Primaten, ook
Aapachtigen of Opperdieren, de orde Primates van de Zoogdieren. De
systematiek van de Primaten is nog geen uitgemaakte zaak; de positie van de
Spookdiertjes is omstreden. In deze uitgave worden de Primaten in twee
onderorden, de Halfapen (Prosimii) en Apen (Simiae = Anthropoidea),
verdeeld. In wezen zijn de Aapachtigen weinig gespecialiseerde zoogdieren,
die direct van gemeenschappelijke voorouders van de primitiefste orde, die
van de Insecteneters, af te leiden zijn; de grens tussen Insecteneters en
Primaten is vandaag de dag nauwelijks scherp te trekken.
Primaten zijn verspreid over de tropen van Afrika, Azië en Amerika; buiten
de tropen dringen slechts weinig soorten door in Noord-Afrika, Zuid-Afrika,
het Himalajagebied, Noordoost-China, Korea en Japan. De mens is de enige
kosmopoliet onder de Primaten. Primaten zijn zoolgangers met vijf vingers en
tenen (uitzonderingen daargelaten) en met opponeerbare (tegenover de andere
vingers te stellen) duim en grote teen (het laatste niet bij de mens). De
nagels zijn plat en maar zelden klauwachtig van vorm. Alle Aapachtigen zijn
in het bezit van sleutelbeenderen. Het gezichtsvermogen is goed ontwikkeld
(o.a. kleurenzin en stereoscopisch zien); de hoger ontwikkelde groepen zijn
typische oogdieren (dagdieren), waarbij reuk en gehoor een minder prominente
rol spelen. Bij de Halfapen (ten dele nachtdieren) zijn reuk en gehoor
belangrijker, vooral de reukzin met daaraan gekoppeld het gebruik van
kliersecreties e.d. Primaten zijn over het algemeen alleseters (omnivoren).
Het permanente, omnivore gebit omvat 32–34 elementen (volledige
tandwisseling), uiteraard met uitzonderingen en variatie.
Voedselspecialisten als bladeters (bijv. Slankapen) hebben vaak een
afwijkend gebouwde maag. Het relatieve hersenvolume is groot; ook het aantal
hersenwindingen (zie hersenen) is groot, wat het meest tot uitdrukking komt
bij de hoogst ontwikkelde vormen. Als regel zijn slechts twee borststandige
tepels functioneel. Na een relatief lange draagtijd wordt gewoonlijk één
hulpeloos jong (bij een aantal Halfapen kunnen dat er meer zijn) geboren,
dat gedurende lange tijd (soms zelfs jaren) afhankelijk is. De variatie in
grootte en uiterlijk is enorm (lengte 8–175 cm, van spookdiertje tot
gorilla; gewicht 60 g tot meer dan 200 kg, van muismaki tot gorilla). Vooral
bij de hoger ontwikkelde in sociaal verband levende soorten komen zeer
ingewikkelde gedragspatronen voor. De studie van de Aapachtigen (de
primatologie) is van zeer groot belang voor de mens (in Nederland o.a. in
het TNO-Primatencentrum); primaten bewijzen de mens enorme diensten op het
gebied van medisch en gedragsonderzoek, ruimtevaart, enz. Een adequate
bescherming in het wild, het behoud van het milieu (tropisch regenwoud) en
een planmatige fokkerij onder toezicht van de mens zijn en blijven een
dwingende noodzaak.
Paleontologie
De Primaten zijn misschien reeds tijdens het Krijt uit insectenetende
voorouders ontstaan.
In de paleontologie onderscheidt men binnen de Halfapen drie groepen. De
Plesiadapoidea treden het vroegst op. De soorten wijken van de overige
Halfapen af; zij hadden knaagdierachtige snijtanden. In het Midden-Eoceen
waren zij weer verdwenen. De Lemuroidea vertonen meer primatenkenmerken,
o.a. een opponeerbare duim en platte nagels (uitgezonderd de tweede teen,
die een klauwtje heeft). Deze groep komt nu voor in de tropen van de Oude
Wereld, maar is fossiel ook bekend uit het Paleoceen en Eoceen van Eurazië
en Noord-Amerika. De derde groep, de Tarsioidea, verschijnt in het Paleoceen
en handhaaft zich eveneens tot heden.
Binnen de Apen onderscheidt men de Apen van de Nieuwe Wereld (Platyrrhini)
en de Apen van de Oude Wereld (Catarrhini). Van de geschiedenis van de
eerste groep is weinig bekend. In miocene afzettingen in Argentinië en
Colombia heeft men enkele geslachten gevonden. De geschiedenis van de Apen
van de Oude Wereld evenwel is na te gaan tot in het Oligoceen. Het eerste en
meest primitieve geslacht is Parapithecus, gevonden in oligocene sedimenten
van Egypte. Eveneens in oligocene, maar jongere lagen wordt Aegyptopithecus
aangetroffen. |