header_honden

Totaal bezoekers:
Totaal pagevieuws:
Online bezoekers:
 
 
 
   


 maak van deze website uw startpagina !

WorldwideBase
Alle wwbase pagina's

A    B   C    D    E    F    G    H       J    K       M    N    O    P    Q    R    S    T    U    V    W    X       Z

Sussex Spaniel

 

ideale huishond - jachthond - speurhond - behoeft speciale vachtverzorging

 








LAND VAN HERKOMST : Engeland

GESCHIEDENIS
In Engeland, waar hij vandaan komt, is de Sussex Spaniel erg bekend. Erbuiten is hij zeldzaam. De rasnaam is afgeleid van het graafschap Sussex, waar hij in een kennel werd ontwikkeld; het is een echte éénmanscreatie. De eerste exemplaren werden al rond het jaar 1700 waargenomen, maar rond 1795 begon Mr. Fuller in Sussex dit ras te fokken. Hij wijdde vijftig jaar van zijn leven om van dit ras iets unieks te maken. Zijn bloedlijnen worden nog steeds teruggevonden in de huidige generaties. Na de tweede Wereldoorlog was het aantal overgebleven Sussex Spaniels erg laag. Mrs. Freer's Fourelover's kennel bezat destijds nog een stuk of acht honden en met zorgvuldig fokken heeft zij het ras weten te handhaven. Sinds het midden van de 19de eeuw werd het ras in Engeland ook geshowd. Door zijn lange en lage bouw is hij in open terrein nogal langzaam als jachthond, maar hij maakt veel goed met zijn uitstekende neus en grote vastberadenheid in het veld. Hij is klein maar stoer gebouwd en heeft veel talent als opjager en apporteur van klein wild en vogels, maar hij kan dat wel geen hele dag volhouden.  Merkwaardig voor dit ras, is dat ze al blaffend jagen. De glanzende leverkleurige vacht is tevens typerend voor deze hond.

IDEALE RASKENMERKEN

Schofthoogte : reuen en teven ongeveer 38 tot 41 cm en het gewicht ligt tussen de 18 à 20 kg.  In verhouding is de Sussex dus een relatief 'zware' hond. Uiterlijk : sterk, massief lichaam; krachtig, rollend gangwerk. Vacht : lang, overvloedig, recht, niet krullend, met bevedering op staart, oren en benen.  Kleur : altijd een warme, goudglanzende leverkleur; geen donkerbruin of vlokleur. Hoofd : brede schedel met tamelijk lange, vierkante snuit; nogal grote, diep barnsteen- tot hazelnootkleurige ogen; dikke, grote hangoren. Staart : ingekort tot op 12,5 tot 17,5 cm; nooit boven ruglijn gedragen.
VACHT : kort zijdehaar met bevedering; m.a.w. de dekharen op de rug zijn zijdeachtig. Er komen praktisch geen wolharen voor. In de ruiperiode komen ze los te zitten : blokverharing. Naar de borst en de achterzijde van de poten toe, overgroeien de wolharen de dekharen en vormen de bevedering : mozaïekverharing.  DAGELIJKSE BEHANDELING : met een zachte borstel de losse haren van de rug uithalen. De bevedering met een grove kam uitkammen.  GROTE BEHANDELING : minstens vier maal per jaar hebben deze honden een verzorging nodig in het trimsalon, waar de vacht getrimd en geëffileerd wordt volgens het ras.  VOOR- EN NADELEN VAN DE VACHT : de bevedering vraagt een regelmatige uitkambeurt. Tamelijk veel losse haren in huis.
AARD : is het de gelijkenis met de Cocker Spaniel, of het feit dat hij tussen werkende hond en een gezelschapshond bengelt, feit is dat de Sussex Spaniel maar een matige populariteit geniet.  Nochtans heeft deze hond flink wat capaciteiten en een goeie persoonlijkheid.  Hij is vrolijk en makkelijk te trainen.  Het is een zachtaardige hond, die lief is voor kinderen.
ACTIVITEIT : de Sussex is een actieve hond, die houdt van werken.
BIJZONDERHEDEN
Dit ras is bijna zeldzaam te noemen. Heeft u interesse en wilt u deze hond aanschaffen, ga dan naar een grote internationale tentoonstelling, waar u meestal wel één of enkele exemplaren aantreft. Het is wel moeilijk om een goed tentoonstellingsexemplaar uit te zoeken, omdat er in dit ras veel verscheidenheid voorkomt.

 

naar hondenrassen >>

 

Nieuwe pagina 1

© copyright WorldwideBase 2005-2009