|
LAND VAN HERKOMST : Canarische Eilanden
GESCHIEDENIS
De Podenco Canario bestaat al eeuwen. Vroeger werd hij gebruikt voor de jacht op konijnen. Hij
heeft een sterk jachtinstinct en jaagt als Primitieve Windhond op zijn reuk. Pas als hij het konijn heeft
opgespoord, gebruikt hij zijn snelheid. Daarom wordt hij wel ‘konijnewindhond’ genoemd.
IDEALE RASKENMERKEN
Het is een hond van gemiddelde grootte, lang van lijnen, slank, licht en uitermate gehard. Enigszins langer
dan hoog. Zijn borst is goed ontwikkeld, maar reikt niet tot de ellebogen. Goed gespierde, rechte hals, met een
gladde huid zonder wammen. De hals is buigzaam en rond. De rug toont goed ontwikkelde spieren, zoals passend is
voor het rennen en de inspanningen van de jacht. De lendenen zijn enigszins lang. Het kruis is van een stevige
beenderstructuur. De borst is goed ontwikkeld, maar reikt niet tot aan de ellebogen. Weinig afgetekend sternum.
Ovale ribben. De omvang van de borst is 5-8 cm meer dan de schouderhoogte. De buik is opgetrokken, zonder zo
windhondachtig te zijn als die van
de Galgo.
Duidelijk aangegeven flanken. Het skelet is goed ontwikkeld. De afwezigheid van een onderhuidse vetlaag laat de
ribbenkast, de wervelkolom en de heupbeenderen goed uitkomen. Enorm ontwikkelde, droge spieren. De samentrekkingen
van de spieren moeten door de huid
heen zichtbaar zijn. De voorbenen zijn stevig, volkomen recht, loodrecht en parallel. Ze hebben een fijne maar
stevige beenderstructuur.
De hoek tussen schouderblad en opperarm bedraagt ongeveer 110 graden. Die tussen dijbeen
en onderbeen ongeveer 120 graden en de sprong heeft een hoek van zo’n 130 graden. de draf moet lenig, gestrekt en
zeer licht zijn. Kleur : de voorkeur gaat uit naar een rood-witte vacht, met lichter rood of dieper rood,
van oranje tot donkerrood ( acajou ). Alle combinaties van kleuren zijn toegestaan. Hoofd en schedel : langwerpig,
in de vorm van een afgeknotte kegel, van gemiddelde lengte ( 21-22cm ). De belijning van het aangezichtsdeel van
de schedel verloopt parallel. De schedel is veel langer dan breed; vlak, met een duidelijke achterhoofdsknobbel en
een weinig duidelijke stop. De brede snuit steekt duidelijk naar voren en heeft de vorm van een puntige kegel. De
neus is iets hoger dan de schedel. Fijne, gesloten lippen, in een kleur die overeenkomt met de neus. Gebit :
schaargebit. De tanden passen perfect op elkaar en zijn goed ontwikkeld. Oren : tamelijk groot. Breed bij de
aanzet en uitlopend in een punt. Worden bij opwindingen licht uit elkaar geplaatst en in rust wat meer naar
achteren gedragen. Ogen : schuin geplaatst en klein. Amandelvormig. Amberkleurig en meer of minder donker
gepigmenteerd, in overeenstemming met de vachtkleur. Staart : lang, tamelijk laag aangezet. Voeten : de voorvoeten
zijn kattenvoeten, veelal licht naar buiten gedraaid, met stevige ovale voetkussens. Geen Hubertusklauwen. Vacht :
de huid is stevig en ligt vlak aan. Zonder vouwen. De glad aanliggende vacht is glad. Schofthoogte : voor reuen
van 55 tot 64 cm en voor teven van 53 tot 60 cm. Een afwijking van 2 cm meer of minder is toegestaan voor
rastypische honden.
AARD : de Podenco Canario is intelligent en vindingrijk. Hij is
aanhankelijk, goedaardig en lief voor kinderen.
ACTIVITEIT : gezien zijn jachtinstinct heeft hij voldoende ruimte
en beweging nodig. |