Natuur worldwidebase

Totaal bezoekers:
Totaal pagevieuws:
Online bezoekers:
 
 
 
   


 maak van deze website uw startpagina !

WorldwideBase
Alle wwbase pagina's

 

De Alpen - verkeer

 

andere leefgebieden : klik hier

 

geografische indeling >>


geologische indeling >>


geologische ontwikkeling >>


het klimaat >>


plantengroei >>


dierenwereld >>


bevolking >>


economie >>


verkeer >>


milieu en natuurbehoud >>


Het verkeer

Reeds vóór de Romeinen bestond in de Alpen een netwerk van voetpaden, die voor de plaatselijke communicatie dienden, doch waarvan de Romeinen op hun militaire tochten gebruik moeten hebben gemaakt. De door deze laatsten aangelegde wegen (o.a. over Mont Genèvre, Kleine en Grote Sint-Bernard, Brenner) volgden de oude paden en werden ook later herhaaldelijk gebruikt. Omdat de rivierdalen dikwijls nog moerassig waren, legden de Romeinen de wegen een eindweegs tegen de helling op en hielden de zonzijde van de dalen. Passen werden in steile stijgingen zonder haarspelden overwonnen; deze laatste werden eerst gebruikelijk, toen het vervoer per as toenam. Met de verlegging van de zwaartepunten van handel en politieke macht ging het verkeer over sommige wegen achteruit, terwijl dat over andere toenam (o.m. die over de Semmering-Norische Alpen en Karawanken en de ‘schuine doorsteek’ Wenen-Venetië). In de 16de en 17de eeuw vervielen vele paswegen door het afnemend handelsverkeer tussen Duitsland en Italië; slechts als postweg bleven enkele in gebruik. In Napoleons tijd waren slechts de wegen over de Semmering, Radstädter Tauern en Brenner bruikbaar, reden waarom op zijn bevel wegen over de Mont Cenis, Mont Genèvre en Simplon werden gebouwd. Pas in de 19de eeuw werd, naar napoleontisch voorbeeld, een aantal grote paswegen gebouwd; in de 20ste eeuw werden o.m. de Grossglockner-Hochalpenstrasse en de nieuwe autoweg over de Brenner gebouwd. In de dalen werd het wegennet snel verbeterd, niet het minst in verband met het sterk toenemend (zomer- en winter)toerisme, dat ook openlegging van de kleinere zijdalen voor het autoverkeer vereiste. Later werden de grote autoroutes niet meer over (des winters vaak gesloten) paswegen, doch door autotunnels geleid, o.a. Mont Blanctunnel (1964), Grote Sint-Bernard (1964), San Bernardino (1967), Felbertauern (1967) en St. Gotthard (1980).
De spoorwegen, die oorspronkelijk via de dalen het Alpengebied binnendrongen, begonnen in de tweede helft van de 19de eeuw de passen te overschrijden, eerst nog over de passen zelf (Brennerbahn, 1864–1867), later via tunnels door het gebergte, ongeveer parallel met de pas (Sint-Gotthard, Mont Cenis). Ter overwinning van het hoogteverschil werden keertunnels aangelegd; baanvakken die veelvuldig door lawines worden bedreigd, werden door tunnels of afdaken beveiligd. Om dit gevaar definitief te ontgaan, bouwde men de nieuwere tunnels op lager niveau en met lange aanlooptunnels (Simplon-, Tauern-, Karawankentunnel). In latere jaren heeft de bouw van wegen die van spoorwegen overvleugeld, speciaal bij de openlegging van de Alpendalen.


 

 

 

 

 

 

 
   

Poolgebieden



uw eigen startpagina


© copyright WorldwideBase 2005-2009