header landen en staten

Totaal bezoekers:
Totaal pagevieuws:
Online bezoekers:
 
 
 
   


 maak van deze website uw startpagina !

WorldwideBase
Alle wwbase pagina's

 

Honduras

 

Terug naar overzicht Noord-Amerika >>

 

 

Honduras (officieel: República de Honduras), republiek in Midden-Amerika, 112.088 km2, met (schatting 1995) 5.493.000 inw. (49 inw. per km2); hoofdstad: Tegucigalpa. Tot Honduras behoren de Islas de La Bahía in de Caribische Zee; de grootste zijn Roatán, Utila en Guanaja. Honduras maakt aanspraak op de Noord-Amerikaanse Swan-eilanden (Islas del Cisne) in de Atlantische Oceaan en op enige eilandjes in de Golf van Fonseca.

Munteenheid is de lempira, onderverdeeld in 100 centavos. De nationale feestdag is 15 september, Onafhankelijkheidsdag.

1. Fysische geografie
Honduras heeft een zeer bergachtig reliëf; vlak zijn alleen de Atlantische kustvlakte, de vrij smalle kustvlakte rond de Golf van Fonseca en enige bekkens in het Centrale Bergland. In het noorden zijn de bergruggen overwegend zuidwest-noordoost georiënteerd. De Midden-Amerikaanse Cordillera bereikt in het westen en zuiden haar grootste hoogte (tot 2800 m). Vele zijruggen sluiten tamelijk grote valleien in; het grote maar ondiepe Yojoameer is in een dergelijke vallei gelegen. Het noordoostelijke Mosquitia-gebied is heuvelachtig laagland met een sterk gelede lagunekust (Laguna de Caratasca). De belangrijkste rivieren in het noorden, de Río Chamelecón en de Río Ulúa, stromen naar de Golf van Honduras. De Río Aguán, Río Tinto, Río Patuca en Río Coco of Río Segovia (grensrivier met Nicaragua) monden alle uit in de Atlantische Oceaan.

2. Bevolking

De bevolking is vooral geconcentreerd in het noordwesten en het zuidelijke kustgebied; het oostelijk deel is zeer dun bevolkt. Naar schatting bestaat de bevolking voor 90% uit mestiezen, 7% is Indiaans (van Maya-afkomst), 2% bestaat uit negers en mulatten en 5% is blank. De jaarlijkse bevolkingstoename is hoog: in 1993 3,2%; de sterfte van kinderen jonger dan één jaar bedraagt 45‰. Ruim 45% van de bevolking is jonger dan 15 jaar; de levensverwachting bij geboorte is 66 jaar. In 1995 woonde 46% van de bevolking in steden; de grootste steden waren in 1994 Tegucigalpa (670.000 inw.), San Pedro Sula (326.000 inw.) en La Ceiba (77.000 inw.). De officiële taal is Spaans. Veel Indianen spreken hun eigen taal. De overheersende religie is het rooms-katholicisme (95%); een kleine minderheid van de bevolking is protestant (vnl. methodistisch).

3. Bestuur en samenleving

3.1 Staatsinrichting
Volgens de grondwet van 1981 is de wetgevende macht in handen van de Nationale Vergadering (Asamble Nacional), waarvan de 148 leden elke vier jaar direct worden gekozen. De uitvoerende macht berust bij het staatshoofd, de president, die eveneens rechtstreeks voor vier jaar wordt gekozen. De grondwet garandeert weliswaar grond- en mensenrechten, maar in de praktijk komt het steeds weer tot schendingen van die rechten door het leger, dat nog steeds de belangrijkste machtsfactor in het land is.
3.2 Administratieve indeling
Honduras is administratief verdeeld in 18 departementen en 30 districten plus het Distrito Central, de hoofdstad Tegucigalpa omvattende, en voorts in 280 gemeenten. De departementen staan onder bestuur van een door de president benoemde gouverneur; de gemeenten hebben een autonoom gekozen bestuur.
3.3 Lidmaatschap van internationale organisaties
Honduras is lid van de Verenigde Naties en een aantal van haar suborganisaties, de Organisatie van Amerikaanse Staten (OAS), de Unie van Bananenexporterende landen (UPEB) en van het Latijns-Amerikaanse Economische Systeem (SELA).
3.4 Partij- en vakbondswezen
De belangrijkste politieke partijen zijn de in 1891 opgerichte Partido Liberal de Honduras (PLH, de 'Roden'), sterk steunend op de stedelijke bevolking en de vakbonden, en de Partido Nacional (PN, de 'Blauwen', opgericht in 1923), conservatief en steunend op de militairen. Voorts zijn er de Partido Demócrata Cristiano (PDC) en de in 1970 opgerichte Partido de Inovación y Unidad (PINU). De grootste vakcentrale is de Confederación de Trabajadores de Honduras (CTH). De boeren zijn verenigd in het Frente Unidad Nacional Campesino de Honduras (FUNACAMH).

4. Economie
De economie is vnl. gebaseerd op de productie, verwerking en uitvoer van landbouwproducten (m.n. koffie en bananen). Het aandeel van de verschillende sectoren in het bruto nationaal product was in 1994: landbouw: 20%; industrie: 32% en handel en diensten: 48%. Van de economisch actieve bevolking is 53% werkzaam in de landbouw, 21% in de industrie en 36% in handel en diensten. De economische groei stagneerde in de jaren tachtig, maar liep in de periode van 1984 tot 1994 op van 2,8 tot 3,8%. Gemiddeld groeide de economie in de jaren tachtig met slechts 1,7% per jaar; per hoofd van de bevolking betekende dit een daling van het bruto binnenlands product tussen 1981 en 1989 met 12%. Door de vaste wisselkoers met de dollar bleef de inflatie in de jaren tachtig beperkt tot gemiddeld 5% per jaar, om van 1985 tot 1994 op te lopen tot 12,5%. Veel bedrijven zijn in buitenlandse (m.n. Noord-Amerikaanse) handen.
4.1 Landbouw
Van het totale landoppervlak is ca. 15% in gebruik voor de verbouw van gewassen, 30% is weidegrond en 30% is met bos bedekt. Bananen en koffie zijn de belangrijkste exportproducten. De bananenplantages (noordelijk kustgebied) zijn grotendeels in Noord-Amerikaanse handen. Koffie wordt vooral verbouwd in kleine bedrijfjes in het westelijke bergland. Andere belangrijke producten zijn suikerriet, maïs en rijst (in de zuidelijke kustgebieden). De zelfvoorzieningslandbouw speelt een niet onbelangrijke rol. Een van de grootste problemen in de landbouw is de extreem ongelijke verdeling van de grond: slechts 660 grootgrondbezitters bezitten 27% van de landbouwgrond, terwijl 120!000 kleine boeren (67% van de agrarische bevolking) over slechts 12% van de landbouwgrond beschikken. Bijna de helft van de boerenbedrijven is kleiner dan 3,5 ha. Rundveehouderij (vooral in de zuidelijke departementen Olancho en Choluteca) voorziet in de binnenlandse vraag naar vlees en maakt bovendien export mogelijk. De ontoegankelijkheid van het grote bos-areaal (sinds 1974 genationaliseerd) maakt exploitatie erg moeilijk; voor de export is vooral Amerikaans grenenhout van belang. De visserij (garnalen en kreeften) is in opkomst (noordkust en Bahía-eilanden).
4.2 Mijnbouw
Winning van delfstoffen is van ondergeschikt belang: lood, zink en zilver zijn vnl. bestemd voor de export. De mijnbouw is vrijwel geheel in Noord-Amerikaanse handen. De productie van elektriciteit (75% waterkracht) is grotendeels in handen van de overheid.
4.3 Industrie
Van de Centraal-Amerikaanse landen heeft Honduras de minst ontwikkelde industrie. De belangrijkste vestigingen zijn in Tegucigalpa (voedingsmiddelen, textiel, schoenen) en San Pedro Sula (metaalindustrie, consumptiegoederen uit hout, suiker); de enige aardolieraffinaderij staat in Puerto Cortés.
4.4 Handel
De uitvoer bestaat voor ruim 70% uit landbouwproducten, waarvan vooral de prijsschommelingen van koffie en bananen (1993: 59,5%) het land steeds weer voor grote financieringsproblemen stellen. De handelsbalans vertoont een chronisch tekort. Na koffie en bananen zijn hout, vlees en schaaldieren de belangrijkste exportproducten. Ingevoerd worden vooral grondstoffen, brandstoffen (olie), halffabrikaten en machines. De belangrijkste handelspartner zijn de Verenigde Staten; Puerto Cortés is een vrijhandelszone.
4.5 Bankwezen
Sinds 1950 is de Banco Central de Honduras de centrale bank. Tegucigalpa is de zetel van de Centraal-Amerikaanse Bank voor Economische Integratie (BCIE). Er zijn vier ontwikkelingsbanken en talrijke zakenbanken, waaronder twee buitenlandse.
4.6 Economische plannen
Het Plan voor Nationale Ontwikkeling uit het begin van de jaren negentig richtte de aandacht vooral op de infrastructuur (transport en energie), land- en bosbouw en sociale voorzieningen. Het heeft een voorname plaats aan de industriële ontwikkeling toegekend en aan de beteugeling van de openbare financiën. Honduras is voor de financiering van deze plannen in sterke mate afhankelijk van internationale financiële steun (Wereldbank, IMF). Mede hierdoor is de schuldenlast aan het buitenland zeer groot (1994: $ 4418 miljoen).
4.7. Verkeer
Het bergachtige karakter van Honduras veroorzaakt ernstige transportproblemen. Het vliegverkeer is transportmiddel voor personen- en vrachtvervoer. Naast de internationale luchthavens (Tegucigalpa, Roátan, San Pedro Sula, La Ceiba) zijn er nog 34 vliegvelden en vele kleine landingsstrips. Het wegennet (ca. 18.800 km) is slechts voor 2400 km geasfalteerd. De belangrijkste wegverbindingen zijn de 240 km lange Carretera Panamericana in het zuidelijke kustgebied (verbinding met El Salvador en Nicaragua) en de weg van Puerto Cortés, via Tegucigalpa naar San Lorenzo. Er is (afgezien van de bananenlijntjes) bijna 1000 km spoorlijn. De belangrijkste zeehaven is Puerto Cortés; andere havens zijn San Lorenzo en de nieuwe diepzeehaven El Henecán.

5. Geschiedenis
5.1 Tot 1971
Honduras werd vóór de Spaanse 'conquista' door Pipilvolken en Maya bewoond. Het land werd in 1502 ontdekt door Christophorus Columbus en in 1523 veroverd door Cristobal de Olid, na hevige strijd met de Indiaanse aanvoerder Lempira. Het werd door Hernán Cortés bij zijn vice-koninkrijk Mexico ingelijfd (1525) en kende weinig ontwikkeling ten gevolge van de door zeerovers en Indianen veroorzaakte onveiligheid. Met de andere landen van Centraal-Amerika verjoeg het de Spanjaarden (1821), sloot zich aan bij Mexico (1822) en maakte zich ervan los (1823). Bij het uiteenvallen van de Centraalamerikaanse Unie (1839) werd het pas zelfstandig, hoewel het later opnieuw voor korte tijd deelstaat werd (1895-1898, 1921-1922).
In zijn chaotisch bestaan kende het land nog de meeste stabiliteit tijdens het bewind van de presidenten Soto (1876-1883), Bográn (1883-1891) en Bonilla (1894-1899, 1903-1908, 1912-1914). Van 1932 tot 1949 regeerde generaal Tiburcio Carías Andino als president-dictator. President Julio Lozano Díaz volgde Juan Manuel Gálvez (1949-1954) op, schafte de Grondwet af, richtte nieuwe ministeries, o.a. een ministerie van Arbeid, op, voerde vrouwenkiesrecht in (1955) en legde een geschil met Nicaragua bij (1956). Na de verkiezingen in okt. van dat jaar werd hij opgevolgd door González, die na enkele dagen door een militaire junta werd afgezet. De verkiezingsoverwinning van de liberalen bracht hun kandidaat Villeda Morales aan het bewind (1957). In okt. 1963 werd ook hij door een militaire staatsgreep afgezet. Na een militair overgangsbewind werd 5 juni 1965 de constitutionele regering hersteld met de installatie van president López Arellano van de conservatieve Partido Nacional. De onevenwichtige economische politiek van de in 1962 opgerichte Centraalamerikaanse Gemeenschappelijke Markt (MCCA; in 1970 schortte Honduras zijn actieve deelneming aan de organisatie op) leidde tot spanningen die zich medio 1969 ontlaadden in de voetbaloorlog tussen Honduras en El Salvador, die ruim 20!000 slachtoffers eiste. Directe aanleiding tot het conflict was een voetbalwedstrijd tussen beide landen; oorzaak was veeleer de massale illegale immigratie van inwoners uit het overbevolkte El Salvador.
5.2 Na 1971
De Partido Nacional won ook de presidents- en parlementsverkiezingen van maart 1971; president werd Ramon Ernesto Cruz. De bevoorrechte positie van de Amerikaanse bananenmaatschappijen (Standard Fruit, Delmonte, United Brand's) leidde in het voorjaar van 1972 tot boerenopstanden, die door politie en leger bloedig werden onderdrukt. In dec. 1972 werd Ernesto Cruz ten val gebracht door zijn voorganger López Arellano, die daarna opnieuw president werd.
Nadat Honduras in sept. 1974 was getroffen door een orkaan, die 10.000 doden eiste en honderdduizenden dakloos maakte, ontstond door de gebrekkige hulpverlening opnieuw grote onrust onder de boerenbevolking. In april 1975 werd López Arellano, beschuldigd van corruptie, bij een militaire staatsgreep afgezet; hij werd opgevolgd door kolonel J. Melgar Castro. Pogingen tot beperkte landhervormingen stuitten af op de felle oppositie van grootgrondbezitters en het leger. In 1977 werden veel progressieve krachten uit het leger, de vakbonden en de regering verwijderd. Deze verschuiving naar rechts werd in aug. 1978 afgerond met een staatsgreep die een junta onder leiding van generaal Policarpo Paz García aan de macht bracht. De overwinning van de sandinisten in het buurland Nicaragua (juni 1979) ondermijn
de de positie van het nieuwe bewind in ernstige mate.
Na de verkiezing van de liberale president R. Suazo Córdova (1981) keerde Honduras terug tot het parlementaire stelsel. Van 1982 tot 1990 gebruikten de Verenigde Staten Honduras voor het opleiden van militairen die ingezet werden in de strijd tegen de sandinistische regering van Nicaragua. De belasting door duizenden vluchtelingen uit El Salvador en Nicaragua werd in dezelfde periode van jaar tot jaar erger. In 1989 werd Rafael Callejas van de Nationale Partij met een krappe meerderheid tot president gekozen. In 1992 werd de in de jaren zestig in gang gezette herverdeling van grond onder landloze boeren stilgelegd.
Eind jan. 1994 werd Carlos Reina, de winnaar van de presidentsverkiezingen van nov. 1993, beëdigd als staatshoofd. Hij kondigde maatregelen aan om de corruptie in het overheidsapparaat te bestrijden en de politieke en economische macht van de militairen te beperken. In 1995 werd de dienstplicht afgeschaft, ondanks heftige bezwaren van de militaire top. Ook in 1996 bleven de betrekkingen tussen de burgerregering en de militairen gespannen. (foto : Ricardo Maduro, president anno 2004 )

Telefoongids Honduras
Postcodes Honduras

 
   

Poolgebieden



uw eigen startpagina


© copyright WorldwideBase 2005-2009