| |
De grutto of limosa limosa
Trekvogel
van maart tot oktober. Met zijn lange, rechte snavel en lange poten lijkt
het silhouet van de grutto (en ook de daarmee vergelijkbare rosse grutto)
op dat van de zwarte ruiter. In roestkleurig prachtkleed zijn de mannetjes
ook gemakkelijk te verwisselen met de rosse grutto, maar die is roestbruin
over de hele buik tot aan de staart. In rustkleed is de grutto met de
rechte snavel te onderscheiden van de rosse grutto met de licht gebogen
snavel. Karakteristiek tijdens de vlucht zijn de stevige witte
vleugelbanden, de witte stuit en het brede zwarte uiteinde van de staart.
Verspreiding en woongebied : her en der verbreid in het midden en zuiden
van Europa. Heeft in Nederland een grote verspreiding. Heide, moerassen en
steppen zijn de oorspronkelijke biotoop. Bij ons ook op weinig gebruikte
vochtige weilanden. Voortplanting : de vier olijfgroene tot bruine eieren
met bruine vlekken, worden in april, mei gelegd en door de beide partners
in 22-24 dagen uitgebroed. De jongen kunnen na een goeie maand vliegen.
Voedsel : bodemdieren en plantenzaden. |
|
|
|
|
|
|