Nijmegen (NL) -
Diabetici met gewenning aan een te lage bloedsuikerspiegel zijn misschien
gebaat bij theofylline. Maar aan de stof, en zijn verwant cafeïne, kleven
mogelijk ook risico's.
Type-1-diabetici, die geen insuline kunnen aanmaken, hebben zo'n twee á drie
keer per week een te lage bloedsuikerspiegel, ook wel hypoglykemie. Zij
kunnen de toestand, gekenmerkt door symptomen als trillingen, hoofdpijn en
hartkloppingen, zelf verhelpen met een beetje suiker. Af en toe treedt
echter een ernstige hypoglykemie op, die kan leiden tot een coma of
epileptische aanval. Bij ongeveer een kwart van de patiënten komt gewenning
aan hypoglykemie voor, wat de kans op een ernstige aanval vergroot. Een
verminderde respons van onder andere adrenaline verzwakt dan de symptomen
van hypoglykemie, waardoor patiënten niet op tijd ingrijpen.
Bastiaan de Galan, onlangs gepromoveerd aan de Katholieke Universiteit
Nijmegen, ontdekte dat de stof theofylline de kans op een ernstige
hypoglykemie vermindert. De stof bevordert tijdens een hypoglykemie het
vrijkomen van adrenaline, waardoor ook als er sprake is van gewenning
symptomen ontstaan. Vals alarm is uitgesloten, het middel heeft onder
normale omstandigheden geen effect, omdat het lichaam tolerantie opbouwt.
Het is echter niet zeker dat theofylline geschikt is als geneesmiddel. De
Galan ontdekte namelijk ook dat de stof de insulinegevoeligheid vermindert.
Dit is geassocieerd met een hoger risico op hart- en vaatziekten, een risico
dat bij diabetici al verhoogd is. In dit kader bestudeerde De Galan het
effect van cafeïne, een verwant van theofylline. Een gemiddelde inname van
cafeïne verminderde ook de insulinegevoeligheid. De Galan vindt het echter
voorbarig om diabetici het gebruik van cafeïne af te raden, aangezien er in
eerdere onderzoeken geen verbanden zijn aangetoond tussen cafeïnegebruik en
hart- en vaatziekten. Waarschijnlijk ontwikkelt het lichaam een tolerantie
voor de stof. |
|
|
|
|
|
|