|
LAND VAN HERKOMST : Duitsland
GESCHIEDENIS
Volgens
sommigen was het een bestaand ras, volgens anderen kruiste
gemeenteraadslid Heinrich Essig uit Leonberg in Duitsland rond 1846
allerlei berghonden met elkaar ( onder andere
de Pyreneese Berghond,
de Sint-Bernard en
de Landseer ). Herr Essig was
een nogal wonderlijke figuur waardoor het altijd onduidelijk zal blijven
wie er gelijk heeft. Wel wist Essig zijn hond en zijn stad met
opmerkelijke stunts beroemd te maken. Het fokken van deze hond was bedoeld
om een hond te maken die leek op de leeuwen van het stadswapen. Men
beweert dat deze honden als herders gewerkt zouden hebben, maar deze
theorie is ongegrond. Deze stoere Berghonden zijn tegenwoordig zeer
populair in de Verenigde Staten. De Leonberger ( of Leonbergse hond )
houdt van zwemmen, van bezigheden buitenshuis, van kinderen en van het
dragen van verantwoordelijkheden; hij werkt graag. Deze hond is rustig en
trouw. In principe valt de Leonberger niet onder de Waakhonden, al hij is
zeer waaks van nature.
IDEALE RASKENMERKEN
Schofthoogte: reuen 72 tot 80 cm, teven 65 tot 75 cm. Gewicht : van 37 tot
67 kg. De ideale maat voor reuen is 76 cm en voor teven 70 cm.
Uiterlijk: groot, goed geproportioneerd, sterk lichaam; moeiteloos
gangwerk. Vacht : dik, hard, kort, recht, met wollige ondervacht. Kleur :
leeuwkleur: goudgeel tot roodbruin, met zwart (donker) masker en zwarte
(donkere) haarpunten; wit vlekje op de borst of de tenen is toegestaan.
Het ontbreken van een zwart masker is wel toegestaan, maar niet gewenst.
Hoofd: licht gewelfde schedel met een brede rechte snuit; bruine
amandelvormige middelgrote ogen; hoog geplaatste, driehoekige, afgeronde,
middelgrote hangoren. Staart: lang, laag aangezet, goed bevederd, recht of
zeer licht gekromd.
VACHT
: kort golvend haar met een dikke ondervacht; m.a.w. de dekharen zijn
licht golvend. Er komen veel wolharen voor. Het haar kan recht vallen,
maar ook een duidelijke golf vertonen. VERHARING :
blokverharing. DAGELIJKSE BEHANDELING : kammen en verluchten
met een grove kam. Opgelet : de ondervacht laten zitten !
GROTE BEHANDELING : in de ruiperiode de losgekomen ondervacht en de
losse dekharen met een herdersharkje verwijderen. Oren reinigen, kijken of
er vuil in de ogen zit en reinigen. Het teveel aan haar tussen de
voetzolen wegknippen. Indien nodig nagels knippen. VOOR- EN
NADELEN VAN DE VACHT : het borstel- en kamonderhoud valt mee. De hond
kan niet getrimd worden en dat betekent vrij veel haaroverlast in de
ruitijd.
AARD : deze hond lijkt qua uiterlijk en gedrag op de leeuwen, en is
zeker een kracht waar je rekening moet mee houden. Hij is relaxed en
tevreden, maar levendiger dan zijn St. Bernard voorvaderen. Hij is
vriendelijk en zachtaardig, houdt van kinderen en heeft een waakse
ingesteldheid. Het is een verstandige, leergierige en trouwe hond.
ACTIVITEIT : de Leonberger heeft gemiddelde beweging nodig.
OPVOEDING : op een evenwichtige opvoeding in een harmonieuze
omgeving reageert deze hond het beste. De hond is een snelle leerling en
zal vlug begrijpen wat er van hem verlangd wordt.
SOCIALE AANLEG : Leonbergers gaan goed om met honden en andere
huisdieren, en ook de omgang met kinderen geeft geen problemen. De honden
voelen feilloos aan of de bezoeker iets kwaads in de zin heeft of niet. |