|
LAND VAN HERKOMST : Estland
GESCHIEDENIS
Naarmate
er in de Republiek Estland (ten noorden van Moskou, aan de Baltische
Zee) meer behoefte aan een lager geplaatste, kleinere speurhond
ontstond, begonnen Russische jagers deze Gontchaja Estonskaja (of
Estlandse Hound, Estlandse Lopende Hond) te ontwikkelen. Het kruisen van
Beagles met plaatselijke hounds
verminderde de grootte van de hond. De
Zwitserse
Niederlaufhund droeg bij aan de vroege rijpheid en stem en de
Engelse Foxhound werd gebruikt
voor zijn uithoudingsvermogen. Zo ontstond het huidige ras.
IDEALE
RASKENMERKEN
De Gontchaja is niet te groot of te zwaar, maar is een hound van ideale
grootte. Hij heeft een vacht die prachtig zwart/tan gekleurd is, kort en
dicht. De snuit is vrij lang en zijn tanden zijn zeer sterk. Zijn oren
zijn lang en gevouwen. De schofthoogte bedraagt zo'n 46 tot 53 cm en hij
is langer dan hij hoog is.
AARD
Deze hound is goedaardig en innemend voor bekenden, maar heeft de
neiging om wantrouwig te zijn tegenover vreemden. Dit en zijn
gemakkelijke afmetingen maken hem in de Sovjet Republieken steeds
populairder als waakhond. Jammer genoeg is het nog niet aannemelijk dat
veel Westerse mensen de mogelijkheid zullen krijgen om deze hond te
ontmoeten of te bezitten, daar er bij ons weten nog geen exemplaren uit
het moederland zijn overgekomen. |