header_reptielen


 maak van deze website uw startpagina !

WorldwideBase
Alle wwbase pagina's

 

Pythons

 

Slangenpagina klik hier

 

Pythons, de onderfamilie Pythoninae uit de familie Reuzenslangen van de Slangen. Het zijn, veelal zeer grote, wurgslangen die alleen in de Oude Wereld voorkomen. De wijfjes van pythons liggen 60Ė80 dagen op de eieren (grote soorten leggen tot ca. 100 stuks), waarbij hun lichaamstemperatuur hoger is dan die van de omgeving (bij de hiŽrogliefenpython 3Ė4 įC hoger); men kan dan dus spreken van uitbroeden. Pythons lijken veel op Boa's (een andere onderfamilie van de Reuzenslangen) en worden daar soms mee verward.

1. Soorten

Tot het geslacht Python behoren zeven soorten, waarvan vier in Zuidoost-AziŽ en drie in Afrika. De grootste Aziatische soort is de netpython (P. reticulatus), tot 9 m lang, op de voet gevolgd door de tijgerpython (P. molurus) met 8 m; de grootste Afrikaanse soort is de hiŽrogliefenpython of rotspython (P. sebae), tot 6 m. Van deze soorten zijn gevallen bekend van aanvallen op mensen; dit betrof dan kinderen of kleine volwassenen. De normale prooi is niet groter dan kleine varkens, hertjes en antilopen.

Een Ďvreedzameí en gemakkelijk te houden soort is de koningspython (P. regius), tot 2 m, die zich bij gevaar oprolt met de kop naar binnen. In tropisch AustraliŽ en op Nieuw-Guinea komen vijf geslachten voor, waartoe grote soorten behoren als de diamantpython (Morelia argus), tot 3,5 m, en Liasis amethystinus, tot 6 m.

De Nieuw-Guinese groene boompython (Chondropython viridis) komt veel overeen met de Zuid-Amerikaanse groene hondskopboa (Boa canina), terwijl de Afrikaanse Calabaria reinhardti sterk lijkt op de eveneens gravende Eryx-soorten, die tot de Boa's behoren.

Pythons leven in het zuiden van AziŽ, in Afrika en AustraliŽ. Ze behoren tot de reuzenslangen.

Pythons planten zich voort door middel van eieren. Het vrouwtje rolt zich om de eieren op en blijft wekenlang zo liggen. Haar lichaamstemperatuur wordt hoger en ze bebroeden de eieren. Pythons zijn de enige reptielen die hun eieren bebroeden.

Een bekende Python-soort is de tijgerpython die zeven tot acht meter lang kan worden. Hij leeft in de regenwouden en de mangrovemoerassen van India, Zuidoost-AziŽ en IndonesiŽ. Overdag ligt hij in de zon of in een hol. 's Nachts jaagt hij op muizen, kleine herten en vogels. Hij ligt op de loer en pakt hij zijn prooi met ťťn beet en omwikkelt hem met zijn lichaam tot deze stikt.

De netpython leeft in Zuidoost-AziŽ en kan negen meter lang worden. Andere soorten zijn de rotspython die in Afrika (7 meter) leeft en de ruitpython die in Nieuw-Guinea en AustraliŽ (tot 3,7 meter) voorkomt.

Omdat de pythons zo'n mooi getekende huid hebben wordt er veel op ze gejaagd. Pythons zijn zeer begeerde leveranciers van slangenleer.

 

 

Slangenpagina klik hier

 

Nieuwe pagina 1



uw eigen startpagina

© copyright WorldwideBase 2005-2009