De
dagbloem of Ipomoea purpurea.
Dit familielid van de wilde, witte haagwinde (Calystegia sepium) is
een goede klimmer. De dagbloem, die zowel als kamerplant als voor de
tuin wordt gekweekt, heeft oorspronkelijk purperrode, trompetvormige
bloemen.
De hemelsblauwe variëteit is echter veel bekender. Er zijn ook witte
en wit-gestreepte variëteiten. Bij regenachtig weer en op de warmste
uren van de dag sluiten de grote bloemen zich. De Ipomoea kan op een
warm en zonnig plekje, omstreeks half april, ineens buiten worden
gezaaid. Bemest de grond met compost of wat verteerde stalmest.
Kalkarme grond verrijkt u met wat landbouwpoederkalk. Binnen (op
bodemwarmte) gezaaide planten moet u niet voor eind mei buiten
zetten. Geef ze een goed beschutte, warme plaats en breng gaas of
draad aan waarlangs de planten kunnen klimmen. De grond moet vochtig
worden gehouden. Begin juli moet u wat kunstmest geven om de groei
van de plant te stimuleren. |
|
|
|
|
|
|
|