Dit is één van de
kleinste passiebloemvlinders. Zijn verspreidingsgebied strekt
zich uit van Mexico tot aan het Amazonegebied. Vrouwtjes leggen
de eieren in groepjes van twintig tot vijftig stuks, op de
groeitoppen van hun waardplant, de Passiflora auriculata. De
rupsjes eten eerst de malse jonge blaadjes en als ze wat groter
zijn ook de oudere bladeren. De rupsen uit een legsel vervellen
vrijwel tegelijk. De vlinder houdt zich op bij tropische
regenwouden. Aan de randen van die bossen groeit de waardplant.
Omdat die passiflorabloem telkens in kleine gebieden groeit, is
ook het voorkomen van de vlinder zeer lokaal. Hij is echter niet
zeldzaam. De vlinder kan zeer hoge leeftijden bereiken.