| |
Goudhaantje
of regulus regulus
Er is ooit vastgesteld dat een goudhaantje gevangen zat in een
spinnenweb ! Hoewel veel kleiner kunt u het goudhaantje
gemakkelijk verwarren met een mees. Ze sluiten zich ook vaak aan
bij een mezenzwerm als ze tussen het gebladerte op zoek zijn
naar insecten en spinnen. Als u echter het bijzondere liedje van
het goudhaantje en zijn roep eenmaal kent, dan hoort u
onmiddellijk als hij er is.
Kenmerken
Een korte, dunne snavel, om de kleinste insecten te kunnen
oppikken. Verder een karakteristieke kuif (zie foto). De kuif is
met geel afgezet en heeft een zwarte rand. Mannetjes baltsen
door hun kuif, gedeeltelijk oranje, op te zetten. De jongen
hebben geen gekleurde kuif. Lengte van de vogel : 9 cm.
Geluid
Het liedje is een zacht op en neergaand 'twiedly-twiedly',
eindigend in een energiek tierlantijntje.
Voedsel
Het goudhaantje eet veel spinnensoorten en insecten, vooral
vliegen, luizen en kevers en hun larven, maar af en toe pakt hij
ook grotere insecten zoals volwassen motvlinders.
Wintervoedering
Kruimeltjes, vet en geraspte kaas worden vooral in strenge
winters gegeten.
Nest
Als u cypressen, coniferen en larix plant, stimuleert u de
goudhaantjes om in uw tuin te nestelen. Ze wonen ook in klimop
en gaspeldoorn. In het begin van het broedseizoen imponeren de
mannetjes door hun kuif op te zetten. U kunt het goudhaantje
snel over het hoofd zien, niet zozeer door zijn kleine
afmetingen, maar omdat hij verstopt tussen de bladeren en
dennentakken leeft. Het nest, meestal gebouwd door het vrouwtje,
is verstopt onder het groen, hangend aan het eind van een tak.
Het is gemaakt van mos en korstmos en het wordt bij mekaar
gehouden door spinnenwebben.
Broedgegevens
Maanden april tot juli - twee legsels - zeven tot tien
bruingestippelde, witte of gele eieren - broedtijd : 14-17
dagen, door het vrouwtje - vliegvlug : 16-21 dagen; tijd tot
zelfstandig worden is niet bekend. |
|
|
|
|
|
|