|
LAND VAN HERKOMST : Duitsland
GESCHIEDENIS
Zoals zo veel rassen is de Riesenschnauzer ( of Müncher Hond ) ontstaan in Duitsland. De Riesenschnauzer dankt
zijn naam aan het woord "riese" wat reuze betekent. Veehandelaren in Beieren bewonderden Schnauzers, maar
hadden een grotere hond nodig om hun vee naar de markten te drijven. Dus werden
de Schotse Herdershond,
de Bouvier des Flandres en
de Duitse Dog ingekruist. Toen het vee later niet
meer te voet naar markten werd vervoerd, werden deze honden gebruikt als waakhond in slagersbedrijven en
brouwerijen, waar hij als rattenverdelger dienst deed. Rond het begin van de 20ste eeuw werden ze afgericht
als politiehond; daar zijn ze nog steeds erg geschikt voor. In 1925 werd het ras in Duitsland als werkras
geregistreerd. De Riesenschnauzer, die gespierd en robuust is, is een moedige en krachtige hond. Zijn
lichaam is gebouwd op macht en lenigheid. Zijn gedrongen en krachtige frame heeft een ongedwongen vrije en
drijvende gang. Heden ten dage is de vroegere veedrijver en rattenverdelger een trouwe en waakse
gezelschapshond.
IDEALE RASKENMERKEN
Schofthoogte : reuen en teven 60 tot 70 cm met een gewicht van 32 tot 35 kg. Uiterlijk : krachtig, vierkant
lichaam; vrij, stuwend gangwerk. De vacht is halflang, ruw en ligt niet vlak tegen het lichaam. De
ondervacht is wollig. Kleur : zwart, peper en zout, met een donker masker. Hoofd : vrij vlakke schedel
met rechte, vrij lange snuit; ovale, donkere ogen; oren zijn gecoupeerd of niet gecoupeerde hangoren. Staart :
ingekort tot op drie wervels, rechtop gedragen.
VACHT : ruwhaar, m.a.w. de dekharen zijn vrij hard van structuur, voelen stevig aan en hebben een heldere
kleur. De wolharen zijn zachter, korter en liggen tegen de huid aan. Ze
zijn ook veel lichter van kleur. Wanneer de vacht rijp is, staan de haren in alle richtingen in bosjes bij elkaar.
Dan kan de vacht worden geplukt. VERHARING : blokverharing.
DAGELIJKSE BEHANDELING :
borstelen met een grove borstel of met een speciaal in de hand liggende terriërborstel. Garnituur en poten : met
grove kam. GROTE BEHANDELING : gebeurt in de ruiperiode ! Deze periode is goed te bepalen. Als
u merkt dat de hond wat haar gaat kwijtraken, kunt u een paar haren tussen duim en wijsvinger nemen en ze met een
lichte draaiing van de pols uit de huid proberen los te trekken. Laat het haar gemakkelijk los, dan is de vacht
rijp. Moet u echt trekken, dan is de hond nog niet aan trimmen toe en kunt u beter nog even wachten met plukken.
Gaat men namelijk te vroeg plukken dan moet men het haar lostrekken uit het haarzakje en irriteert men daarmee de
huid. Een pasgeplukte hond is meestal geen echte schoonheid. Het mooie komt pas bij het ‘natrimmen’, een
vier tot acht weken na de grote beurt. Doordat de vacht eruit gehaald werd, reageert de huid en begint met het
aanmaken van wol. De nieuwe vacht zit dan na enkele weken onder de wollaag. Bij het natrimmen wordt die wollaag
weggetrimd, zodat de nieuwe vacht eronder te voorschijn komt als korte, diepglanzende haartjes. In principe
gebruiken we nooit een schaar of tondeuze bij ruwharige honden. Uitzonderlijk bij de geslachtsdelen, rond de anus
en tussen de voetkussentjes. Voeten worden rondgeknipt. Kijken of er vuil in de ogen zit en reinigen. De oren
reinigen en indien nodig de nagels knippen. ( Wassen en drogen ). VOOR- EN NADELEN VAN DE VACHT :
door het trimmen is de hond in één keer zijn dode haar kwijt.
AARD : dit is één van de meest geharde werkers die men kent. Lichaam en geest zijn krachtig en passen
zich aan allerlei weers- en leefomstandigheden aan. Hij is rustig, trouw, speels en lief voor kinderen, maar
ook een éénmanshond en wantrouwig tegenover vreemden. Hij gaat echter voor niemand uit de weg en is soms wat
eigenwijs.
ACTIVITEIT : de Riesenschnauzer heeft veel lichaamsbeweging nodig. Het ras is uitstekend te gebruiken voor
verdedigingswerk.
OPVOEDING : deze karaktervolle hond moet u begeleid grootbrengen. Een consequente en eerlijke opvoeding met
veel afwisseling zal hem zeker aanspreken. Als u er rekening mee houdt dat een Riesenschnauzer er soms eigen
ideeën op na houdt en niet alle bevelen zonder meer slaafs op zal volgen, kunt u de hond heel goed verschillende
takken van de hondensport laten beoefenen, bijvoorbeeld africhting.
SOCIALE AANLEG : deze hond zorgt in het algemeen voor weinig problemen in zijn omgang met andere honden en
overige huisdieren. Voorwaarde is echter wel dat de hond al op jonge leeftijd goed gesocialiseerd moet zijn.
Schnauzers zijn doorgaans lief voor kinderen. Aan vreemden hebben ze geen boodschap en ze zijn doorgaans dan ook
wat éénkennig, al is dat wel afhankelijk van de opvoeding en socialisatie, waar de eigenaar voor verantwoordelijk
is. |