezet. Lang ( reikend tot de sprong ) of
kort ( minder dan 10 cm ). In rust hangend gedragen, aan het einde iets omgebogen. In actie hoger
gedragen, maar niet over de rug. Voeten : ovaal, met sterke voetkussens. Vliezen aanwezig tussen de
tenen, bedekt met veel en lang haar. Zwarte en sterke nagels.
Vacht : lang, glad of zeer weinig gekruld. Grof. Ondervacht is overvloedig, vooral op de achterste delen
van het lichaam. De beharing vormt op het hoofd een kuif, snor, baard en wenkbrauwen. De staart is
ook overvloedig behaard. De verharing geschiedt in twee verschillende fasen : eerst de voorhand, daarna de
achterhand. Deze hond moet dagelijks worden geborsteld. Er bestaat ook een zelden voorkomend type
met een 'korte vacht'. Schofthoogte : reuen 47 tot 55 cm en teven 45 tot 53 cm, met een gewicht van
ongeveer 18 kg voor reuen en 16 kg voor teven.
AARD : zijn aard en goede afmetingen maken van hem een ideaal huisdier en metgezel. Hij komt nogal
'woest' over en is niet bang. De eigenaar mag deze hond niet al teveel in de watten leggen. Zijn
natuurlijke instincten moeten een deel van zijn persoonlijkheid worden. Als kuddebewaker doet hij niet
alleen wat de herder hem vraagt, maar hij kan ook het initiatief nemen en moeiteloos de kudde leiden.
Tevens kan hij goed tegen alle weersomstandigheden. Als werkende metgezel, is hij een nog beter en
evenwichtiger huisdier. Hij is trouw, aanhankelijk, waakzaam en lief met kinderen.
ACTIVITEIT : deze hond kan binnenshuis leven, maar heeft wel behoefte aan veel beweging. |