|
LAND VAN HERKOMST : Nederland
GESCHIEDENIS
De
Louisiana Catahoula is niet het enige
ras waarin wolven zijn gekruist. De Saarloos Wolfhond, een Nederlands ras gefokt door Leendert Saarloos, is, in de
jaren dertig en veertig van de 20ste eeuw, ontstaan uit kruisingen tussen
Duitse Herdershonden en wolven.
Saarloos wilde een super Herdershond fokken : wolven zouden de Duitse Herdershond 'nog beter' maken. Hij wou een
ras dat resistent was tegen allerlei ziektes en dat qua karakter in staat zou moeten zijn om taken zoals
politiewerk te verrichten. De honden die uit de kruising werden geboren, beantwoordden echter niet aan de
verwachtingen. Wolven vermijden liever de mensen en de honden met wolvenbloed gingen liever een blokje om, dan een
blinde te geleiden of een pakwerker in zijn broek te bijten. De fokproducten van Saarloos trokken wel de aandacht.
Na veel werk ontstond er uiteindelijk een opvallende gezelschapshond. De Saarloos Wolfhond lijkt ook sterk op een
wolf, maar veel van zijn kenmerkende trekken (niet in het minst zijn temperament) worden verzacht door zijn band
met de Duitse Herdershond. Het ras werd pas in 1975, zes jaar na de dood van Leendert Saarloos, door de
Kynologische Raad in Nederland erkend. De Saarloos is een middelgrote hond met een stevig onderstel. Hij
bezit een uitstekende kracht en beweeglijkheid. Doordat dit ras verschillende karaktereigenschappen in zich
combineert, is dit niet zomaar een hond voor iedereen.
IDEALE RASKENMERKEN
De Saarloos Wolfhond is een krachtige, wolfachtige hond. Hij is harmonisch gebouwd, zonder
een hoogbenige indruk te maken. Er bestaat duidelijk een verschil tussen een reu en een teef qua allure en
uiterlijk. Het lichaam is iets langer dan de schouderhoogte. Hij heeft een sterke en rechte rug met krachtig
gespierde lendenen. Brede borst, goed gewelfde ribben. Droge, goed gespierde hals die geleidelijk overgaat in de
romp. Benen goed gehoekt en voorzien van middelzwaar bone. Kleur : de meest voorkomende kleuren zijn licht
tot donker geschakeerd zwart-wildkleurig ( wolfsgrauw ), van licht tot donker geschakeerd bruin-wildkleurig (
bosbruin ) en zeer licht creme tot wit. Andere kleuren niet toegestaan. Hoofd en schedel : het hoofd
ziet er wolfachtig uit en moet in harmonie zijn met de grootte van de hond. Brede schedel, vlak met licht welving
tussen de oren. Naar de ogen toe wordt de schedel wigvormig. De voorsnuit is goed gevuld en krachtig met een
lichte stop. Brede neus, niet te spits. Goed gesloten lippen die niet overhangen. Middelgrote ogen, amandelvormig
enigszins schuin geplaatst, bijvoorkeur geel van kleur. Oplettende uitdrukking. Staande oren, middelmatig groot,
enigszins spits toelopend ( prikoor of staand oor ). Schaargebit. De staart : die is vrij laag aangezet; in
rust sabelvormig gedragen, zonder al te veel bewegelijkheid. In actie kan de staart hoog worden gedragen. Geen
krulstaart toegestaan. De voeten zijn enigszins ovaal, goed gesloten met licht gebogen tenen en stevige
veerkrachtige kussentjes. De schofthoogte : voor reuen 65 tot 75 cm en teven 60 tot 70 cm. Het gewicht
bedraagt 30 tot 35 kg.
VACHT : normaal stokhaar, m.a.w. 6 cm lange dekharen met een ondervacht. De beharing op de kop en poten
vormen dus geen lastige klitvorming. De bovenvacht is hard en goed gesloten. Deze honden hebben een wat vollere
broek en staart, waar eventueel klittenvorming kan voorkomen. VERHARING : blokverharing.
DAGELIJKSE BEHANDELING : met een grove borstel en kam. GROTE BEHANDELING
: in de rui met het herdersharkje de losse dekharen en ondervacht uitharken. Liever niet wassen. Oren
reinigen, kijken of er vuil in de ogen zit en reinigen. Indien nodig, nagels knippen. VOOR- EN NADELEN
VAN DE VACHT : vrijwel geen klitvorming, dus niet zoveel onderhoud nodig. In de verharingsperiode bezorgt
deze hond echter veel haaroverlast, ook al doet men er vrij veel aan.
AARD : één van de moeilijkst af te leren eigenschappen van de Saarloos Wolfhond is zijn 'ingebakken
vluchtdrift'. Hij is erg gericht op zijn baas, is koppig en kan gezien zijn sterk roedelgevoel moeilijk
alleen zijn. Het is een onafhankelijke maar trouwe hond, met een sterke terughoudendheid naar vreemden toe.
Indien de eigenaar hem goed in de hand heeft is hij aanhankelijk, attent en lief. Hij is geduldig met
kinderen en blaft weinig. Typisch voor dit ras : ze worden maar één keer per jaar loops.
ACTIVITEIT : dit ras is niet geschikt voor het leven in de stad. Zelfs wanneer hij op het platteland
leeft heeft hij regelmatige wandelingen nodig. Hij heeft behoefte aan veel beweging en het liefst door een
ruig terrein.
OPVOEDING : deze hond heeft een strenge en vaste hand nodig en is niet geschikt voor africhting. Hij heeft een
baas nodig die hem kan domineren, zonder tot fysiek geweld over te gaan. Een vroege socialisatie ( vóór de
tiende week ) is noodzakelijk om de hond evenwichtig te laten opgroeien. Laat hem op een positieve manier kennis
maken met allerlei situaties, mensen en dieren. De Saarloos Wolfhond leert gemakkelijk commando’s, maar toch kunt
u van dit ras geen absolute gehoorzaamheid verwachten.
BIJZONDERHEDEN : Saarloos Wolfhonden zijn gezonde honden, want voor
een hond met dergelijke afmetingen kan hij erg oud worden. Dertien of
veertien jaar is geen uitzondering. Buiten Nederland komt men dit ras
niet veel tegen |