header_vissen


 maak van deze website uw startpagina !

WorldwideBase
Alle wwbase pagina's

 

het Vetje

 

Vissenpagina klik hier >>

 
  VetjeHet vetje, of  Leucaspius delineatus

Het vetje is een karperachtig visje dat leeft in stilstaande en langzaam stromende wateren. Onderwaterplanten en begroeide oevers zijn belangrijk voor deze vis. Sinds 1921 is het vetje bekend, daarvoor werd hij over het hoofd gezien, of beschouwd als jong ‘witvisje’. Uit de periode 1941 tot 1980 zijn 39 uurhokken met vetjes bekend. In veertien (36%) van deze uurhokken zijn ook waarnemingen van na 1980. Dit kan wijzen op een achteruitgang van 64%, maar mogelijk valt dit mee, omdat niet alle uurhokken systematisch zijn bemonsterd op de aanwezigheid van deze vissoort. Bovendien is het vetje na 1980 in een aanzienlijk aantal nieuwe uurhokken aangetroffen, in totaal 197. In Limburg bleek bij systematische bemonstering in beken en kanalen door het Natuurhistorisch Genootschap, dat de soort niet zo zeldzaam is. Soms komt het vetje massaal voor.
Deze kleine scholenvis met zijn zilverachtige kleur wordt zo'n 7 - 9 cm lang. Een staalblauwe band loopt in de lengterichting over de flanken tot aan de staartwortel. Het lichaam is zijdelings sterk afgeplat. Verspreidingsgebied: Oost-, Midden- en West-Europa (o.a. Nederland). De vissen houden zich op in de bovenste waterlagen. Mede daardoor is deze vis een geliefde vijverbewoner. Je kunt hem vaak zien om intens te genieten van het zich snel heen en weer bewegen van een klein schooltje. Als omnivoor eet het vetje behalve plantendelen en algen allerlei soorten dieren, die niet al te groot zijn. Omdat het een vis is die zich aan het oppervlak ophoudt, hapt hij allerlei insecten op, die zich te dicht in zijn buurt begeven en springt hij zelfs het water uit om deze hapjes naar binnen te slokken.
Afzettijd: van april tot juni. De vrouwtjes bezitten een korte legboor met behulp waarvan ze de eieren ring- en spiraalvormig aan waterplanten of wortels vastplakken. Tot het moment dat de eieren uitkomen, bewaakt het mannetje het broedsel en waaiert zodanig met zijn staartvin, dat er een constante toevoer van vers water richting eieren gaat en bestrijkt dit legsel met infectieremmend slijm van zijn huid ter bescherming tegen schimmelvorming. Afhankelijk van de watertemperatuur komen de larven na 3 - 7 dagen uit. Na twee jaar zijn ze geslachtsrijp.
 
   

Nieuwe pagina 1



uw eigen startpagina

© copyright WorldwideBase 2005-2009