header_vissen


 maak van deze website uw startpagina !

WorldwideBase
Alle wwbase pagina's

 

de Bot

 

Vissenpagina klik hier >>

 
  Orde:
Pleuronectiformes (Platvisachtigen)

Familie:
Pleuronectidae (Schollen)

Geslacht en soort:
Platichthys flesus (Bot)

Kenmerken:
maximale lengte: 60 cm
Engelse naam: Flounder
paaitijd: februari-april
Duitse naam: Flunder
paaigebied: zee (25-40 m diep)
Franse naam: Flet
beschermde status: min. maat 20 cm

Algemeen
De bot is een bijzondere vissoort. Bot is bijvoorbeeld een van de weinige zeevissen die zonder problemen het zoete water opzwemt. Niet zomaar een stukje de riviermonding in of eventjes heen en weer door de sluizen in de Afsluitdijk. Nee, botten treffen we zelfs in de Veluwerandmeren en in de Rijn tot voorbij Basel aan. Waarom sommige botten het zoete water opzoeken is niet bekend, in ieder geval niet zoals de zalm om te paaien, dat doen ze namelijk alleen in het zoute water. Wel is de bot een vissoort die overal een maaltje bij elkaar weet te scharrelen, dus ook in het zoete water.
Kijken we naar de menukaart van de bot, dan valt op dat deze behoorlijk gevarieerd is. Naast bodemdieren zoals wormachtigen, garnalen, vlokreeften en [in het zoete water] muggenlarven, wordt ook vis gegeten. Vooral grotere botten ontpoppen zich soms als echte roofvissen, die zelfs in de bovenste waterlagen jacht maken op spiering, bliek en andere kleine prooivissen.
Waar kunnen we bot aantreffen?
Hoewel bot tot op dieptes van 100 meter is gevangen, heeft de bot toch een voorkeur voor de ondiepe kustzones. Zelfs volwassen botten voelen zich thuis in kniediep water. Het verspreidingsgebied van de bot strekt zich uit van de Finse Golf, de Oostzee, de Noordzee, Atlantische Oceaan tot zelfs de Zwarte Zee. Het liefdesleven van de bot speelt zich af in de winter en het vroege voorjaar. De bot die wij in onze kustwateren vangen, paait in de zuidelijke Noordzee op dieptes tussen de 20 en de 50 meter.
Wanneer de botjes uit het ei komen, zien ze er, net als alle andere jonge platvisjes, uit als gewone vissen. In deze eerste levensfase zijn het ook nog geen bodemvissen, maar voeden ze zich op half water met dierlijk plankton. Na enkele weken zoeken ze het ondiepe water op en begint langzaam maar zeker de bijzondere verandering van 'normale' vis naar platvis.
De bot staat bekend als een snelle groeier en kan in drie tot vier jaar uitgroeien tot een lengte van 30 cm. De maximale lengte bedraagt waarschijnlijk zo'n 60 cm. Dergelijke reuzenbotten zijn ongeveer negen jaar oud en daarmee hoogbejaard. De wettelijke minimummaat is 20 cm.
Voor de zeehengelaar is het verder nog interessant te weten dat bot vaak in schooltjes zwemt. Botten in zo'n schooltje die andere botten zien eten, worden zelf ook vaak actief. De vangst van een bot wordt daardoor vaak gevolgd door meerdere exemplaren.
 
   

Nieuwe pagina 1



uw eigen startpagina

copyright WorldwideBase 2005-2009