header dinos

Totaal bezoekers:
Totaal pagevieuws:
Online bezoekers:
 
 
 
   


 maak van deze website uw startpagina !

WorldwideBase
Alle wwbase pagina's

 

Blauwbok
of Hippotragus leucophaeus

 

Stam: Chordata - Klasse: Mammalia - Orde: Artiodactyla - Familie: Bovidae

 
De blauwbok of blauwe antiloop was het eerste grote Afrikaanse zoogdier dat uitstierf in historische tijden. Het verspreidingsgebied van deze soort was al zeer klein toen de Europeanen het in de 17de en 18de eeuw in de Kaapkolonie ontdekte. Ze kwamen toen waarschijnlijk alleen nog voor in het gebied ten zuiden van Zwellendam. De Duitser Peter Kolb was de eerste die schreef over het bestaan van een "blauwe bok" in 1719.
Reizigers uit de 18de eeuw gaven tegenstrijdige omschrijvingen van deze soort, misschien omdat sommige waren verfraaid, terwijl andere dit dier nooit echt gezien hadden, maar het navertelde van anderen. Ze hebben wel wat schedels en huiden teruggestuurd naar Europa. Er zijn 4 opgezette blauwbokken bewaard gebleven in de musea van Wenen, Stockholm, Parijs (linkerfoto) en Leiden (rechterfoto). De blauwbok in het Nationaal Natuurhistorisch Museum in Leiden is voor zover bekent het oudste exemplaar. Het bestond al in 1766, toen de Duitse zoöloog Peter Simon Pallas de soort zijn wetenschappelijke naam gaf. Als we de vele beenderen die zijn opgegraven in het vroegere verspreidingsgebied van de blauwbok niet meetellen, zijn er nog 2 schedels, in Amsterdam en Glasgow, en drie paar horens, in Uppsala, Londen en Kaapstad. Erna Mohr vermelde in 1967 dat de 4 opgezette blauwbokken een schouderhoogte hebben die varieert van 102 tot 116 cm. Volwassen blauwbokken wogen waarschijnlijk bijna nooit meer dan 160 kg. Geen van de 4 opgezette exemplaren hebben een blauwe kleur. De blauwe kleur die door verschillende auteurs beschreven is kan zijn veroorzaakt doordat de donkere huid bij oudere dieren door de dunner wordende vacht heen te zien was of door de mix van zwarte en gele haren. Net als de meeste antilopen had de blauwbok 6 tanden langs de wang in elke helft van de boven en onderkaak. Deze bestaan uit 3 kiezen en 3 voorkiezen.

De vroege reizigers vonden de blauwbok alleen in relatief nat grasland, wat doet vermoeden dat de blauwbok ook regelmatig moest drinken, zoals de roanantilope (Hippotragus equinus) en de sabelantilope (Hippotragus niger). De meeste andere antilopen kunnen het vocht dat ze nodig hebben uit de planten die ze opeten halen en kunnen lange periodes zonder drinken. De blauwbok leefde in kleine kuddes van ongeveer 20 individuen. Deze soort was vooral een graseter. Hoewel ze zoals bijna alle grazers waarschijnlijk ook wat bladeren en scheuten aten.
Kort na de laatste ijstijd, zo'n 10.000 jaar geleden, moet de blauwbok algemeen zijn geweest op de grasvlakten in het uiterste zuiden van Afrika. De vele vondsten van zogeheten subfossielen beenderen wijzen op een verspreidingsgebied dat liep van de uiterste westpunt van de Kaapprovincie tot ongeveer 250° oosterlengte. Het aantal blauwbokken begon ongeveer 2000 jaar geleden al af te nemen. Hoe dat kwam is enigszins raadselachtig. Er zijn verschillende oorzaken geopperd: het warmer worden van het klimaat, waardoor het grasland veranderde in struikgewas en bossen, of de introductie van vee, vooral schapen, door mensen uit die tijd. Concurrentie met schapen, ziekten en jacht hebben wellicht bijgedragen tot de achteruitgang van de blauwbok en inkrimpen van diens verspreidingsgebied. De blauwbok werd dus al met uitsterven bedreigd toen de Europese onderzoekers en jagers deze soort ontdekten. De Zweedse natuurkenner Carl Peter Thunberg viel in 1774 op dat deze dieren zeldzaam begonnen te worden. Het in cultuur brengen van de Kaapkolonie en de jacht met vuurwapens maakten korte metten met de laatste kleine kuddes en de soort was al uitgestorven voordat de eerste natuurhistorische kabinetten en musea een behoorlijk aantal exemplaren konden verzamelen. Het is een wonder dat er nog een paar opgezette blauwbokken bewaard zijn gebleven. Volgens de Duitse zooloog Martin Lichtenstein is de laatste blauwbok in 1799 gedood, maar ergens anders schreef hij 1800.

Verwante nog levende dieren:
Sabelantilope

Hippotragus niger

Roanantilope

Hippotragus equinus


 

 
   

Poolgebieden



uw eigen startpagina


© copyright WorldwideBase 2005-2009