header_reptielen


 maak van deze website uw startpagina !

WorldwideBase
Alle wwbase pagina's

 

Tapijtpython
De Morelia spilotus
 

 

Slangenpagina klik hier

 
De Morelia spilotus komt voor in het noorden en zuiden van AustraliŽ en sommige plaatsen op Nieuw Guinea. Hij leeft zowel op graslanden als op zandvlakten.

We kennen 2 ondersoorten Morelia spilotus spilotus (Diamant python) en de Morelia spilotus variegatus (de tapijtpython).

Hij is 's nachts actief maar ondanks dat is hij overdag wel in beweging. De diamantpython heeft een donkere groene tot zwarte kleur, met daarop witte tot gele stipjes of vlekjes. De buik is wit tot geel en daarop zitten zwarte vlekjes, maar veel minder als op de rug. De tapijtpython daarentegen heeft een roodbruine ondergrond met gele vlekken dat net

Als bij de Timorpython, wel met een kwastje erop geschilderd lijkt te zijn. Kleurvarianten komen vaak voor, dit is een beschrijving van de slang die je het meest ziet. Morelia spilotus wordt ongeveer 2 meter, maar er zijn slangen die wel 4 meter worden.

Het is een soort die vrij agressief kan zijn, en kunnen niet bij elkaar in een terrarium tijdens het voeren. Mannen vechten vaak en verwonden elkaar met lelijke en bloederige wonden.

Terrarium

De slang heeft een groot terrarium nodig, met de volgende maten als minimum.

  • De lengte moet minimaal 0,75 maal de lengte van de slang zijn.
  • De breedte minimaal 0,5 maal de lengte van de slang.
  • De hoogte 0,5 maal de lengte van de slang.
  • Geef een flinke waterbak, de slang wil graag in bad (net als ik).

Natuurlijk een aantal schuilplaatsen en klimtakken die stevig genoeg zijn om de slang te dragen. Verder kun je het terrarium aankleden met plastic planten.

Temperatuur

Hou de omgevingstemperatuur op 28 graden en onder de spot mag het oplopen tot 35 graden. In de nacht mag het afkoelen tot 25 graden uiteraard heb ik het hier over celsius.

Luchtvochtigheid

Hou de luchtvochtigheid op 80%. Regelmatig sproeien dus.

Voedsel

In het wild eet deze slang kleine zoogdieren, vogels en af en toe hagedissen. Vooral jonge slangen zijn gespecialiseerd in hagedissen. In een terrarium kun je hem de gebruikelijke dieren geven, muizen en ratjes bijvoorbeeld.

Paring, eieren en opfok

Zoals boven in mijn verhaal al staat vechten mannen flink, zeker voor de paartijd en als er vrouwtjes bij zijn.

Je kunt bij deze slangen een temperatuursdaling instellen om de paring te stimuleren. Breng de temperatuur langzaam naar beneden tot zo'n 25 graden en laat dat zo 2 maanden. Breng ook de belichtingstijd naar beneden van 14 tot 10 uur en voer een stuk minder.

Vrouwen leggen na de paring zo'n 15 tot 40 eieren en willen deze uitbroeden als je de eieren weg haalt, komen ze na 2 maanden uit bij een temperatuur van 32 graden, de jongen zijn dan ongeveer 40 cm lang. Het kan zijn dat ze geen muisjes willen eten maar meestal doen ze het wel met hagedissen.
 

 

Slangenpagina klik hier

 

Nieuwe pagina 1



uw eigen startpagina

© copyright WorldwideBase 2005-2009