| |
1. Wat is
chronische nierinsufficiëntie?
Men spreekt van chronische nierinsufficiëntie wanneer de nieren constant
onvoldoende werken (chronisch = voortdurend, insufficiënt =
onvoldoende).
Dit gebeurt doordat nierfiltertjes beschadigd zijn geraakt. De gezonde
nierfiltertjes gaan harder werken waardoor er in het begin geen
problemen ontstaan
Omdat de gezonde nierfiltertjes harder moeten werken, slijten zij eerder
en raken er steeds meer nierfiltertjes beschadigd. Hierdoor zal de
werking van de nieren, ook wel nierfunctie genoemd, steeds verder
achteruit gaan. Eenmaal beschadigde nierfiltertjes zijn niet meer te
herstellen. Daarom zal de internist/nefroloog proberen de achteruitgang
van de nieren zoveel mogelijk te vertragen of stil te leggen. Dit kan
bijvoorbeeld met behulp van medicijnen en/of dieet.
Wanneer er nog maar 5 à 10 procent nierfunctie is overgebleven, moet men
gaan dialyseren. De nierfunctie wordt dan overgenomen door een kunstnier
of door het eigen buikvlies. Er blijven anders zoveel afvalstoffen en
vocht in het lichaam achter, dat men zou komen te overlijden. Het is van
te voren moeilijk te zeggen wanneer de functie van de nieren zo ver
achteruit is gegaan, dat dialyse nodig wordt. Het kan een proces van
vele jaren zijn
De predialysefase
Omdat de achteruitgang van de nierfunctie geleidelijk verloopt, zal de
internist/nefroloog van tevoren kunnen aangeven wanneer de dialyse
ongeveer noodzakelijk wordt. Deze periode waarin de nieren nog voldoende
werken, maar men weet dat dialyse er aan gaat komen, noemt men de
predialysefase (pre = vóór). In deze fase zal de patiënt zich
voorbereiden op de naderende dialyse. In Nederland zijn 50
dialysecentra, waaronder vier kinderdialysecentra. Bij een van deze
centra komt men onder behandeling wanneer dialyse nodig is. Er bestaan
verschillende vormen van dialyse. In deze centra zijn mensen speciaal
getraind om voorlichting te geven over de diverse mogelijkheden van
dialysebehandeling.
2. Oorzaken van chronische nierinsufficiëntie
Chronische nierinsufficiëntie kan het gevolg zijn van allerlei
(nier)ziekten. Deze ziekten zijn zeer verschillend, maar zij hebben na
verloop van tijd allemaal als gevolg dat de nieren beschadigd raken en
minder goed gaan werken.
Veel voorkomende oorzaken van chronische nierinsufficiëntie zijn:
Nierfilterontsteking
Het terugstromen (reflux) van urine vanuit de blaas naar de urineleider
en het nierbekken, waardoor herhaaldelijk nierbekkenontsteking optreedt
Suikerziekte
Hoge bloeddruk
Erfelijke ziekten zoals cystenieren
Aderverkalking
In tien tot twintig procent van de gevallen van chronische
nierinsufficiëntie wordt geen oorzaak gevonden. Het opvallende is dat -
wat de oorzaak ook is - chronische nierinsufficiëntie vaak op dezelfde
manier verloopt dezelfde klachten en verschijnselen geeft en meestal
dezelfde behandeling noodzakelijk maakt.
"Ze hebben bij mij niet kunnen vinden waarom mijn nieren zo achteruit
gaan. 't Is gek, want in de vooruitzichten maakt het niets uit, maar ik
wou dat ik wel een oorzaak wist. Je wilt toch begrijpen hoe het werkt."
3. Algemene behandeling
Er bestaat geen behandeling die chronische nierinsufficiëntie kan
genezen. Wel zal er, in de periode totdat de dialyse start, een
behandeling worden ingesteld om de achteruitgang van de nierfunctie af
te remmen.
De behandeling valt uiteen in drie delen:
A. Behandeling van de oorzaak
B. Dieet
C. Behandeling van de klachten en verschijnselen
A. Behandeling van de oorzaak
Er zijn veel nierziekten die chronische nierinsufficiëntie kunnen
veroorzaken. Een van de oorzaken van chronische nierinsufficiëntie is
het jarenlang innemen van grote hoeveelheden pijnstillers. De kans is
groot dat de achteruitgang van de werking van de nier gestopt kan
worden, of dat de werking zelfs kan verbeteren, wanneer het gebruik van
pijnstillers wordt gestaakt. Doorgaan met pijnstillers leidt tot
ernstiger beschadigingen.
Bij een nierziekte treedt vaak verhoogde bloeddruk op. Deze verhoogde
bloeddruk is mede-veroorzaker van een chronische nierinsufficiëntie.
Behandeling van een verhoogde bloeddruk zal dus de achteruitgang van de
nieren vertragen.
Ook infecties aan de urinewegen kunnen er toe leiden dat de nierfunctie
verder achteruit gaat. Daarom zullen ook deze infecties worden
behandeld.
B. Dieet
Mensen met chronische nierinsufficiëntie zullen een dieet voorgeschreven
krijgen. De nieren kunnen minder aan en een dieet moet ervoor zorgen dat
de belasting voor de nieren kleiner wordt. Welk dieet nodig is, hangt af
van hoe goed de nieren nog werken en van iemands persoonlijke
omstandigheden.
C. Behandeling van de klachten en verschijnselen
Deze wordt in de volgende paragraaf beschreven.
4. Klachten en verschijnselen
Klachten ontstaan pas erg laat
Het is opvallend dat bij chronische nierinsufficiëntie pas klachten
ontstaan wanneer de werking van de nieren al sterk achteruit is gegaan.
Geleidelijk gaat steeds meer nierweefsel verloren, maar de nier kan dit
verlies nog lang opvangen door zich aan te passen. Dat gebeurt eenvoudig
gezegd, doordat het overgebleven nierweefsel harder gaat werken. Het is
daarom niet ongewoon dat bij iemand een ernstig verlies van de
nierfunctie wordt geconstateerd terwijl deze persoon pas korte tijd
klachten heeft.
Zeer veel klachten
De werking van de nieren is zeer breed. Ze hebben invloed op ons hele
lichaam. Daarom is het niet verwonderlijk dat slecht werkende nieren op
veel organen een negatieve invloed hebben. Hoe meer de nieren beschadigd
zijn, hoe meer klachten er optreden.
De lijst van klachten en verschijnselen die kunnen ontstaan als gevolg
van chronische nierinsufficiëntie is erg lang. Hieronder worden enkele
van de meest voorkomende klachten en hun behandeling beschreven.
Schrik niet van deze lijst: u zult niet met alle verschijnselen te maken
krijgen! Bovendien zijn veel klachten en verschijnselen redelijk of goed
te behandelen en zullen sommige verminderen of verdwijnen wanneer u gaat
dialyseren.
De klachten kunnen ook een andere oorzaak hebben
Wij raden aan om bij klachten altijd met uw huisarts en internist/nefroloog
te overleggen. Als u een van de hieronder genoemde klachten krijgt,
hoeft deze niet het gevolg te zijn van chronische nierinsufficiëntie.
Alle klachten en verschijnselen kunnen namelijk ook door andere ziekten
worden veroorzaakt. Het is van belang dat dit wordt onderzocht. Zeker
als de klachten verergeren, of wanneer nieuwe verschijnselen optreden,
is het aan te raden te overleggen.
Moeheid
Moeheid wordt meestal veroorzaakt door bloedarmoede (zie hieronder),
maar kan ook een gevolg zijn van de ophoping van afvalstoffen in het
bloed. Wanneer de bloedarmoede wordt behandeld en de dialyse start zal
de moeheid vaak (geleidelijk) afnemen.
Bloedarmoede
Bloedarmoede (anemie) is een tekort aan rode bloedlichaampjes en is een
veel voorkomend verschijnsel bij chronische nierinsufficiëntie. Klachten
zijn: moeheid en lusteloosheid, een bleke huid, kortademigheid bij
inspanning, hartkloppingen en soms hoofdpijn en duizeligheid.
De belangrijkste oorzaak voor de bloedarmoede is dat de nieren minder
van het hormoon erytropoietine aanmaken. Hierdoor wordt het beenmerg,
waar de rode bloedlichaampjes gemaakt worden, minder gestimuleerd. Het
beenmerg kan ook minder goed werken door de ophoping van afvalstoffen in
het bloed. Ook zijn de rode bloedlichaampjes zwakker waardoor zij
sneller worden afgebroken. De behandeling bestaat uit injecties met
erytropoietine (EPO).
Verhoogde bloeddruk
Hoge bloeddruk (hypertensie) is een verschijnsel dat bij veel
nierziekten voorkomt, ook bij chronische nierinsufficiëntie. Hoge
bloeddruk versnelt de achteruitgang van de nieren en vergroot de kans op
hart- en vaatziekten, zoals een hersenbloeding of een hartaanval. Een
verhoogde bloeddruk zal behandeld moeten worden.
Verhoogde bloeddruk hoeft geen klachten te geven. Als dit wel het geval
is kan het gaan om hoofdpijn (vaak in het achterhoofd, meestal 's
ochtends). Wanneer er ook hartzwakte bestaat kan er bovendien
kortademigheid en pijn op de borst bij inspanning ontstaan.
Factoren die ertoe bijdragen dat de bloeddruk te hoog wordt, zijn
bijvoorbeeld een te grote aanmaak van het hormoon renine of het feit dat
het lichaam te veel water vasthoudt.
De behandeling bestaat bij een licht verhoogde bloeddruk uit het
verminderen van het gebruik van zout, vaak in combinatie met
lichaamsbeweging en vermageren. In ernstiger gevallen zullen er
medicijnen worden voorgeschreven. Het kan hier gaan om verschillende
groepen medicijnen, onder meer plaspillen (diuretica), bètablokkers,
medicijnen die de bloedvaten verwijden, ACE-remmers en
calciumantagonisten.
De huid
De huid kan bleek zijn. Dit wordt veroorzaakt door de bloedarmoede (zie
hierboven). Ook is de huid vaak droog en schilferig doordat er geen
normale hoornlaag gevormd kan worden. Het kan vóórkomen dat de huid in
de zon makkelijker bruin wordt.
Jeuk
Een hinderlijke klacht die op kan treden is jeuk. De oorzaak hiervan is
niet echt bekend. De jeuk ontstaat mogelijk door de ophoping van
afvalstoffen in het bloed of in de huid zelf, maar kan ook te maken
hebben met een aantasting van de zenuwen (zie hieronder).
Aan jeuk is vaak weinig te doen. Invetten kan verlichting geven; ook
mentholpoeder en lanettecrème met menthol kunnen helpen. Soms heeft een
lage dosis ultraviolet licht effect. In enkele gevallen wordt de jeuk
veroorzaakt door een stoornis in de kalk(calcium)huishouding. Als in dat
geval via een operatie de bijschildklieren worden weggehaald, als
therapie voor botproblemen (zie hieronder). Kan dat een gunstig effect
op de jeuk hebben. Bij jeuk is het belangrijk dat de hoeveelheid fosfaat
in het bloed niet te hoog wordt. De jeuk wordt soms minder na de start
van de dialyse, na transplantatie zal de jeuk meestal verminderen of
verdwijnen.
Stoornissen van de water- en zouthuishouding
Het is niet zo dat bij chronische nierinsufficiëntie altijd
minder geplast wordt, of dat er altijd minder zout kan worden
uitgescheiden. In het beginstadium wordt soms zelfs meer geplast (ook 's
nachts) en in sommige gevallen gaat er veel zout verloren met de urine.
Bij chronische nierinsufficiëntie kunnen de nieren lange tijd de
beschadigingen opvangen. Er ontstaan dan geen klachten, maar de nieren
worden wel minder flexibel. Zij kunnen dan minder goed reageren op
plotselinge veranderingen, zoals een maaltijd met veel zout of het
drinken van een paar liter bier.
Hierdoor bestaat het gevaar dat het lichaam overvuld raakt met water of
juist uitdroogt. Verschijnselen van overvulling zijn: gewichtstoename,
benauwdheid en ophopingen van vocht (oedeem) die op bepaalde plaatsen
van het lichaam het meest opvallen: rond de ogen (meestal in de ochtend)
en rond de enkels (meestal 's avonds). Verschijnselen van uitdroging
zijn: gewichtsvermindering, holle ogen, droge huid en droge
slijmvliezen.
Behandeling van overvulling of uitdroging bestaat uit aanpassen van wat
er gegeten en gedronken wordt (minder of meer zout en vocht); bij
overvulling kunnen bovendien plaspillen noodzakelijk zijn.
Ook kunnen er stoornissen ontstaan in de zouthuishouding: het bloed kan
te veel zouten (natrium, kalium, fosfaat) bevatten. De behandeling
bestaat ook hier uit het aanpassen van het dieet; soms worden medicijnen
voorgeschreven die voorkómen dat kalium of fosfaat door binding via de
darm worden opgenomen.
De botten
Bij chronische nierinsufficiëntie kan vitamine D niet meer in een
werkzame vorm worden omgezet. Dit is één van de oorzaken van
botproblemen. Een andere oorzaak is dat het fosfaatgehalte in het bloed
te hoog wordt. Het lichaam reageert dan met een verlaging van het
calciumgehalte in het bloed (doordat calcium vanuit het bloed in het
lichaam neerslaat). Daardoor zal er calcium (kalk) worden onttrokken aan
de botten, met als gevolg dat de botten breekbaarder worden. Er ontstaat
pijn in de botten; kinderen kunnen bovendien last krijgen van een
groeiachterstand.
De behandeling bestaat uit het voorschrijven van een actieve vorm van
vitamine D en medicijnen die fosfaat in de darm binden, zodat het
fosfaatgehalte in het bloed daalt. Soms wordt extra calcium
voorgeschreven. Via het toedienen van deze medicijnen in wisselende
doses probeert men een evenwicht in het lichaam te bewaren. In sommige
gevallen is een operatie noodzakelijk waarbij de bijschildklieren worden
verwijderd. De bijschildklieren spelen namelijk een rol bij de
kalkstofwisseling. Bij chronische nierinsufficiëntie worden deze
bijschildklieren vaak te actief, waardoor te veel calcium aan de botten
wordt onttrokken. Een operatie kan dan uitkomst bieden (deze kan teven
een positief effect hebben op mogelijke jeukklachten).
Vatbaarheid voor infecties
Bij chronische nierinsufficiëntie kan het afweersysteem minder goed
werken waardoor de gevoeligheid voor infecties toeneemt. Het is daarom
aan te raden elk jaar een griepprik te halen.
"Ik vond die griepprik altijd een beetje overdreven. Een griepje op z'n
tij dis toch geen ramp. Maar vorige winter kreeg ik mooi longontsteking.
Wat was ik daar ziek van! Nu ik weet dat met m'n slechte nieren te maken
heeft, haal ik in november dus toch maar een griepprik."
Klachten van de geslachtsorganen
Er kunnen verschillende klachten en verschijnselen optreden, zoals
moeilijkheden om een stijve penis te krijgen of te houden (impotentie),
menstruatiestoornissen, minder zin in vrijen en moeilijker zwanger
worden. Na transplantatie kunnen zij geheel verdwijnen.
De zenuwen
De zenuwen kunnen aangetast worden, waarschijnlijk als gevolg van
ophoping
van afvalstoffen in het bloed. Klachten zijn: prikkelingen, een doof
gevoel, pijn, soms verlammingen en vermindering van de spieromvang.
Krampen in de spieren (vaak 's nachts) worden mogelijk ook door deze
zenuwaandoening veroorzaakt, al kunnen krampen ook te maken hebben met
een tekort aan zout. De klachten komen met name voor aan de armen en
benen. Deze aandoening noemt men ook wel perifere neuropathie (perifeer
= aan de uiteinden, neuron - zenuw, pathos = ziekte).
Beginnende klachten kunnen wel eens worden afgeremd (en soms verminderd)
door tijdig met dialyse te beginnen. Bestaande klachten verdwijnen
echter meestal niet door dialyse. Na transplantatie treedt vaak wel
herstel op.
Misselijkheid en braken, slechte adem
Door een ophoping van afvalstoffen in het bloed kan iemand misselijk
worden, braken en een slechte adem krijgen. De behandeling bestaat uit
een eiwitbeperkt dieet en medicijnen tegen het braken. Meestal
verminderen de klachten na de start van de dialyse.
Bijwerkingen van medicijnen
Veel medicijnen worden uit het lichaam verwijderd via de nieren. Wanneer
de werking van de nieren achteruit gaat, gebeurt dit minder goed en
bestaat de kans dat zich medicijnen in het bloed ophopen. Dit vergroot
de kans op bijwerkingen. De dosis van dergelijke medicijnen zal daarom
vaak lager moeten zijn dan gewoonlijk, of men zal ze minder vaak moeten
innemen. |
|
|
|
|
|