Organische
meststof is meststof die bestaat uit dierlijke uitwerpselen of uit
resten van planten en dieren. Zij werken structuurverbeterend (de
grond wordt kruimig), zij houden vocht vast en bevatten
voedingsstoffen. Een teveel aan organische mest werkt verzuring
(zie zure regen) en
waterverontreiniging in de hand.
Aan organische
meststoffen zijn de volgende beschikbaar :
1. Dierlijke mest: goed verteerde stalmest (mest en stro) uit
de rundveehouderij, drijfmest of dunne mest (feces met spoelwater en
urine gecombineerd) en gier; daarnaast van gespecialiseerde
bedrijven: varkens- en kippenmest. Voorts afval uit slachthuizen,
ledermeel, verenmeel, enz., met als voornaamste bloedmeel (12% N),
dat in de groenteteelt onder glas (sla en tomaten bijv.) om zijn
langzame stikstofwerking een veel gebruikte meststof is.
2. Stedelijke afvalstoffen: compost uit stadsvuil (op enkele
plaatsen als zodanig centraal verwerkt, bijv. VAM-compost uit
Drenthe) en uit zuiveringsslib ( ‘zwarte aarde’), afkomstig uit de
rioolwaterzuiveringsinstallaties. De laatste kan een (te) hoog
gehalte aan zware metalen bevatten. Beide zijn tevens rijk aan kalk
en aan diverse spoorelementen.
3. Aardachtig materiaal: slootbagger, terpaarde, boerderij-
en tuinderijcompost, graszoden en speciaal voor de tuinderij:
afgewerkte champignonmest (tevens rijk aan kalk), turfmolm en
zwartveen.
4. Groenbemesting: klavers, lupinen, grassen, die als
hoofdgewas, stoppelgewas of als ondervrucht worden verbouwd, om te
worden ondergeploegd. Zij leveren aanvullend 20–60 kg stikstof per
hectare. |
|
|
|
|
|