Tijd is meer dan
een getal
Wij meten de tijd in dagen, uren, minuten en seconden. Dit zijn afgepaste
maten. Op je computer bijvoorbeeld is nu de tijd: 16 uur, 59 minuten en 40
seconden. Toch wordt tijd gevoelsmatig anders ervaren en de beleving daarvan
is afhankelijk van de context. "Wat ging dit heerlijke weekend snel; wat
duurde de reis lang!" Twintig minuten aan het strand lijken soms korter dan
vijf minuten bij de tandarts. Wanneer we ons bezig houden met iets
onaangenaams duurt de tijd naar ons gevoel langer.
Wat zegt de tijd ?
Als je aan mensen vraagt wat tijd te maken heeft met communicatie, zullen de
meeste zeggen: "niets". Toch kan de manier waarop iemand gebruik maakt van
tijd heel veel duidelijk maken.
De Amerikaanse antropoloog Edward T. Hall onderscheidt drie soorten tijd:
- de technische tijd (zoals astronomen die hanteren)
- de formele tijd (in minuten, uren, dagen, maanden en jaren)
- de informele tijd.
De informele tijd geeft het meest van al ons tijdsgebruik weer: wat doe je
op welk moment, hoe lang en met wie? Wat is vroeg en wat is laat? Hoewel in
de informele tijd ongeveer dezelfde tijdsaanduidingen gebruikt worden als in
de formele, betekenen ze iets anders, afhankelijk van de situatie. Evenals
bij andere non verbale communicatieaspecten is datgene wat we aanduiden door
de manier waarop we met tijd omgaan meerzeggend dan woorden. Hoe lang blijft
iemand bij een ander zitten? Hoe lang kijkt hij een ander aan voordat hij
wegkijkt. Komt hij "op tijd" voor een gemaakte afspraak of komt hij "rond
die tijd"? Hoe lang laat hij anderen wachten? Wil hij een gesprek het liefst
tot het einde rekken of wil hij zich er snel van af maken.
De grens die tijd biedt
Waarschijnlijk hebben we voor onszelf een gevoelsmatige en informele
tijdsgrens voor hoe vaak en hoe frequent een contact met een ander mag zijn.
Deze grens verschilt per persoon en ook afhankelijk van de relatie die je
met de ander hebt. Ook hebben we verwachtingen naar anderen betreffende
tijd. Zo verlangen we bijvoorbeeld dat iemand op tijd is voor een afspraak
of iets op tijd af heeft. Het is goed om je bewust te worden van dit soort
aspecten van tijd. Je kunt er in de communicatie met een ander rekening mee
houden. Hoe je zelf met tijd omgaat bepaalt of anderen je als zenuwachtig,
druk, makkelijk, ontspannen, lui, stipt of streng ervaren.
Bijvoorbeeld een moeder die haar kind heeft gewekt komt erg streng over als
ze al na 5 minuten opnieuw bij hem langs gaat om hem aan te sporen op te
staan. Als ze hem tien minuten eerder roept en pas na een kwartier weer gaat
kijken komt dit minder directief over, terwijl hij toch op dezelfde tijd zal
opstaan. Op deze manier geeft ze hem de tijd en toch komt hij wel op tijd.
Dit principe geldt ook voor andere tijdsafspraken.
Als de vader van een tiener zegt dat hij zijn dochter tussen 23.00 uur en
24.00 uur terug verwacht, klinkt dat veel informeler dan wanneer hij zegt
dat zij uiterlijk om 24.00 uur thuis moet zijn, terwijl er geen wezenlijk
verschil zal zijn in de tijd van thuiskomst. Dit wil niet zeggen dat de ene
manier beter is dan de ander, het is soms zeker goed om streng over te
komen. Voor welke benadering je kiest, is uiteindelijk aan jezelf, en
afhankelijk van de situatie en de persoon waar je mee te maken hebt. Bij een
kind dat veel structuur nodig heeft, zal je uiteraard kiezen voor een
duidelijke tijdsafspraak.
Tijd en belangstelling
Aan de tijd die we ergens voor vrij willen maken en de tijd die we er voor
nemen, wordt onze belangstelling afgelezen. Als iemand zich ergens snel van
af wil maken, is het waarschijnlijk dat hij er zich weinig enthousiast voor
voelt. In ieder geval krijgen we het gevoel dat het hem minder interesseert.
Ook de tijd die we de mensen om ons heen bieden is een aanduiding voor de
belangstelling in hen. Voor vrienden staan we altijd klaar. Hoe goed die
vriendschap is, wordt vaak afgelezen van de frequentie en de duur van de
contacten. We spreken van een intensief of minder intensief contact. Als je
met je verjaardag een kaartje van een vriend krijgt, waardeer je dit niet
zozeer vanwege de anderhalve gulden die hij bij de aankoop daarvan
gespendeerd heeft, maar vanwege het feit dat hij op dit voor jou zo
belangrijke moment aan je denkt en de tijd voor je neemt.
Maak tijd voor mij !
Door verpleegkundigen onder elkaar wordt een patiënt wel eens "claimend"
genoemd. Met dit woord beschrijven zij de mate waarin de patiënt aandacht
vraagt en de manier waarop hij dat doet. In de betekenis van dit woord
speelt het tijdsaspect een grote rol. Het gaat immers om de frequentie en de
aanhoudendheid waarmee de patiënt om aandacht vraagt. De patiënt die
claimend wordt genoemd vraagt meer tijd en aandacht en stelt zich
afhankelijker op dan de verpleegkundige nodig vindt. Misschien wordt deze
"claimende" patiënt om deze reden zelfs lastig gevonden. In de overdracht
van de verpleegkundigen wordt dat in ieder geval niet zo genoemd. Als de
verpleegkundige overigens tegen deze patiënt zegt dat zij hem graag wil
helpen, maar zij vervolgens niet echt de tijd voor hem neemt, komen haar
goed bedoelde woorden niet geloofwaardig over.
Tijd : belangrijkheid en macht
Tijd is moeite en daarom is tijd geld. Binnen een organisatie wordt ook de
machtsverhouding door het gebruik van tijd vastgesteld. De werkgever kan te
allen tijde (binnen de diensttijd), beslag leggen op de tijd van de
werknemer. Deze dient gelijk klaar te staan en dan ook de tijd te nemen. De
werkgever zelf heeft vaker geen tijd. De werknemer kan daarom meestal beter
een tijdsafspraak maken. Er wordt dan ook van hem verwacht dat hij dan op
tijd is. Een tijdsaspect dat de mate van belangrijkheid van de boodschap
aanduidt is het tijdstip waarop deze wordt gebracht. In de tijd die we voor
onszelf willen nemen, wensen we liever niet gestoord te worden. Als we thuis
zijn worden we daarom ook niet door onze baas gestoord, tenzij het heel
belangrijk is. Als iemand ons midden in de nacht opbelt, mogen we aannemen
dat de boodschap wel heel erg belangrijk is.
Hoe ga je zelf met tijd om ?
Het is nuttig om verschillende tijdsaspecten van jezelf te onderzoeken.
Anderen zien ook hoe jij met tijd omspringt! Geef je de indruk het altijd
druk te hebben, of kan je ook ergens rustig blijven zitten? Hoe lang blijf
je op je werk praten met een klant? Hoe verdeel je je tijd over je
collega's? Hoe lang en hoe vaak trek je jezelf terug in je kantoor? Hoe vaak
zeg je geen tijd te hebben? Wanneer zeg je dat, en tegen wie? Maar ook: geef
je iemand de tijd om uit te praten? Hoe lang ben je in een gesprek zelf aan
het woord en hoeveel tijdsruimte geef je aan de ander? En tenslotte: hoe
lang kijk je iemand aan? Dit alle zijn pragmatische aspecten van de
communicatie.
Tijd en cultuur
Het besef van tijd en de omgang met tijd verschilt per cultuur. De manier
waarop de bewoners van een land omgaan met tijd, lijkt samen op te gaan met
de temperatuur aldaar. Hoe dichter een land bij de evenaar ligt, hoe kalmer
aan de mensen het schijnen te doen. In het westen (lees noorden), zijn we
gewend om 8 uur aaneen te werken in een relatief vlug tempo. In de
zuidelijke landen doet men rustiger aan. In de uren dat het het warmst is
wordt een pauze (siësta) van een paar uur genomen om te rusten. 's Avonds
als het weer is afgekoeld gaat het leven weer in volle gang verder. Winkels
zijn dan open en zelfs de kinderen spelen nog tot zeer laat buiten. Ook
etenstijd is bij hen een paar uur later dan in het westen. Het kost de
westerlingen soms moeite om aan dit andere ritme te wennen.
Tout de Suite !
Ook in communicatief opzicht heeft tijd in de warmere landen een wat andere
betekenis. Als je bijvoorbeeld in Frans West-Afrika aan de buschauffeur
vraagt wanneer hij vertrekt, is het antwoord vaak: "Tout de suite!" (Zo
meteen). Het werkelijke vertrek kan dan nog uren, zo niet een dag op zich
laten wachten. Haasten lijkt een woord wat men daar niet kent, hoewel je dat
idee weer niet krijgt wanneer je je aldaar in het stedelijke verkeer mengt.
Piekeren en tobben
In de westerse samenleving wordt tijd gezien als een continue lijn,
eendimensionaal en onomkeerbaar. Onze aandacht wordt vooral gericht op het
nabije verleden en de nabije toekomst. Piekeren en tobben zijn woorden die
passen bij dit tijdsbesef. We denken dan na over wat we gisteren gedaan
hebben en vragen ons voortdurend af of we het wel goed gedaan hebben. Verder
denken we aan morgen en hoe moeilijk het dan wel weer zal kunnen zijn.
Latijns-Amerikanen, Arabieren en Aziaten zijn meer op het verleden en het
heden gericht. In de ogen van deze op het verleden en heden gerichte
culturen is de westerling rusteloos, oppervlakkig en ongelukkig. De laatste
jaren zijn wij westerlingen ons zelf ook steeds bewuster van de ongezonde
manier waarop we tegen de tijdsaspecten van het leven aankijken. Hedendaagse
therapeuten en trainers in "positief denken" trachten ons een andere kijk op
tijd bij te brengen. We zouden vooral minder moeten piekeren en tobben en
meer bewust moeten leven in het hier en nu. De volgende uitspraak van Emile
Ratelband is een veelzeggend voorbeeld:
Een menselijke klok
Sommige mensen hebben zich misschien afgevraagd wat tijd te maken heeft met
lichaamstaal. Deze website gaat over communiceren zonder woorden en zoals je
hebt gezien zegt omgang met tijd veel over de verhoudingen tussen mensen.
Communicatie in tijd is geen lichaamscommunicatie maar wel non-verbale
communicatie. Als je de lichaamstaal op deze pagina hebt gemist zou je eens
een blik kunnen werpen op deze menselijke klok. Als je de instellingen van
de klok gereed hebt zul je zien dat de uitingsvorm van tijd dus toch nog
iets menselijks kan hebben! |
|
|
|
|
|
|