Internationalisme is een
relatief modern idee. Strikt genomen betekent het de erkenning dat alle
naties de wereld met elkaar moeten delen en samen moeten werken. Het idee
heeft aan kracht gewonnen doordat nieuwe communicatie-middelen de wereld tot
de proporties van een 'global village' hebben teruggebracht.
De groeiende ongelijkheid
tussen de arme en de rijke landen is in de twintigste eeuw lang schuilgegaan
achter de bloedige confrontaties in Europa en de Koude Oorlog die de wereld
na 1945 in haar greep hield. Met de ineenstorting van het communisme in
Oost-Europa vanaf 1989 kwam aan de Koude Oorlog een einde en moesten de
internationale betrekkingen op geheel nieuwe leest worden geschoeid.
Tegelijkertijd bracht de opkomst van nieuwe economische machten in Zuid-Oost
Azië de gevestigde economische orde in de war.
De aanleiding voor
internationaal optreden is steeds dezelfde gebleven : ziekte, vervuiling en
de snelle bevolkingsgroei in de ontwikkelingslanden doen de schaarste aan
water, huizen, voedsel, werk en onderwijs steeds maar groeien.
Pessimisten voorzien een toenemende instabiliteit, terwijl optimisten
vertrouwen op de gunstige uitwerking van de vrije markt en een groeiend
economisch verkeer tussen arme en rijke landen. |