


 |
LAND VAN HERKOMST : Denemarken
GESCHIEDENIS
Om
de gewenste kenmerken te verkrijgen kruiste de Deen Frands Christian
Frandsen drie hounds met elkaar. Dit waren de
Westfaalse Dachsbracke, de
Smalandsstövare en de
Berner Laufhund. In de
twintiger jaren van de 20ste eeuw veroorzaakte het ras nogal wat tumult
in Denemarken. Jagers riepen het ras uit tot een expert op het gebied
van de jacht op vossen, hazen en herten. Het ras werd later gebruikt
voor de realisatie van de Drever, die
ironisch genoeg populairder is geworden dan de Strellufstöver.
IDEALE RASKENMERKEN
Deze hound staat laag bij de grond en heeft een dicht aanliggende vacht.
Hij kan in iedere kleur voorkomen. De schofthoogte bedraagt zo'n 30 tot
38 cm. Het is een krachtige en gespierde hond, ondanks zijn kleine
afmetingen. De borst is diep en het hoofd is mooi gevormd. De
staart is lan en hij heeft een efficiënte vacht, die voor alle
weersomstandigheden geschikt is.
AARD
Het ras is populair bij zowel de jagers als de mensen die een
gezelschapshond zoeken. Dit komt beslist door zijn vaste, volgzame aard
en zijn consequentie en moed. Volgens eigenaars zijn deze honden nooit
koppig of humeurig. |
|
|
|