header_science

Totaal bezoekers:
Totaal pagevieuws:
Online bezoekers:
 
 
 
   


 maak van deze website uw startpagina !

WorldwideBase
Alle wwbase pagina's

 

De grondbeginselen van de bouwkunde volgens Vitruvius.

 

De Romeinen klik hier

 
Bouwkunde bestaat uit ordening, schikking, harmonie, evenwichtige verhouding, decor en economie.

Ordening is uitgebalanceerd dimensioneren van de onderdelen van het werk afzondelijk en voor het geheel: de verwerking van de proporties tot evenwichtige verhoudingen. De ordening wordt bepaald door kwantiteit; kwantiteit is het afleiden van vaste modulen uit delen van het werk zelf en de harmonische uitwerking van het totale concept uit de afzonderlijkere elementen van de bouwgeledingen.

Schikking betreft de juiste plaatsing van de delen en de sierlijke aanblik die het bouwwerk ontleent aan de compositie: een kwalitatief begrip. De uitdrukkingsvormen van de schikking zijn: 'ichnographia', 'orthographia' en 'scaenographia'.
-'Ichnographia' (de plattegrondschets) komt tot stand door gebruik te maken van passer en liniaal tezamen op een kleinere schaal. Met behulp daarvan worden later de omtrekken van de bouwdelen op het maaiveld van de bouwplaats uitgezet.
-'Orthographia' (de aanzichttekening) is de afbeelding van de opstand van de voorgevel en een tekening op schaal naar werkelijke afmetingen van het toekomstige bouwwerk.
-'Scaenographia' (de perspectieftekening) tenslotte behelst de schetsen van de voorgevel en de terugwijkende zijgevels en het corresponderen van alle lijnen met het middelpunt van een cirkel. Deze tekeningen zijn het resultaat van denkwerk en creativiteit.
Denkwerk is de geestesarbeid met studie, ijver en onvermoeibaarheid om een gestelde opdracht met voldoening te realiseren.
Creativiteit is het verhelderen van duistere problemen en met flexibele geestkracht oplossingen voor iets nieuws ontdekken. Dit zijn de begripsbepalingen die vallen onder schikking.

Harmonie betreft het elegante uiterlijk, een aanblik die goed geproportioneerd aandoet door de compositie van de geledingen. Dit effect bereikt men wanneer de geledingen van het werk de juiste verhouding tonen van hoogte ten opzichte van de breedte en van breedte ten opzichte van de lengte, kortom als alle delen beantwoorden aan hun eigen plaats in de evenwichtige verhouding.

Evenwichtige verhouding is de passende overeenstemming tussen de geledingen van het bouwwerk zelf en de wisselwerking op grond van een vastgestelde maateenheid tussen de afzonderlijke delen en de aanblik van de totale vorm. Zoals bij het menselijk lichaam in de onderarm, voet, hand, vinger en overige ledematen het eigen karakter van de harmonie berust op symmetria, zo is dat ook het geval bij de uitvoering van bouwwerken.
Allereerst bij gewijde gebouwen, uitgaande van de zuildikte of de triglief of ook van de embater; bij een blijde vanuit het boorgat; bij schepen uit de riemafstand. Op die manier wordt voor alle andere werken uit de geledingen het systeem van evenwichtige verhoudingen gevonden.

Decorum is de onberispelijke aanblik van een gebouw dat met vakkenis is opgebouwd uit delen die aan de eisen voldoen. Decorum wordt bereikt door geldende voorschriften of volgens de traditie of door aanpassing aan de natuur. Door geldende voorschriften bijvoorbeeld wanneer voor Jupiter Fulgur (de bliksemgod), voor de Hemel, de Zon en de Maan gebouwen onder de blote hemel en met een onoverdekte cella worden opgericht. De verschijning en werking van deze goden doet zich immers aan onze ogen voor in het open en helverlichte heelal. Voor Minerva, Mars, en Hercules moeten tempels in Dorische stijl verrijzen, want bij de krijgshaftigheid van deze godheden past het bouwwerken zonder franje te ontwerpen. Ter ere van Venus, Flora, Proserpina en de bronnimfen zullen, naar het schijnt, eerder tempels volgens de Korintische orde de passende kenmerken vertonen. Voor deze godinnen met hun zachte aard zullen relatief slanke bouwwerken, gesierd met bloemen, bladeren en voluten, het bij hen passende decorum nog lijken te verhogen. Als voor Juno, Diana, Liber Pater en de andere goden van gelijke aard Ionische tempels worden opgericht, zal daardoor recht worden gedaan aan hun middenpositie, omdat de eigen kenmerken van deze tempels het juiste midden houden tussen de strenge Dorische orde en de sierlijkheid van de Korintische.

Decorum uit zich volgens de traditie, wanneer gebouwen met een luisterlijke interieur tevens worden voorzien van een sierlijke voorhal die daarbij past. Wanneer het interieur smaakvol is afgewerkt, terwijl de entree bekrompen en onaanzienlijk is, dan ontbreekt het immers aan decorum. Of stel dat in de kroonlijst boven een Dorintische architraaf een tandlijst wordt uitgehakt, of boven zuilen met een kussenkapiteel en een Ionische architraaf trigliefen worden uitgevoerd: dat is het overhevelen van stijlkenmerken uit het ene systeem naar het ander type bouwwerk, hetgeen een afstotende aanblik geeft, omdat men vanouds met andere tradities van stijl vertrouwd is.

Van decorum door aanpassing aan de natuur zal sprake zijn als op de eerste plaats voor alle tempels de gezondste omgeving wordt uitgekozen, en bronnen met zuiver water in die plaatsen waar men heiligdommen wil oprichten, en verder vooral als het gaat om Aesculapius, Salus (de god van de gezondheid) en die goden door wier geneeskracht zeer veel zieken schijnen te genezen. Wanneer zieke lichamen namelijk uit een ongezonde naar een heilzame plek worden overgebracht, en men hun water toedient uit geneeskrachtige bronnen, komen ze sneller op krachten. Zo zal de natuurlijke omgeving ertoe leiden dat de godheid een grotere reputatie krijgt en in aanzien en waardigheid stijgt.

Van decorum door aanpassing van de natuur is ook sprake als slaapkamers en bibliotheken hun licht uit het oosten krijgen, badkamers en wintervertrekken uit het zuidwesten, en zalen voor schilderstukken en ruimten die gelijkmatige verlichting vergen licht uit het noorden, omdat die hemelstreek niet wordt belicht of verduisterd door de zonnebaan, maar de hele dag gelijkmatig en onveranderlijk is.

Economie tenslotte betreft een passende verdeling van bouwmaterialen en bouwgrond, tevens een zuinige en rationele beheersing van de bouwkosten. Deze neemt men in acht door om te beginnen als architect geen materialen te verlangen die niet kunnen worden gevonden of aangeschaft zonder hoge kosten. Natuurlijk is niet op alle plaatsen in voldoende mate zuiver zand te vinden of breuksteen, of sparren of dennen of marmer, aangezien het een hier ontstaat en het ander daar, en het transport moeilijk en kostbaar is. Waar geen zand kan worden gedolven, moet men dus rivierzand of uitgewassen zeezand verwerken. Gebrek aan dennen- of vurenhout omzeilt men door gebruik te maken van cipres, populier, iep of grenen. Andere problemen zullen op vergelijkbare wijze moeten worden geklaard.

Van een ander niveau van economie is sprake als we verschillende typen behuizing bouwen in overeenstemming met de behoefte van de huiseigenaren, het beschikbare budget of de hoge positie van een redenaar. Het lijkt me duidelijk dat woningen in de stad anders moeten worden ingericht dan die waarin de opbrengsten van landbouwgrond binnenstromen. Voor geldschieters bouwen we niet op dezelfde manier; weer heel anders voor rijken met en verfijnde stijl. Voor machtige mannen die met hun beslissingen de staat besturen zullen woningen worden neergezet in overeenstemming met hun behoeften. Kortom, de uitvoering van de bouwerken moet zijn aangepast aan alle klassen van bewoners
 

 

De Romeinen klik hier

 

Footer worldwidebase



uw eigen startpagina


copyright WorldwideBase 2005-2009