De
zilverbijlzalm komt uit het Peruaanse deel van de Amazone en uit
Guyana en Venezuela. Hij is groter dan de marmerbijlzalm en wordt
6,5 cm. lang. In tegenstelling tot de marmerbijlzalm heeft hij een
goed ontwikkelde vetvin. Bijlzalmen leven in de natuur in scholen.
Wanneer ze door een roofdier worden aangevallen, zwemmen de vissen
snel naar alle kanten weg, waarbij sommige uit het water springen en
boven het wateroppervlak 'vliegen' om te proberen hun achtervolger
af te schudden. In het aquarium heeft deze door een temperatuur
nodig van 23 tot 30 graden C. Hij kan opgroeien met kleine en
vreedzame andere soorten die in de onderste delen van het water en
bij de bodem blijven. Er zijn geen secundaire verschillen tussen het
mannetje en het vrouwtje bekend. Bij deze doorzichtige vissen is het
vrouwtje het best herkenbaar van de zijkant met tegenlicht : dan
zijn de eieren te zien die in haar ovarium liggen. Bijlzalmen van
het geslacht Carnegiella en Gasteropelecus zijn in gevangenschap te
kweken.