Mensen
gingen iets na 10.000 jaar voor Christus pogingen ondernemen om
de wereld waarin zij leefden te beheersen door landbouw. Het nam
duizenden jaren in beslag voordat zij minder afhankelijk werden van de
jacht of van wat ze aan voedsel bijeen scharrelden. Ze konden gaan
rekenen op dieren die ze hadden gedomesticeerd en op de gewassen die ze
hadden gezaaid. Door de overvloedige opbrengst van de landbouw, groeiden
kleine gemeenschappen uit tot steden. Het is onduidelijk waarom mensen
tot deze levensstijl overgingen. Het blijft gissen naar de redenen
waarom ze schapen gingen hoeden of graan gingen verbouwen. Maar wat de
redenen ook waren, er was geen weg meer terug. Het verbouwen bracht meer
voedsel op dan jagen en scharrelen, zodat men meer kinderen groot kon
brengen. En omdat er meer kinderen kwamen, was er opnieuw meer voedsel
nodig. Met de ontwikkeling van de landbouw ontdekte de mens voor het
eerst de macht van technologie om het leven te veranderen. De eerste
mensen die boeren werden, leefden in grote, zonnige, waterrijke gebieden
in het Midden-Oosten, de Vruchtbare Halvemaan genaamd (nu Iran, Irak,
Turkije, Syrië, Libanon, Israël, Jordanië en Egypte). Hier deden
gewassen en vee het erg goed. Maar het verhaal over de opkomst van de
landbouw herhaalde zich ook elders, overal ter wereld. Mensen vonden
onafhankelijk van elkaar landbouw uit, van China tot Zuid-Amerika. Het
begin kan zijn geweest dat men opmerkte dat graankorrels ontkiemden of
omdat het opviel dat schapen graag in kudden leefden en gemakkelijk in
bedwang te houden waren.
Ongeveer 6.000 jaar voor Christus ontdekten mensen dat tarwe en gerst
het beste te verbouwen waren en dat varkens, koeien en schapen hen
voorzagen van vlees, melk, leer en wol. Later werden ossen gebruikt voor
het trekken van de ploegen. Mensen speelden in op de seizoenen, door op
de juiste tijd te zaaien en door in droge gebieden opgespaard regenwater
over de velden te sproeien. Ze maakten ook graanschuren waarin oogsten
bewaard bleven.
Op deze manier werd zo'n 8.000 jaar lang geboerd. Toen traden er door de
opkomst van de wetenschap veranderingen op. Er kwamen nieuwe methoden,
waardoor er minder mensen in de landbouw nodig waren. In de laatste eeuw
zijn deze veranderingen sterk toegenomen. Landbouwmachines, kunstmest en
bestrijdingsmiddelen geven een totaal nieuw gezicht aan een manier van
leven die begon in het Stenen Tijdperk. |
|
|
|
|
|