header kinderbase


 maak van deze website uw startpagina !

WorldwideBase
Alle wwbase pagina's

 

Puberteit
 

 
   



puberteit en opvoeding >>

pubergedrag >>


seksualiteit >>


wanneer is er een probleem >>


wanneer het uit de hand loopt >>


na de puberteit ... >>


In de puberteit verandert er onder invloed van hormonen van alles aan je lichaam. Meisjes komen rond hun tiende jaar in de puberteit. En als je een handicap of chronische ziekte hebt, zoals bijvoorbeeld bij spina bifida ("open rug"), kan dat zelfs eerder gebeuren. Voor jongens is dat zo'n twee jaar later. We hebben het hier over de gemiddelde leeftijd, je kan op jongere en op oudere leeftijd gaan puberen.
Je lichaam verandert. Dat kan je knap onzeker maken. Je kan je bijvoorbeeld geen raad weten met je borsten of zenuwachtig worden door de baard in de keel. Je schaamt je misschien voor je puistjes. En als je een groeispurt gehad hebt, weet je soms niet wat je met je lijf aan moet. Je kan je een kluns voelen.
Ook je stemming kan anders zijn dan voorheen. Je kan maar zo heel verdrietig zijn zonder dat je weet waarom, of juist een rothumeur hebben en heel boos worden op iedereen.
Je krijgt ook seksuele gevoelens, als ieder ander. Vaak dringt dit niet door tot je omgeving. Dus ook je ouders of verzorgers begrijpen je misschien niet. Dit kan betekenen dat ze niet goed met je gevoelens en verlangens omgaan. Als je wat over seks wilt weten, vinden ze het niet nodig om jou iets te vertellen. Of ze zijn er zelf onzeker over. Dat kan lastig zijn.  Zorg dus dat jij wel genoeg informatie verzamelt, zodat je niet steeds afhankelijk bent en blijft van anderen.


 

Puberteit en opvoeding

Tijdens deze periode staan de meningen van ouders, opvoeders en kinderen vaak loodrecht tegenover mekaar. Ouders en kinderen spreken vaak een 'andere taal' en zitten op een verschillende golflengte.  De ouder heeft het moeilijk dat het kind een pre-volwassene wordt. Zijn denken, zijn handelen, zijn interesses .... alles gaat zich langzamerhand verleggen naar een eigen mening en naar volwassenheid toe.  Vaak hebben ouders niet de tijd of nemen ze niet voldoende de tijd om dit proces te volgen en te 'begeleiden'. Op die manier ontstaan er vanzelfsprekend 'spanningen'. De puber maakt zoals vroeger nog steeds deel uit  van het gezin, maar beleeft zijn rol op een andere manier.  Ouders hebben het daar vaak moeilijk mee en reageren dan hard, want enkel de muur tussen ouder en kind nog steviger maakt.
Ouders hebben het gevoel dat ze de controle over hun kind kwijtraken en in wezen is dat ook zo. Ze moeten aanzien dat hun kind zelf risico's gaat lopen en zijn bang voor de gevolgen. Pubers zijn ook meer geneigd om zaken te bespreken met hun vrienden dan met hun ouders, dat is heel normaal voor deze fase. Het belangrijkste in deze roerige periode is dat ouders een goed contact blijven houden met het kind. Blijf praten en van gedachten wisselen." In deze periode is het dus van het grootste belang om blijvend interesse te tonen in het doen en laten en in de persoon van jou kind, en vanzelfsprekend staat de 'dialoog' in deze fase volledig centraal. Wanneer deze dialoog breekt of ontbreekt ontstaat hier sowieso een communicatiestoornis, met alle gevolgen vandien.
De opvoeding zit er bij het begin van de puberteit eigenlijk al op: normen en waarden zijn de kinderen voor die tijd al bijgebracht. Dat zou een geruststellend gevoel moeten zijn voor ouders. Soms lijkt het misschien dat de normen en waarden die ze geleerd hebben achteloos overboord worden gezet, maar diep in het kind zit het vaak echt wel goed. Veel preken en verbieden en in herhaling vallen om de oude normen en waarden weer naar boven te krijgen, heeft weinig zin. De puberteit betekent ook voor ouders een bocht maken, van opvoeder naar coach. Je moet leren gesprekken te voeren met je kind waarin zijn zelfvertrouwen ondersteund wordt. Wanneer er een conflict is, kun je dat op verschillende manieren te lijf gaan: als opvoeder of als coach. Neem bijvoorbeeld de situatie dat een kind aanhoudend later thuiskomt dan is afgesproken. De opvoedende manier is dan het kind te confronteren met zijn falen zich aan de regels te houden. Verwijten als 'met jou zijn geen afspraken te maken', 'je bent onbetrouwbaar' en 'het zal nooit wat met jou worden' ondermijnen het zelfvertrouwen van het kind. Een veel betere manier is om aan te geven dat jij vindt dat er een grens wordt overschreden en dat te beargumenteren: 'ik vind het vervelend dat je zo laat thuiskomt, want ik maak me dan ongerust', en 'als je je niet aan de afspraken houdt is dat moeilijk voor me'. Op die manier geef je je kind verantwoordelijkheid en werk je aan zijn zelfvertrouwen.

Pubergedrag

Puber zijn is 'willen experimenteren'. Dat gaat van eenvoudige dingen tot roken, drugs en seks. Pubers willen alles zelf ontdekken en het zelf eens meemaken. Wat voor een puber dus een drang naar ervaring is, is terzelfdertijd voor de ouders een nachtmerrie.  Zij gaan dan ook hun kind meer en nauwkeuriger controleren, stellen extra wetten, en dat terwijl de puber zich nu juist wil losstrekken van onder de ouderlijke vleugels. Dat is een dilemma. Het is moeilijk een grens te trekken waar beide partijen zich in kunnen vinden. Strikt worden als ouder helpt niet, dat heeft zelfs vaak een averechts effect. Aan de andere kant kun je ook je kind niet zomaar zijn eigen gang laten gaan en volkomen vrijlaten. Dit is een situatie van geven en nemen. Blijf onderhandelen met je kind over knelpunten. En als je kind driftig, brutaal of schofferend reageert, probeer je dan daarin niet te laten meetrekken. Als de ouders op dezelfde manier terug 'praten' kan dat bij hun dwarse zoon of dochter hard aankomen. Aan de buitenkant lijkt zo'n puber misschien wereldwijs en volwassen, maar van binnen zit nog een opgroeiend onzeker en kwetsbaar kind."

Seksualiteit

Vanaf de leeftijd van 15 of 16 jaar is gezond experimenteren met relaties belangrijk en ook goed. Ouders hoeven niet te schrikken als hun kind een schijnbaar vaste relatie verbreekt en meteen een andere begint. Het blijkt vaak dat wanneer er al vanaf heel jonge leeftijd één vaste relatie is, mensen daar op latere leeftijd moeite mee krijgen. Overigens komt uit onderzoeken naar voren dat 50% procent van de 16-jarigen inmiddels 'echte' seksuele ervaring heeft opgedaan. Die drang proberen te onderdrukken heeft weinig zin voor ouders. Het enige dat je kunt doen is zorgen dat je kind voor die tijd goed voorgelicht is. Daarna moet je je er niet teveel mee bemoeien, geef je kind de ruimte om voor zichzelf dit terrein te verkennen. Dat betekent dat je als vader en moeder je niet actief opstelt in de relaties van je kind, niet probeert het naadje van de kous te weten. Ook opgroeiende kinderen hebben privé-zaken. 

Wanneer is er een probleem

Het is lastig de balans te vinden tussen niet te star opvoeden, maar ook niet te los. Voor iedereen is de situatie verschillend. Maar als ouder moet je niet te gauw denken dat het kind maar aan het rotzooien is. In verreweg de meeste gevallen is er weinig aan de hand. Je moet je als ouder pas zorgen gaan maken wanneer je kind weinig tot geen contact heeft met leeftijdsgenoten en zich isoleert, vaak alleen op zijn/haar kamer zit. Dat isolement kan zorgelijk zijn, omdat dan de bocht van het gezin naar de leeftijdsgroep als belangrijkste richtpunt niet gemaakt wordt. De puberteit is een periode van grote onzekerheid, zowel lichamelijk als geestelijk. De puber denkt na over zichzelf en dat kan heel heftig zijn. Die onzekerheid en/of angst wordt vaak gemaskeerd door stoerdoenerij en onafhankelijk gedrag. Wanneer verdriet en angst buiten proporties raken -en ouders hebben daar intuïtief een goed gevoel voor- is het verstandig om dat in de gaten te houden. Een paar dagen verdriet om een relatie die uitgaat is normaal, en een paar dagen behoefte hebben aan alleen zijn is ook niets om je druk over te maken. Maar wanneer die paar dagen weken worden, is er sprake van een probleem. 

Wanneer het uit de hand loopt

Cursussen voor puberouders zijn al een hele tijd populair en geven veel ouders vertrouwen: 'we doen het nog niet zo slecht'. Want hoe onzekerder de puber en hoe heftiger daarmee dus zijn pubergedrag is, des te onzekerder is ook de ouder. Praten met andere ouders en ervaringen met hen uitwisselen kan heel prettig zijn. Als er echt een hevig conflict is, wanneer alle communicatiekanalen tussen ouder en puber zijn geblokkeerd, dan kan tussenkomst van de ouders van een vriend of vriendin van het kind, een docent, of een ander die wat afstand van de situatie kan nemen, goed helpen. Gesprekken tussen ouder en kind alleen zijn dan meestal niet zinvol, omdat hevige emoties en uitpraten niet goed samengaan. Wees als ouder dan vooral niet te trots om in te zien dat het op dat moment wenselijk is om uw ervaringen met tte delen met anderen en raad te vragen aan deskundigen. De nodige informatie hieromtrent vindt u op onze speciale pagina : links voor welzijnszorg, jongerenhulp en gezinsondersteuning. 

Na de puberteit ...

Ondanks dat de puberteit voor alle betrokkenen een heftige periode is, is de schade over het algemeen niet groot. Het aantal verzoeken om hulpverlening in deze leeftijd valt bijzonder mee. Het gaat helemaal niet zo vaak mis en uiteindelijk komen de gezinsrelaties in de meeste gevallen na het 18e levensjaar weer in een rustiger vaarwater. In het midden van de moeilijke periode kunnen ouders zich maar het beste vastklampen aan deze rustgevende gedachte !
 

 
   

Kinderen

© copyright WorldwideBase 2005-2009