header landen en staten

Totaal bezoekers:
Totaal pagevieuws:
Online bezoekers:
 
 
 
   


 maak van deze website uw startpagina !

WorldwideBase
Alle wwbase pagina's

 

Ivoorkust

 

Terug naar overzicht Afrika >>

 


 

Ivoorkust (officieel: République de [la] Côte d'Ivoire), republiek in West-Afrika, 322.463 km2, met (schatting 1995) 13,8 miljoen inw. (43 inw. per km2); hoofdstad (sinds 1984): Yammoussoukro. Munteenheid is de CFA-franc, verdeeld in 100 centimes. Nationale feestdag is 7 december. Een presidentieel decreet van 1 jan. 1986 bepaalde dat de Franse versie van de naam van het land nog de enig toegestane benaming is.

Kaart van Ivoorkust bron: CIA world factbook Ivoorkust (http://www.cia.gov/cia/publications/factbook/geos/iv.html)

1. Fysische geografie
Locatie van IvoorkustIvoorkust bestaat uit drie landschappen: a. langs de 550 km lange kust een 3300 km2 grote alluviale vlakte met aan de kust een ten hoogste 35 km brede strook van zandige sedimenten, begrensd door lagunen (Fresco-, Lahou-, Ebrié- en Aby-lagune); b. ten noorden daarvan een plateau, dat langzaam afhelt naar de kust en dat in het noordwesten verheffingen bezit van 1250 tot 1500 m hoogte; het is bedekt met tropisch regenwoud, dat zich over een breedte van 230 km uitstrekt tot 8° N.Br. (60!000 km2); c. ten noorden daarvan tot aan de noordgrens savannen, met oeverwouden langs de rivieren. De vier rivieren: de Cavally, Sassandra, Bandama en Comoé, lopen alle noord-zuid, hebben stroomversnellingen en liggen in het droge seizoen bijna droog.
De dierenwereld van Ivoorkust heeft een typisch West-Afrikaans karakter; vooral de fauna van het regenwoud is zeer karakteristiek (apen, duikers, enz.). Ivoorkust beheert een deel van het bekende Mt. Nimba Reserve; driekwart ligt in Guinée en ook een deel in Liberia.
De kustzone heeft de grootste regenval; per jaar: 2 tot 3 m, het woudgebied 1,35 m, de savannen 0,6 m tot 1,35 m. Abidjan heeft een gemiddelde temperatuur van 25°C, met schommelingen minder dan 3 °C; meer landinwaarts is de gemiddelde temperatuur hoger, maar de schommelingen zijn groter, tot 20 °C. De grote regentijd is van mei tot en met juli, tijdens de zuidwestmoesson; tijdens de noordoostmoesson (jan.-febr.) valt er minder regen.

2. Bevolking
2.1 Samenstelling en spreiding
De autochtone bevolking bestaat uit meer dan zestig etnische groeperingen, die in vier grote cultuurgroepen kunnen worden ondergebracht: de Akan-volkeren (in het zuidoosten), waartoe de grootste etnische groep van Ivoorkust, de Baule, behoort, evenals de zgn. Lagunenvolkeren langs de zuidkust; de oorspronkelijk van de jacht levende Krau-volkeren (in het zuidwesten), thans landbouwers; de Mandé-volkeren (in het westen en noordwesten), waartoe o.a. de Dan, Malinké, Bambara en de rondtrekkende Dioula behoren; en de Volta-volkeren (in het noorden en noordoosten), waartoe de tweede grote etnische groepering der Senufo (landbouwers) behoort. Voorts wonen er enkele duizenden Europeanen (meest Fransen), Libanezen en Syriërs (vnl. handelaren). De ca. 2 miljoen Afrikaanse gastarbeiders, vnl. uit Boerkina Faso en Mali, hebben in belangrijke mate bijgedragen tot de zeer sterke jaarlijkse bevolkingsgroei van 3,7% (natuurlijke groei: 2,6%). Een ander migratieverschijnsel vormt de snelle verstedelijking: woonde in 1940 nog slechts 6% van de bevolking in steden, in 1992 was dit cijfer gestegen tot 42%. Vooral de grootste twee steden, Abidjan (ca. 2,5 miljoen inw.) en Bouaké (ca. 600!000 inw.) groeien zeer snel. De helft van de bevolking is jonger dan 15 jaar; slechts 11,4% is ouder dan 45 jaar. De gemiddelde levensverwachting bij geboorte bedraagt 56 jaar.
2.2 Taal
De officiële taal is het Frans; de stamtalen en dialecten spelen echter in de dagelijkse omgang de belangrijkste rol. Als handels- en voertaal wordt m.n. het Dioula veel gesproken.
2.3 Religie
De traditionele stamreligies worden door ca. 63% van de bevolking aangehangen; ca. 25% is islamitisch en ca. 12% christen, van wie ruim 8% rooms-katholiek. De Rooms-Katholieke Kerk heeft er een speciale betekenis, daar het grootste deel van de elite rooms-katholiek is.

3. Bestuur en samenleving
Wapen van Ivoorkust3.1 Staatsinrichting
Volgens de grondwet van 1960 berustte de uitvoerende macht exclusief bij de president, bijgestaan door de door hem benoemde ministers, maar in 1990 werd het ambt van minister-president gecreëerd, die de dagelijkse regeringszaken regelt. De president wordt via directe en algemene verkiezingen (stemgerechtigd zijn alle Ivorianen ouder dan 21 jaar) voor vijf jaar gekozen en is herkiesbaar. De wetgevende macht is in handen van de Nationale Vergadering, waarvan de 175 leden eveneens voor vijf jaar worden gekozen. De bevoegdheden van de leden worden beperkt door het vetorecht van de president.
3.2 Administratieve indeling
Bestuurlijk is het land ingedeeld in 49 departementen, elk met een prefect aan het hoofd. Daarnaast is de traditionele dorpsorganisatie blijven bestaan.
3.3 Rechtswezen
De rechtspraak is naar Frans voorbeeld ingericht; daarnaast wordt gewoonterecht gesproken. Het Opperste Gerechtshof in Abidjan kent vier kamers (voor zaken betreffende de Grondwet, het burgerrecht, het administratief recht en de Rekenkamer) en een Hof voor Hoger Beroep.
3.4 Lidmaatschap internationale organisaties
Ivoorkust is lid van de Verenigde Naties en een aantal suborganisaties van de VN, de Organisatie van Afrikaanse Eenheid (OAE), de Entente-Raad, de Economische Gemeenschap van West-Afrikaanse Staten (ECOWAS) en de West-Afrikaanse Economische Gemeenschap (CEAO). Voorts is Ivoorkust geassocieerd lid van de EU (Lomé-conventie).
3.5 Defensie
De strijdkrachten bestaan uit ca. 13!000, de paramilitaire macht uit 7800 manschappen. In Abidjan is een Frans garnizoen van ca. 1000 man gelegerd.
3.6 Sociale en medische voorzieningen
Moderne sociale voorzieningen zijn voor gesalarieerd personeel uitgewerkt in de vorm van arbeidsongevallen- en zwangerschapsverzekering, pensioen- en invaliditeitsuitkeringen, evenals voorzieningen voor weduwen en wezen. In de periode 1960-1974 heeft de overheid veel geïnvesteerd in de gezondheidssector. Twee universiteitsklinieken in Abidjan zorgen voor de opleiding van medisch personeel. In samenwerking met UNICEF zijn intensieve vaccinatie- en genezingsprogramma's opgezet. Slechts eenvijfde deel van de bevolking beschikt over schoon drinkwater. Malaria en gele koorts komen nog vaak voor. De virusziekte aids komt op grote schaal voor. Aan geboorteregeling wordt weinig aandacht besteed. Abortus wordt op grote schaal gepleegd, hoewel het wettelijk verboden is.
3.7 Partij- en vakbondswezen
De enig toegelaten politieke partij tot 1990 was de Parti démocratique de la Côte d'Ivoire (PDCI, 1946), een afdeling van de West-Afrikaanse interterritoriale partij, de Rassemblement démocratique africain (RDA). Tot de belangrijkste oppositiepartijen behoren het Rassemblement des Républicains (RDR) en het Front Populaire Ivoirien (FPI). De grootste vakbond, de Union Générale des Travailleurs de Côte d'Ivoire (1962), is verbonden met de PDCI. Stakingen zijn verboden.
3.8 Onderwijs
Naast het gratis openbare onderwijs neemt het privéonderwijs een belangrijke plaats in. Onderwijs vormt een van de prioriteiten van de regering. Sinds 1983 zijn onderwijzers hun bevoorrechte posities kwijtgeraakt; vaak werken ze naast hun baan in het onderwijs ook als boer of planter. Omdat het gebaseerd is op het Franse onderwijssysteem, sluit het onderwijs in Ivoorkust niet aan bij de behoeften. Abidjan heeft een universiteit, evenals diverse gespecialiseerde onderwijscentra. Ongeveer eenderde deel van de volwassenen kan lezen en schrijven.
3.9 Pers en omroep
Dag- en weekbladen verschijnen in het Frans. De grootste krant, de Fraternité Matin, heeft een oplage van 110!000 exx. Radio en televisie zijn in staatshanden. Er wordt door Radio Télévision Ivoirienne in het Frans, Engels en inheemse talen uitgezonden. Radio Abidjan-Inter is de eerste commerciële zender.

4. Economie
De economie is sterk exportgericht en kenmerkte zich sinds de onafhankelijkheid door een sterke groei. In de periode 1980-1986 was er sprake van een gemiddeld groeipercentage van 3, 6%, dat echter in de jaren tachtig en negentig geheel teniet is gedaan. De inkomensverdeling is namelijk zeer ongelijk, terwijl van een nationale economische ontwikkeling (de zgn. Ivorianisatie) geen sprake is en de economische groei berust op de aanwezigheid van buitenlands kapitaal. Ca. 80% van de bevolking is direct of indirect afhankelijk van de landbouw. De inflatie bedroeg in 1995 nog altijd 10%.
Land- en bosbouwproducten (o.a. onverwerkt mahoniehout, iroko, acajou en azobé) vormen ca. 75% van de totale exportwaarde. Ivoorkust is een van de belangrijkste cacaoproducenten en koffieleveranciers ter wereld. De diversificatiepolitiek heeft geleid tot grootschalige plantageverbouw van gewassen als bananen, katoen, ananas, kokospalm, oliepalm, suikerriet en rubber. Als voedingsgewassen worden aangeplant: yamswortels, maniok, karité, maïs en gierst. Kolanoten groeien in de hele woudzone. Andere producten zijn taro, tabak, rubber, grondnoten en sisal. De veehouderij en de visserij kunnen niet voldoen aan de binnenlandse vraag naar resp. vlees(producten) en vis.
Tweederde van de elektriciteit wordt door waterkracht geleverd (bij Ayamé en Kossou) en het overige door thermische elektriciteitscentrales. De recente ontdekking van aardolie en -gas kan sinds 1995 de binnenlandse behoefte dekken. Vele delfstoffen, zoals ijzer, mangaan, nikkel, goud, chroom, uranium, koper en diamant, zijn aangetoond, maar vrijwel nog niet gewonnen. Nikkel, chroom en kobalt komen voor bij Bouaké, bij Tortiya heeft de illegale jacht op diamant grote vormen aangenomen. Het aandeel van de Ivoriaanse overheid is zeer klein. M.n. buitenlandse investeerders worden aangetrokken. De exportgerichte industrie is voornamelijk rond Abidjan geconcentreerd. Meer dan de helft van de industriële productie bestaat uit verwerking van landbouwproducten. Vooral de textiel- en de voedingsindustrie lopen voorspoedig. Door de neergang van de internationale conjunctuur ondervond m.n. de suikerindustrie grote problemen. Ivoorkust bezet de eerste plaats in de regio op het gebied van de informatica. De belangrijkste handelspartners zijn Frankrijk, Nigeria, Duitsland, Nederland, Japan en de Verenigde Staten. Andere importgoederen zijn motorrijtuigen, aardolie, elektrische apparaten en melkproducten. De belangrijkste internationale financiële instellingen voor Ivoorkust zijn de Wereldbank, het Europees Ontwikkelingsfonds van de EG en de Afrikaanse Ontwikkelingsbank. Hulp wordt vooral gegeven aan de landbouw (rijstcultuur en veeteelt), de ontwikkeling van de industrie en in wetenschappelijk onderzoek. Kenmerkend voor de sterke afhankelijkheid van Frankrijk is het feit dat de centrale bank, de Banque Centrale des États de l'Afrique de l'Ouest, in Dakar gevestigd is met een bijkantoor in Abidjan. Een goed ontwikkeld wegennet (vooral in noord-zuidrichting) beslaat een totale lengte van 55!000 km (5300 km geasfalteerd). De enige spoorlijn (1177 km) loopt van Abidjan naar Ouagadougou in Boven-Volta. Naast Abidjan is San Pedro een haven van betekenis. Air Ivoire verzorgt binnenlandse luchtverbindingen; Abidjan, Yammoussoukro en Bouaké beschikken over internationale luchthavens. Eerstgenoemde is de grootste van Franssprekend Afrika en de thuishaven van Air Afrique, de gezamenlijke luchtvaartmaatschappij van een aantal West-Afrikaanse landen.

5. Geschiedenis
Ivoorkust werd in de 15de eeuw gekoloniseerd door de Portugezen. Zij handelden vooral in ivoor en slaven. In het begin van de 18de eeuw hebben Fransen tijdelijk nederzettingen gehad te Assinie en Grand Bassam. In de 19de eeuw begon de meer permanente Franse vestiging. Assinie en Grand Bassam werden in 1843 bezet door Bouët Willaumez. Geleidelijk breidde de Franse invloed zich uit, vooral door toedoen van kapitein Binger. In 1893 werd Binger tot gouverneur van de toen van Senegal gescheiden kolonie Ivoorkust benoemd. De grenzen met Liberia en Goudkust (Ghana [aardrijkskunde]) werden resp. in 1892 en 1893 vastgelegd. De pacificatie was in 1906 voltooid. Ivoorkust maakte deel uit van Frans West-Afrika. Na de Tweede Wereldoorlog had de politieke beweging Rassemblement Democratique Africain (RDA) er veel invloed. Op 7 aug. 1960 werd Ivoorkust onafhankelijk. President werd een van de voormannen van het RDA, F. Houphouët-Boigny. Het land bleef nauwe banden met Frankrijk onderhouden. Steunend op de Parti Démocratique de la Côte d'Ivoire (PDCI) maakte Houphouët-Boigny het land tot een eenpartijstaat, met behoud van de hiërarchie in de etnische groeperingen die in het regeringssysteem is ingebouwd. Ivoorkust richtte zich in zijn economische politiek op de westerse industriestaten, wat leidde tot o.m. overeenkomsten met het Internationaal Monetair Fonds (IMF) en de OESO-landen over bijstandskredieten en financiële leningen. Afgezien van studentenonrusten in 1969 verliep de politieke ontwikkeling in het land zelf, in vergelijking met andere Afrikaanse landen, in de jaren zeventig relatief rustig. Maar groeiende kritiek onder de bevolking tegen de toenemende bureaucratie leidde in 1980 tot grote wijzigingen in de top van de PDCI. In 1983 werden grote stakingen met geweld onderdrukt. President Houphouët-Boigny, in 1985 herkozen, werd van verschillende kanten bekritiseerd om zijn verkwistend beleid ten aanzien van de nieuwe hoofdstad Yammoussoukro, m.n. in verband met de bouw van de rooms-katholieke basilica Onze Lieve Vrouw van de Vrede (een exacte kopie van de Sint-Pieter te Rome).
In 1990 zette de president een stap in de richting van een pluralistische politiek met de invoering van het ambt van minister-president. Deze moet in de toekomst een deel van de macht van de president overnemen. In hetzelfde jaar begon Houphouët aan zijn zevende regeerperiode. Voor het eerst namen in dat jaar twee oppositiepartijen in het parlement plaats, het Front populaire ivoirien (FPI) en de Parti ivoirien des travailleurs (samen 5% van de zetels). Er bleef echter politieke onrust.
In dec. 1993 overleed president Houphouët-Boigny. Hij werd opgevolgd door Henri Konan Bédié. De economische crisis waarin het land verkeerde, veroorzaakte een groeiend ressentiment tegen buitenlanders, dat zich o.a. uitte in een reeks maatregelen tegen immigranten, waardoor ook de spanningen tussen christenen en moslims opliepen.
In 1995 behaalde Bédié bij de presidentsverkiezingen, die werden geboycot door de twee belangrijkste oppositiepartijen, een absolute meerderheid. Ook bij de parlementsverkiezingen in hetzelfde jaar behield de regeringspartij PDCI een overgrote meerderheid. Amnesty International rapporteerde in 1996 dat Bédié in twee jaar tijd meer tegenstanders gevangen had gezet dan Houphouët-Boigny in 33 jaar.

 
   

Poolgebieden



uw eigen startpagina


© copyright WorldwideBase 2005-2009