header vogels

Totaal bezoekers:
Totaal pagevieuws:
Online bezoekers:
 
 
 
   


 maak van deze website uw startpagina !

WorldwideBase
Alle wwbase pagina's

 

Koolmees

 
   
  De koolmees of parus major
Vanwege zijn voorliefde voor het bewonen van nestkasten is de koolmees één van de best onderzochte vogelsoorten. Door een gebied vol met nestkasten te hangen, is het broedproces van een hele populatie koolmezen goed te volgen. Natuurlijke nestholtes in bomen zijn in tuinen zeldzamer dan in bossen. Mezenkasten maken daarom een grote kans in gebruik te worden genomen door enkele van de koolmezen die regelmatig uw voedertafel komen bezoeken gedurende de winter.
Kenmerken
Het forse formaat, de witte wangen en de zwarte bef zijn de beste herkenningsgegevens. U kunt het vrouwtje gemakkelijk herkennen door haar smalle zwarte 'stropdas' en het minder glimmende verenpak. Als u het verschil eenmaal kent, zult u ontdekken dat de mannetjes de baas zijn op de voederplaatsen. Lengte is 14 cm.
Voedsel
Het wintervoedsel van de koolmezen bestaat uit grote boomzaden, beukennootjes en hazelnoten. Koolmezen zijn niet zulke behendige buitelaars als andere mezensoorten en zij fourageren dan ook vaak op de grond. Het zomervoedsel bestaat uit insecten, vooral langsnuittorren, maar ook spinnen.
Wintervoedering
Pinda's, zaden, bonen en vet.
Nest
Het vrouwtje bouwt een nest van mos in een boomholte, een gat in een muur of een nestkast en bekleed het met haar. Hoe lang de jongen na het uitvliegen nog gevoerd worden, hangt af van het feit of er nog een nieuw legsel komt, hetgeen echter lang niet altijd het geval is.
Broedgegevens
Maanden april tot juli - één tot twee legsels - vijf tot twaalf roodgestippelde, witte eieren - broedtijd : 13-14 dagen, door het vrouwtje - vliegvlug : 18-20 dagen; één tot twee weken later zelfstandig.
 
   

Footer worldwidebase



uw eigen startpagina


© copyright WorldwideBase 2005-2009