header sport


 maak van deze website uw startpagina !

WorldwideBase
Alle wwbase pagina's

 

Honkbal

 
   


Atletiek
Autosport
Badminton
Basket
Bergsport
Boksen
Boogschieten
Cricket
Duiken
Duivensport
Football
Gewichtheffen
Golf
Handbal
Hengelsport
Honkbal
Hockey
Ijshockey
Jacht
Jiujitsu
Judo
Kanosport

Karate

Korfbal
Motorsport
Olympische Spelen
Paardensport
Roeisport
Rugby
Schaatssport
Schermen
Skisport

Snooker
Surfing
Tafeltennis
Tennis
Turnen
Voetbal
Volleybal
Waterpolo
Waterskisport
Wielrennen
Worstelen
Zeilsport
Zwemmen

Honkbal (Eng.: baseball), veldsport, gespeeld door twee ploegen van elk negen spelers, die om beurten als slag- en veldpartij fungeren. Het veld bestaat uit een vierkant met ruimte eromheen. Op de hoekpunten liggen de honken: drie platte witte kussens en als (vierde) thuishonk een vijfhoekige witte rubberplaat. Naast dit thuishonk zijn de slagperken uitgezet, links van het honk een perk voor rechtshandige, rechts ervan een voor linkshandige slaglieden. Even vůůr het midden van het vierkant ligt een witte rubberwerpplaat, waar de werper (pitcher) plaatsneemt. Van het slagperk naar het eerste honk en van het derde naar het thuishonk ligt een 1 m brede baan voor de honklopers. Deze mogen nl. op deze trajecten bij het lopen van het ene honk naar het andere niet meer dan 1 m afwijken. Het hardhouten of lichtmetalen ronde slaghout mag niet langer zijn dan 1,07 m en nergens een grotere doorsnede hebben dan 7 cm. Er wordt gespeeld met een harde, massieve bal, die een omtrek heeft van 229 tot 235 mm en een gewicht van 141 tot 149 g. Alle veldspelers dragen een vanghandschoen; de vanger (catcher) draagt een dikke handschoen, lichaamsbescherming en een beschermend masker voor het gezicht.
Een wedstrijd bestaat uit negen innings, dit zijn perioden waarin elk van beide ploegen eenmaal slagpartij en eenmaal veldpartij is. Alleen de slagpartij kan punten behalen. De slagpartij bevindt zich bij de aanvang van een wedstrijd buiten het speelveld, behalve een van de spelers, die met het slaghout plaatsneemt in het slagperk; de leden van de veldpartij hebben allen een veldpositie ingenomen. De werper gooit bovenhands; dan heeft de bal meer snelheid dan bij een onderhandse worp. De werper werpt de bal in de richting van de slagman. Deze slaat hem met het slaghout het veld in en rent vervolgens naar het eerste honk, vandaar naar het tweede, derde en thuishonk, bij het bereiken waarvan hij een run (punt) heeft gemaakt. De werper moet de bal steeds zodanig gooien dat deze het thuishonk passeert op een hoogte die wordt begrensd door de breedte van de slagplaat en de schouders en knieŽn van de slagman ( ‘strike-zone’); de bal dan geldt als ‘slag’ (Eng.: strike). Raakt de bal voor de slagplaat de grond of passeert hij deze buiten de strike-zone, dan geldt hij als ‘wijd’ (Eng.: ball), tenzij de slagman de bal poogt te slaan. Slaat de slagman de bal in ťťn keer over de hekken, binnen de foutlijnen, dan spreekt men van een homerun. Hij mag in dat geval ongehinderd via de honken naar de thuisplaat lopen. Mist de slagman driemaal een als ‘slag’ door de scheidsrechter beoordeelde bal, dan is hij ‘uit’; heeft de werper viermaal ‘wijd’ gegooid, dan gaat de slagman, zonder nog te hoeven slaan, naar het eerste honk. De honkman moet de honken in de juiste volgorde aflopen, mag een voorafgaande honkloper niet voorbijlopen en mag niet met een andere honkloper aan ťťn honk staan. Een honkloper is ‘uit’ als hij tijdens de loop door een veldspeler met de bal wordt aangeraakt of als een veldspeler met de bal het honk uittikt waarheen de honkloper lopen moet (doordat het achter hem liggende honk bezet is). Zolang de bal in het spel is, mag de honkloper trachten een honk verder te lopen. Zo nodig mag hij ook weer tot zijn honk terugkeren indien hij het volgende honk niet bereiken kan. Als drie spelers van de slagpartij ‘uit’ zijn, wisselen veld- en slagpartij. De ploeg die na negen innings de meeste punten heeft, is winnaar. Bij gelijke stand na negen innings wordt steeds een slagbeurt voor beide ploegen verder gespeeld. In Nederland duurt een wedstrijd echter maximaal twaalf innings.

Honkbal is de nationale zomersport van de Amerikanen. Volgens sommigen zou het in een zeer eenvoudige vorm door Nederlandse kolonisten in Amerika zijn geÔmporteerd; anderen beweren dat het zich ontwikkeld heeft uit het Schotse spel rounders. De uit Groot-BrittanniŽ afkomstige Amerikaan Henry Chadwick (1824–1908) ontwierp de eerste spelregels, zijn landgenoot Alexander Cartwright in 1845 het huidige speelveld. In 1865 werd de American Baseball Corporation opgericht, in 1868 de eerste professionele club, nl. de Red Stockings te Cincinnati. In 1876 kwam er een scheiding tussen de amateurs en professionals. In 1902 werd The National League of Professional Baseball Clubs opgericht, gevolgd door de oprichting van The American League. Samen vormen deze organisaties The Major Leagues. Bij de National Association of Professional Baseball Leagues zijn de Minor Leagues aangesloten. Het overgrote deel van het beroepshonkbal is georganiseerd. The National League en The American League bestaan uit resp. twaalf en veertien clubs. De kampioenen van beide leagues spelen aan het eind van het seizoen een serie wedstrijden, de World Series. Er worden maximaal zeven wedstrijden gespeeld en om winnaar te worden moet men vier wedstrijden hebben gewonnen. Legendarische honkballers zijn Hank Aaron, Joe Dimaggio en Babe Ruth. Behalve in de Verenigde Staten wordt honkbal ook in Canada druk beoefend en het neemt daar als fastball een belangrijke plaats in naast de nationale sport lacrosse. Diverse Latijns-Amerikaanse landen (o.a. Cuba, Mexico, Colombia en Venezuela) zijn eveneens in hoge mate baseball minded, terwijl honkbal ook een nationale sport werd van de Japanners en Zuid-Koreanen. Na de Tweede Wereldoorlog werd honkbal snel populair in Europa, m.n. in ItaliŽ, BelgiŽ, Frankrijk, Duitsland en ook Nederland, waar honkbal gespeeld wordt overeenkomstig de Amerikaanse spelregels. De Koninklijke Nederlandse Honkbalbond werd op 16 maart 1912 opgericht. In 1971 heeft een fusie plaatsgevonden tussen de KNHB en de Nederlandse Amateur Softbal Bond. Deze fusie heeft geleid tot de Koninklijke Nederlandse Baseball en Softball Bond (KNBSB). In 1934 werd de eerste officiŽle internationale wedstrijd gespeeld, in Haarlem tegen BelgiŽ. In BelgiŽ is honkbal, beter bekend als baseball, een jonge sport. De Belgische Baseball- en Softballfederatie werd pas in 1937 opgericht. De oudste Belgische vereniging is de Antwerp Baseball Club (1923).
 
   

Nieuwe pagina 1

© copyright WorldwideBase 2005-2009