header landen en staten

Totaal bezoekers:
Totaal pagevieuws:
Online bezoekers:
 
 
 
   


 maak van deze website uw startpagina !

WorldwideBase
Alle wwbase pagina's

 

NamibiŽ

 

Terug naar overzicht Afrika >>

 


 

NamibiŽ (officieel: Namibia), republiek in Zuidwest-Afrika, sinds 21 maart 1990 onafhankelijk, 824.292 km2 (inclusief de enclave Walvisbaai, die sinds maart 1994 bij NamibiŽ hoort), met (schatting) 1,594 miljoen inw. (1,9 per km2); hoofdstad: Windhoek. Munteenheid is de Namibische dollar verdeeld in 100 cents. De dollar is evenveel waard als 1 rand. Nationale feestdag is 21 maart, Onafhankelijkheidsdag.

 

1. Fysische geografie
Het gebied omvat drie hoofdlandschappen: a. de langs de kust gelegen Namibwoestijn; b. in het binnenland een van noord naar zuid langgerekt plateau met toppen van boven 2000 m; c. in het westen een vanaf het plateau geleidelijk aflopend halfwoestijngebied, een uitloper van de Kalahari. De meeste rivieren voeren slechts tijdelijk water en bereiken de zee niet. De Kunene, grensrivier met Angola, en de Oranjerivier, grensrivier met de Republiek van Zuid-Afrika, hebben het gehele jaar door water. De Nossob, een zijrivier van deze laatste, is de belangrijkste rivier. In het hele land komen bekkens voor die periodiek water bevatten: 'vleis' (zoet water) en 'pannen' (zout water).
Het klimaat is regenarm. Het droogst is de Namibwoestijn. De gemiddelde jaarlijkse neerslag is in het zuiden 150, in het noorden 550 mm. Langs de rivieren lopen smalle galerijwouden. De dierenwereld is vooral die van de woestijn en halfwoestijn. Woestijnelementen zijn o.a. talrijke kevers en andere insecten, slakken, enkele slangen en hagedissen en onder de antilopen o.a. de oryx of gemsbok. In het droge hoogland komt Hartmanns's zebra (een ondersoort van de bergzebra) hier en daar nog voor. De enige plaats ter wereld waar de jachtluipaard nog algemeen voorkomt, is NamibiŽ. Er is voor de onafhankelijkheid een netwerk van reservaten opgezet en tot grote bloei gebracht, o.a. Etosha National Park, met al het grote wild van de savannen.

2. Bevolking
2.1 Samenstelling en spreiding
De grootste bevolkingsgroep is de Ovambo, die bijna de helft van de populatie vormt. 70% van de bevolking woont in het noorden van het land. Hier leven de Ovambo, Kavango, Oost-Caprivi en Kaokovelders. De ca. 20.000 Europeanen (vooral Duitsers) leven op het zuidelijk deel van het plateau, waarop NamibiŽ grotendeels is gelegen. Hier zijn ook de andere etnische groepen te vinden, de Damara, Herero, Nama, Rehobothen en kleurlingen. Afgezien van bewoning bij mijnsteden en havens is de Namibwoestijn onbewoond. In de Kalahariwoestijn leeft nog een klein aantal Bosjesmannen. NamibiŽ is een van de dunst bevolkte landen ter wereld.
2.2 Religie
51% van de NamibiŽrs behoort tot de Evangelisch-Lutherse Kerk, 20% is rooms-katholiek, 6% (blanke Afrikanen) Neder-Duits gereformeerd en 5% anglicaans. De grootste kerk is de Lutherse Kerk met meer dan 400.000 leden. De Rooms-Katholieke Kerk heeft 100.000 leden, overwegend zwarten, de Anglicaanse Kerk 60.000, eveneens vnl. zwarten.
2.3 Taal
OfficiŽle talen zijn Afrikaans, Engels en (sinds 1984) Duits.

3. Bestuur en samenleving
3.1 Staatsinrichting
NamibiŽ werd vanaf 1967 officieel beheerd door de VN-Raad voor NamibiŽ die tot doel had het land naar de onafhankelijkheid te voeren. Het feitelijk bestuur werd echter door Zuid-Afrika uitgeoefend in de persoon van een administrateur-generaal. Sedert 1979 was er een Nationale Assemblťe, waarin de pro-Zuid-Afrikaanse Democratische Turnhalle Alliantie de meerderheid had, maar dit parlement had beperkte bevoegdheden. De Zuid-Afrikaanse regering behield in feite volledige zeggenschap over het buitenlandse beleid, defensie en grondwetszaken. Volgens de nieuwe grondwet, die op de dag van de onafhankelijkheid (21 maart 1990) van kracht werd, is NamibiŽ een republiek waarin de elke vijf jaar gekozen president naast staatshoofd tevens regeringsleider en opperbevelhebber van het leger is. Het parlement bestaat uit twee kamers, de Nationale Vergadering, waarvan de 78 leden door evenredige vertegenwoordiging eens in de vijf jaar worden gekozen, en de Nationale Raad, waarin per geografisch gebied twee afgevaardigden zitting hebben. Zij worden door leden van de regionale raden voor de duur van zes jaar gekozen.
3.2 Administratieve indeling
Bestuurlijk is het land ingedeeld in 13 districten.
3.3 Aansluiting bij internationale organisaties
NamibiŽ maakt deel uit van het Gemenebest. Voorts is het lid van de Verenigde Naties en haar suborganisaties, de Conventie van Lomť, de Organisatie van Afrikaanse Eenheid (OAE), de Wereldbank en het Internationaal Monetair Fonds (IMF). Met de Republiek van Zuid-Afrika, Botswana, Lesotho en Swaziland is NamibiŽ verbonden door middel van een douane-unie (SACU). NamibiŽ is verder lid van de SAdcc (South African Development Coordination Conference).
3.4 Politieke organisatie; partijwezen; vakbonden
De South West African People's Organisation of Namibia (SWAPO) is de belangrijkste politieke partij. Bij verkiezingen voor de Grondwetgevende Vergadering in 1994 won de SWAPO met 53 van de 72 zetels. De SWAPO steunt voor een groot deel op de Ovambo's, de grootste etnische groep. Tweede partij is de Turnhalle Alliantie met 15 zetels, die aanhang heeft onder een aantal etnische groepen, waaronder de blanke. Het Verenigd Democratisch Front (niet te verwarren met het Zuid-Afrikaanse UDF) behaalde 2 zetels bij de laatste verkiezingen.
Sinds 1978 kunnen alle arbeiders zich weer legaal organiseren. Voornaamste vakbeweging is de National Union of Namibian Workers, een overkoepelende organisatie waarvan verschillende aan SWAPO verbonden vakbonden deel uitmaken.

4. Economie
4.1 Algemeen
De economie laat al enkele jaren een gezonde groei zien. De ruggengraat van de economie zijn de delfstoffen, vooral diamant en metaalerts. De landbouw is op de export gericht: het land is zelfvoorzienend en kent een overschot op de handelsbalans.
4.2 Landbouw, veeteelt, visserij en bosbouw
Het aandeel van de landbouw en de visserij in het bnp bedroeg in 1993 14%. 33% van de beroepsbevolking vindt werk in deze sector. De landbouw kent drie sectoren: ongeveer 5000 grote 'ranches' van blanke boeren; ca. 20!000 huishoudens die leven van de veeteelt; zo'n 120!000 zwarte families in het noorden die gemengde bedrijfjes voeren. De voedselvoorziening is goed.
4.3 Energievoorziening
Energieopwekking gebeurt vooral met fossiele brandstoffen. In het noorden, bij Ruacana, tegen de Angolese grens, wordt hydro-elektriciteit geproduceerd. Vooral de mijnen zijn grote energieverbruikers. Zonne-energie biedt op het land uitkomst.
4.4 Mijnbouw
Het aandeel van de mijnbouw, nog steeds de hoeksteen van de economie van NamibiŽ, in het bnp is door ontwikkelingen op de wereldmarkt gedaald van 50% in 1980 tot 30% in 1989. De mijnsector is verantwoordelijk voor 75% van de exportopbrengsten. Naast diamanten en uranium wordt er koper, lood, zink, tin, zilver en cadmium gewonnen. Het politieke klimaat laat nieuwe investeringen toe, zodat weldra nieuwe impulsen in deze essentiŽle sector worden verwacht.
4.5 Industrie
IndustriŽle activiteit is beperkt tot verwerking van vlees en vis en productie van eenvoudige consumptiegoederen als brood, bier en schoeisel. Door de toetreding tot de Conventie van Lomť in 1990 zag NamibiŽ zijn afzetmarkt van rundvlees in Europa enorm toenemen, zodat het uitgroeide tot de tweede exporteur van rundvlees van Afrika (na Botswana). De industrie draagt voor 29% bij aan het bnp; 15% van de beroepsbevolking is erin werkzaam.
4.6 Handel
Het land kent na de crisis van 1979-1984 weer handelsoverschotten (in 1993 600 miljoen N$). Ingevoerd worden machines en voertuigen, levensmiddelen en aardolie(producten) uit vnl. Zuid-Afrika (ook aardolie uit Angola sinds 1990), uitgevoerd vnl. delfstoffen, waarvan 40% uranium en 31% diamanten, voorts ook landbouwproducten, vis- en visproducten. De belangrijkste handelspartner is Zuid-Afrika.
4.7 Ontwikkelingssamenwerking en planning
In 1990 trad NamibiŽ toe tot de Wereldbank, het IMF en de Conventie van Lomť. Ook het lidmaatschap van de SAdcc (zie ß 3.4) moet de economische afhankelijkheid van Zuid-Afrika drastisch terugbrengen. Het toerisme biedt uitstekende perspectieven.
4.8 Bankwezen
Op 1 aug. 1990 trad de Centrale Bank van NamibiŽ in bedrijf.
4.9 Verkeer
Vergeleken met andere Afrikaanse landen beschikt NamibiŽ over een goed uitgebouwde verkeersinfrastructuur, dankzij de Duitse kolonisatie en modernisering door Zuid-Afrika. Er is 41!800 km bestraat, dus berijdbaar in alle seizoenen. De 2350 km spoorwegen hebben geen verbinding met de buurlanden Botswana en Angola, maar zijn van oudsher op Zuid-Afrika gericht. Walvisbaai is de enige diepzeehaven wordt door NamibiŽ en Zuid-Afrika gezamenlijk gebruikt. Windhoek heeft een internationaal vliegveld. Binnenslands bevinden zich nog achttien luchthavens.

5. Geschiedenis
Duitsland eiste het gebied in 1884 voor zich op. In een periode van tien jaar werden de Nama en de Ovambo onderworpen en na twintig jaar de Herero. In de Eerste Wereldoorlog (1915) veroverden Zuid-Afrikaanse troepen dit gebied, dat Zuidwest-Afrika genoemd werd, op de Duitsers. In 1920 kreeg Zuid-Afrika van de Volkenbond het mandaat over het gebied, een mandaat dat volgens de Verenigde Naties na de Tweede Wereldoorlog (net als de andere mandaten) overging in een voogdijschap. De uit blanken bestaande wetgevende raad van Zuidwest-Afrika verzocht in 1946 om inlijving bij Zuid-Afrika. In 1949 kregen hun vertegenwoordigers zitting in het parlement van Zuid-Afrika en werd het beheer van 'Naturelle Sake' ondergebracht op het ministerie in Pretoria. Deze constructie werd door het Internationaal Gerechtshof in 1950 afgewezen: Zuid-Afrika mocht slechts met toestemming van de Verenigde Naties wijziging brengen in de internationale status van het gebied. Kort daarna besloten de Verenigde Naties Zuid-Afrika het mandaat te ontnemen en het tot NamibiŽ omgedoopte gebied in eigen beheer te nemen. Nadat Zuid-Afrika het gebied in 1969 als vijfde provincie had geannexeerd, sprak het Internationaal Gerechtshof in 1971 uit, dat Zuid-Afrika verplicht was onmiddellijk een eind te maken aan de bezetting van het gebied. Eind 1971 kwam het in de Politiezone (zoals het blanke gebied sinds de Duitse koloniale tijd wordt genoemd) tot ernstige arbeidsonlusten. Sindsdien bleef het onrustig. Op grond van de aanbevelingen van het zgn. Odendaal-rapport zouden door Zuid-Afrika in Zuidwest-Afrika twaalf 'nationale' eenheden worden gecreŽerd, die een zekere mate van zelfbestuur zouden krijgen, zoals de zgn. thuislanden in Zuid-Afrika (in totaal 39% van het gebied). In 1973 werd dit voor Ovamboland en Kavangoland gerealiseerd. Door de bevrijdingsbeweging SWAPO werd met steun van Cubaanse soldaten vanuit Angola sedert de jaren zestig een guerrilla gevoerd.
Eind 1978 werden verkiezingen gehouden die door de SWAPO werden geboycot; ze werden door de pro-Zuid-Afrikaanse Democratische Turnhalle Alliantie (DTA) van Dirk Mudge gewonnen. De SWAPO zette echter de guerrillastrijd voort. In 1981 mislukte de in GenŤve gehouden NamibiŽ-conferentie. In de loop van de jaren tachtig vielen Zuid-Afrikaanse legereenheden verschillende keren SWAPO-steunpunten in Angola aan, hetgeen internationaal veel kritiek uitlokte. In 1985 benoemde de zgn. Meerpartijenconferentie een overgangsregering op weg naar onafhankelijkheid. Met het van kracht worden van een wapenstilstand tussen Zuid-Afrika enerzijds en de SWAPO en Cubaanse troepen anderzijds in 1985 benoemde de zgn. Meerpartijenconferentie een overgangsregering op weg naar onafhankelijkheid. De Zuid-Afrikaanse troepen trokken zich uit NamibiŽ terug, de Cubanen uit Angola. Bij de verkiezingen voor een grondwetgevende vergadering eind 1989 won SWAPO 41 van de 72 zetels, ondanks pogingen van de Zuid-Afrikaanse geheime dienst een overwinning van SWAPO te voorkomen. De nieuwe grondwet werd aangenomen en SWAPO-leider Sam Nujoma - zie foto werd tot de eerste president van NamibiŽ gekozen. In jan. 1993 werden de leden van de Nationale Raad (de Eerste Kamer) geÔnstalleerd. De kwestie-Walvisbaai, de enige diepzeehaven aan de Namibische kust, die Zuid-Afrika nog bezet hield, werd in sept. 1993 opgelost, toen Zuid-Afrika liet weten Walvisbaai per 1 maart 1994 aan NamibiŽ te zullen overdragen. Eveneens in september werd de Namibische dollar wettig betaalmiddel in plaats van de Zuid-Afrikaanse rand.
Bij de presidents- en parlementsverkiezingen van dec. 1994 kreeg SWAPO de absolute meerderheid (53 van de 72 zetels) en werd Sam Nujoma herkozen als president. In mei 1996 sloot NamibiŽ een verdrag inzake militaire samenwerking met Rusland, dat voorziet in training van militairen en levering van materieel. Na betogingen van werkloze ex-guerrillastrijders van SWAPO kondigde de regering plannen aan voor de integratie van oud-strijders in de strijdkrachten en de politiemacht.

 
   

Poolgebieden



uw eigen startpagina


© copyright WorldwideBase 2005-2009