|
Afwijkingen
aortaklep (aangeboren)
Algemeen
Bij een paar procent van de bevolking is de klep
afwijkend aangelegd, en bestaat niet uit drie maar uit
twee dunne klepslipjes. Dit heet bicuspide aortaklep (bi
= twee, cusp = klepslip). Dit kan gepaard gaan met
belemmering van de bloedstroom (vernauwing) of met
lekkage. Het komt echter vaak voor dat zo'n bicuspide
aortaklep normaal functioneert.
Achtereenvolgens worden twee afwijkingen van de
aortaklep besproken : de tweeslippige klep; de klep
heeft niet drie klepslipjes maar twee de vernauwde klep;
de klepslipjes zijn verdikt en gedeeltelijk vergroeid
aortakleplekkage; de klepslipjes sluiten niet goed
waardoor een deel van het uitgepompte bloed terug het
hart instroomt.
Tweeslippige klep
De tweeslippige klep hoeft geen problemen te geven, maar
het blijft wel een zwakke plek. Er is een verhoogde kans
dat in de loop van het leven de klep problemen gaat
geven, hetzij vernauwing, hetzij lekkage, die op latere
leeftijd aanleiding geven tot operatie. Die problemen
ontstaan soms op de kinderleeftijd, maar vaker ontstaan
ze op latere leeftijd.
Vernauwing van de aortaklep
De schoolarts of de consultatiebureau-arts hoort vaak
als eerste een hartruis. Pas wanneer de vernauwing heel
ernstig is, schiet de kamer tekort. Soms is bij
pasgeborenen de vernauwing van de aorta zo ernstig dat
het lichaam onvoldoende doorbloed wordt. Er moet dan met
spoed ingegrepen worden. Tekort schieten van de kamer
gebeurt het eerst wanneer er extra arbeid van het hart
gevraagd wordt, zoals bij inspanning.
Klachten
Er zijn meestal helemaal geen klachten. De klachten
kunnen zich uiten door snel vermoeid raken, een drukkend
gevoel op de borst en duizeligheid of kortademigheid.
Meestal klagen de kinderen niet over pijn. Het is meer
een gevoel of er een strakke riem om zit, of zoals één
kind zei: alsof er een olifant op mijn borst zit. Het
drukkende gevoel op de borst is te vergelijken met dat
wat volwassenen voelen bij vernauwde kransslagaders. De
hartspier zelf krijgt dan bij inspanning te weinig
bloed. Bij aortaklepstenose is de vraag van het hart
zelf naar bloed zo groot, dat zelfs normale
kransslagaders die hoeveelheid niet kunnen leveren.
Wanneer een kind een dergelijke pijn voelt, moet het
stoppen met de inspannende activiteit. De pijn zakt
meestal in een paar minuten weer. Overleg in dat geval
altijd met de kindercardioloog. Een klacht is ook
flauwvallen bij inspanning. Flauwvallen bij inspanning
is altijd reden om direct met de kindercardioloog te
overleggen en geen extra inspanningen meer te doen.
Als u meer wilt weten over de diagnose en de
behandeling, kunt u de brochure "Afwijkingen van de
aortaklep" gratis aanvragen.
Aortakleplekkage (-insufficiëntie)
Lekkage van de aortaklep is vaak het gevolg van eerdere
ingrepen die aan de aortaklep verricht zijn. In zeldzame
gevallen is aortakleplekkage een op zichzelf staande
aangeboren hartafwijking. De medische term voor lekkage
is insufficiëntie.
Wanneer de aortaklep lek is, kan een deel van het bloed
terugstromen. Dit is als een hartruis hoorbaar. Bij de
volgende hartslag moet het teruggelekte bloed opnieuw
worden weggepompt. Dat betekent dubbel werk voor de
kamer, die per slag de normale hoeveelheid plus de
teruggelekte hoeveelheid moet verwerken. De kamer doet
dat door een deel van zijn reservecapaciteit aan te
spreken. Vaak wordt de kamer wijder om de extra
hoeveelheid bloed aan te kunnen.
Klachten
De klachten van aortakleplekkage treden pas op bij forse
lekkage en dan vooral bij inspanning. Kinderen zijn
eerder moe en kortademig en zweten vaak ook sneller bij
inspanning. |