| |
De
groenling of carduelis chloris
De groenling is een algemene tuinvogel geworden, sinds hij deze
eeuw geleidelijk de steden en dorpen gekoloniseerd heeft. Dit
komt gedeeltelijk door het verminderen van graan en onkruidzaden
als gevolg van de intensieve landbouw, maar de groenling wordt
ook gelokt door de pinda's en zonnebloemzaden op de
voederplaatsen.
Kenmerken
Bij het opvliegen vallen vooral de gele kleuren op. Het vrouwtje
is egaler en grijsgroener van kleur. De gele vleugelvlekken
onderscheidt de vrouwtjes van de mussen. Lengte : 14,5 cm.
Voedsel
Het menu bevat een breed assortiment zaden van onder andere iep,
braam, paardebloem en in het najaar rozenbottels.
Wintervoedering
Het is een frequent bezoeker van de voedertafel voor
zonnebloempitten en pinda's. Verder zoeken groenlingen zaden en
voer op de grond onder de voedertafel en dicht bij
verzamelplaatsen; voer dat andere vogels hebben laten vallen.
Nest
In tegenstelling tot andere vogels blijven groenlingen het hele
broedseizoen bij elkaar. Ze nestelen soms in kleine groepen van
een stuk op zes paartjes, meestal in een dichte struik. Het
vrouwtje bouwt het nest van takjes, gras en mos en voert het met
haar en wortels.
Broedgegevens
Maanden april tot augustus - twee of drie legsels - vier tot zes
roodgestippelde, witte eieren - broedtijd : 12-14 dagen, door
het vrouwtje - vliegvlug : na 13-16 dagen; twee weken later
zelfstandig. |
|
|
|
|
|
|