| |
Ongeveer
100 jaar voor Christus
Het tongewelf, een tunnelvormige
constructie gemaakt van een serie bogen, kon gebruikt worden voor
gebouwen van iedere lengte. Maar het nadeel was dat de muren alleen
kleine openingen konden bevatten. Grotere openingen zorgden voor
instortingsgevaar. De Romeinen, de meesters van de boog, vonden een
oplossing. Ze maakten van iedere opening het begin van een nieuw
tongewelf. Op deze manier konden ze gebouwen van iedere omvang maken
uit een reeks gewelven die elkaar kruisten en zo afzonderlijke
kruisgewelven vormden.
|
|
|
|
|
|