|
LAND VAN HERKOMST : Spanje
GESCHIEDENIS
De Mastin de los Pirineos ( of Mastin d'Aragon, Mastin del Pirineos, Pyreneese Mastiff ) heette oorspronkelijk
de Perro Mastin de los Pirineos en behoort tot de groep van het Molosser Bergtype. Dit Spaanse ras is
afkomstig van de zuidelijke hellingen van de Pyreneeën en wordt daarom vaak verward met
de Pyreneese Berghond. De Pyreneese
Berghond is echter een totaal ander ras en is van Franse herkomst. De geschiedenis van beide honden en ook van de Spaanse
Mastiff loopt echter parallel. Vooral in de vroege ontwikkelingsjaren overlapten de
geschiedenissen van de rassen elkaar. Waarschijnlijk hebben Spaanse herders, Franse herders en herders uit
andere aangrenzende gebieden hun kuddebewakers met elkaar geruild en aan elkaar uitgeleend.
Uiteindelijk werd in het midden van de19de eeuw besloten om de rashond , Mastin de los Pyreneos, uit te roepen als
een op zichzelf bestaand ras. Tegenwoordig neemt de populariteit van deze dieren vooral in Spanje
aanzienlijk toe. Ze worden gebruikt als goede waakhonden of als vriendelijke gezelschapshonden. Deze
Mastin is, zoals zijn naam al aangeeft, een stevig gebouwde en krachtige hond.
IDEALE RASKENMERKEN
Het hoofd is groot en stevig. Brede en gewelfde schedel. Onduidelijke stop. Rechte snuit die iets nauwer wordt
naar de grote neus toe. De ogen zijn klein, amandelvormig, hazelnootkleurig ( bij voorkeur donker
). Zwarte oogleden. Het onderste ooglid hangt lichtjes af, waardoor een klein deel van het bindvlies te zien is.
De oren zijn van gemiddelde grootte, driehoekig, afhangend en vlak aanliggend, de kaken rakend. Het lichaam
is iets langer dan breed, zeer stevig en robuust.
Hals goed gewelfd met een dubbele keelhuid. Duidelijke schoft.
Brede en diepe borstkas. Gewelfde ribben. Krachtige, gespierde rug. Brede, stevige en schuine croupe. Licht
opgetrokken buik. De ledematen zijn gespierd. Ronde (katten)voeten. Gesloten, gewelfde tenen. Staart :
breed aan de basis, stevig, soepel, weelderig behaard met lange, zachte haren (pluim). In rust laag gedragen en
reikt tot aan de spronggewrichten; het laatste derde deel is steeds opgekruld. De vacht : luik, dicht, dik,
halflang ( 6-9 cm ). Niet wollig. Langer op de schouders, de hals en onder de buik en aan de achterzijde van
de ledematen. De vacht vraagt een zeer regelmatige borstelbeurt. Kleur : wit, altijd met een
uitgesproken masker. Soms duidelijke vlekken in dezelfde kleur als het masker verspreid over het lichaam. De oren
zijn altijd gekleurd. Driekleurige en effen witte dieren zijn niet gewenst. De staartpunt en de uiteinden van de
ledematen zijn altijd wit. Het masker is altijd goed te zien met de lichte haarbasis. De meest gewenste kleuren
zijn: zuiver wit of sneeuwwit met vlekken in middengrijs, intens goudgeel; bruin, zwart, zilvergrijs, licht
grijsbruin, zandkleur of gemarmerd. De schofthoogte bedraagt voor reuen tenminste 77 cm en voor teven
tenminste 72 cm, met een gewicht van 55 tot 70 kg.
AARD : het is niet verwonderlijk dat de populariteit van het dier is toegenomen, want hij heeft een
prachtige aard, is vriendelijk en hartelijk en is onverschrokken trouw. Hij vervult plichtsbewust zijn
taken, is een waardig gezelschap en een beschermer voor het leven. Het is een moedige vriend, maar
wantrouwig tegenover vreemden, waarvoor hij nooit zal terugdeinzen. Het geblaf van deze hond is laag en
diep. Hij is vriendelijk ten opzichte van soortgenoten.
ACTIVITEIT : deze Mastin is geen stadshond en houdt er helemaal niet van om opgesloten te zitten.
Hij heeft veel lichaamsbeweging nodig en naast de dagelijkse wandelingen heeft hij ook de behoefte om zich op
een grote ruimte langdurig vrij te kunnen bewegen.
OPVOEDING : dit ras heeft nood aan een consequente opvoeding, waarmee je best op jonge leeftijd begint. |